Wout VERHOEVEN

Geboortedatum: 30 maart 1931
Geboorteland: Nederland

Wout Verhoeven reken ik al vele jaren tot mijn betere wielervrienden. In de Nederlandse wielrennerij geldt hij als een instituut. Hij was een goede amateurwielrenner, daarna een geweldige mekanieker, een geniale framebouwer en voor iedereen die iets wil weten over het Rotterdamse wielrennen is hij een vraagbaak.
Ik kwam met hem in contact door het boek Wielerhelden van Oranje, de jubileumuitgave van de toen 75-jarige KNWU. Hij was de mentor van Evert Dolman geweest, die ik helaas niks meer kon vragen.
Dolman was in 1964 samen met Gerben Karstens, Jan Pieterse en Bart Zoet goudenmedaillewinnaar honderd kilometer ploegentijdrit en twee jaar later wereldkampioen op de weg bij de amateurs.
Over de selectie voor de spelen van 1964 in Tokyo vertelde hij me dat Dolman wilde naar de spelen wilde, maar dat bondscoach Middelink hem niet zag staan.
Wout zou hem helpen dat doel te bereiken. Er werd een ploegentijdrit georganiseerd waar de selectie van Middelink het moest opnemen tegen een aantal sterke ploegen van wielerverenigingen.
Dolman reed voor De Rotterdamse Leeuw en Wout was zowel ploegleider als mekanieker van de ploeg. Hij reed erachter in zijn 2CV, ofwel een Lelijke Eend. Op het ritme van het tweetakt motortje versloeg De Rotterdamse Leeuw de nationale selectie en aangezien Dolman de motor van die ploeg was, kon Middelink niet om het pas achttienjarige jochie heen.
Anderhalf jaar voor het WK op de Nürburgring had Dollie zich in het hoofd gezet wereldkampioen te worden. Niemand kon zich beter voorbereiden op een koers dan hij. Hij was er dag en nacht mee bezig.
Wout bouwde voor hem een wonderfiets en toen het ding klaar was, haalde hij er nog eens drie kilo aan overtollig gewicht af. Em monteerde zijden bandjes die renners uitsluitend op de baan gebruiken.
Ook al waren de bandjes na afloop volkomen versleten, bleef wonder boven wonder alles heel in een door Dolman gedomineerde race, waarin alles verliep zoals de Rotterdammer zich dat had voorgesteld. De nieuwe wereldkampioen moest zijn ereronde echter rijden op een geleende fiets.
Wout confiskeerde direct de wonderfiets en die werd net zo conscientieus vernietigd als hij was gebouwd. Het was levensgevaarlijk er nog op te fietsen, oordeelde Wout.
Eind jaren veertig, begin jaren vijftig was hij zelf ook een goede wielrenner geweest. Met als hoogtepunt het winnen van de Ronde van Nood-Holland in 1953. Hij had best prof kunnen worden, maar dat zag hij niet zitten. Zijn oudere broer Tonny was beroepsrenner geweest en diens ervaringen bij de betaalde coureurs waren niet bepaald een voorbeeld.
In plaats daarvan begon hij een racespeciaalzaak aan de Rotterdamse Hofdijk en werd hij een van de beste constructeurs van Nederland.
Jaren later begon hij een groothandel in racefietsen en race-onderdelen. Daarmee was hij onder andere importeur van de Italiaanse Gios raceframes. Tot op hoge leeftijd bezocht hij zijn klanten, terwijl zijn dochter, de vrouw van Barend Huveneers, de administratie deed.
Vandaag wordt Wout 85 jaar, een kroonjaar, waarmee ik hem van harte feliciteer. Hij zal dit niet lezen, want hij is niet zo van de computers. Ik ga hem daarom straks maar even bellen.

30-03-2016