Theo VERSCHUEREN

Geboortedatum: 27 januari 1943
Geboorteland: België

Ik moet voor vandaag mijn toevlucht weer eens zoeken bij de heiligenkalender, want er is vandaag geen renner jarig waar ik genoeg van weet voor een stukkie. Op die kalender heb ik meestal keus te over en zo kwam ik bij Theodorus Tiro uit, een Romeinse soldaat die de christelijke leer aanhing.
Dat werd bij de Romeinen niet getolereerd en de legerleiders eisten van Theodorus dat hij de Romeinse goden moest eren, maar dat weigerde hij. Dat moest hij in 306 na Christus met de dood bekopen, na afschuwelijke martelingen te hebben ondergaan. Sinds zijn heiligverklaring is Theodorus Tiro de patroon de beschermheilige van de soldaten.
Een soldaat kun je Theo Verschueren, geboren op 27 januari 1943 niet noemen, wel dat hij ooit als een soldaat is gedrild door Hitler himself. ‘Hitler’ was de bijnaam van Cesar Bogaert, een profrenner van voor de Tweede Wereldoorlog. D’n Cesaar was er een van Sint Janssteen op Zeeuws Vlaanderen, het dorp waar Theo Verschueren het levenslicht zag en opgroeide.
Bogaert was keihard voor de jonge Theo en de in Nederland geboren Belg was op weg een goed wegrenner te worden tot hij op de training, verblind door zonlicht, onder een vrachtwagen schoof, waar hij allerlei lichamelijk leed aan overhield. Een carrière als wegrenner kon hij vergeten en zo ging Theo naar d’n piest.
Hij werd een goede zesdaagsenrenner en was twee keer wereldkampioen stayeren, maar in Nederland herinneren we ons Theo toch vooral vanwege de adembenemende duels die hij achter de derny uitvocht met Peter Post. Post was in zijn gloriejaren achter dat brommertje niet te kloppen en de enige renner die enigszins bij hem in de buurt kon blijven was Theo.
Toen in het Sportpaleis van Antwerpen in 1970 het Europees kampioenschap achter derny’s weer eens op het programma stond, ging Theo er niet vanuit dat hij ook maar enige kans zou maken. Post zou wel weer winnen, was zijn verwachting en die van de pers en het publiek.
Niet wetend dat De Keizer diep gebukt ging onder een zeer pijnlijke zitvlakblessure. Het was onverantwoord om er mee te rijden, maar Peter spotte wel vaker met zijn gezondheid waarbij hij er steeds zorgvuldig voor waakte dat ook maar iemand iets zou merken van zijn lijden.
Op de avond van 27 januari hoopte Verschueren wel zijn 27ste verjaardag luister bij te zetten met het kampioenschap, maar er echt in geloven deed hij niet. Tot een uur voor de wedstrijd plotseling Piet Libregts, de verzorger van Post zijn cabine binnenstapte met het verzoek het wat kalm aan te doen.
Hij hoorde dat zijn grote opponent op dat moment in zijn cabine lag te kronkelen van de pijn, en absoluut niet in staat zou zijn om hem partij te geven. Het verzoek was dan ook niet om Post te laten winnen, maar hem niet te vernederen door hem op vele ronden te rijden.
Verschueren dacht aan de vele keren dat Post hem vernederd had en weigerde ook maar enige clementie te hebben. Hij zag het al voor zich, Europees kampioen worden en dan door zijn vele supporters in het sportpaleis op zijn verjaardag rondgehost te worden. “Nee Piet, zeg maar tegen Peter dat hij op geen medelijden hoeft te rekenen.”
Terug in de cabine bij Post bracht Libregts de woorden van Theo over aan de gekwelde keizer. Hij adviseerde hem zelfs de handdoek in de ring te gooien en niet te starten. Maar met dat advies was hij bij Post aan het verkeerde adres.
Die maakte zich wit van woede klaar voor de start en Theo Verschueren werd vernederd zoals hij nog nooit vernederd was. De adrenaline spoot bij Post uit de oren en het publiek stond weer eens op de banken voor de machtige keizer, die van zijn fiets gekomen het bloed uit zijn koersbroek zag sijpelen.
Theo Verschueren verdween na deze afstraffing zwijgend in de catacomben, beseffend dat als hij clement voor Post zou zijn geweest hij Europees kampioen zou zijn geworden. In 1997 vertelde hij me dat hij bijna altijd van Post heeft verloren tot hij met Noppie Koch ging rijden.
“Dat had ik veel eerder moeten doen, want Noppie wist precies hoe we Peter moesten kloppen,” zei hij toen met veel spijt. Na zijn carrière opende hij in zijn woonplaats Sint Niklaas een fietsenzaak, nadat hij tevergeefs had geprobeerd de winkel van Bernard Franken, een in België wonende Nederlandse Tourrenner uit de jaren veertig, over te nemen.
Jean Paul Belmondo, zoals hij door zijn collega’s werd genoemd, omdat hij wel iets weg had van de beroemde Franse filmacteur is inmiddels 75 jaar en ik hoop dat het goed met hem gaat, want ik vond hem een prettig mens.

09-11-2018