Piet van der TOUW

Geboortedatum: 29 november 1940
Geboorteland: Nederland

De wielercarrière van deze Haagse baansprinter omvat achttien jaren. Dat lijkt erg lang, maar er zit een pauze in van tien jaar waarin Piet geen fiets aanraakte.
Tussen 1960 en 1964 was hij een sterke amateur, gespecialiseerd in baanonderdelen als de sprint, de tijdrit over 1 kilometer en de tandem.
Hij had in die periode af te rekenen met mannen als Aad de Graaf, Mees Gerritsen en Gerard Koel en het mooie was dat hij jaar na jaar sterker werd en in 1963 en 1964 overtuigend kampioen van Nederland was.
Met de nadruk op Nederland, want internationaal kwam hij er niet echt aan te pas. Bij het WK werd hij meestal al in de series uitgeschakeld.
In de andere nummers was hij succesvoller, hoewel je dat eigenlijk niet kunt zeggen van iemand die twee maal net naast een Olympische medaille greep.
Bij de Olympische Spelen van 1964 in Tokyo werd hij met de Rotterdammer Aad de Graaf vierde in het tandemnummer en op de 1 kilometer tijdrit bereikte hij dezelfde teleurstellende plek.
Hij had het daarna wel gezien bij de amateurs en in het jaar 1965 meldde hij zich bij de profs. Joop Captein, Aad de Graaf en Frans Mahn sneden hem de pas af bij het Nederlands kampioenschap en bij het WK werd hij in de series uitgeschakeld.
Toch werd 1965 een jaar met een mooie overwinning. Met de Australiër Bill Lawrie won hij namelijk de Zesdaagse van Melbourne. Het jaar daarna werd hij derde bij het Nederlands kampioenschap bij de profsprinters achter Frans Mahn en Aad de Graaf.
Toen hield hij het voor gezien, zeker nadat de KNWU had besloten dat uitzending naar het WK een kansloze missie was voor Nederlandse deelnemers.
Tien jaar lang hoorden we niets van de robuuste Hagenaar tot hij zich in 1976 tot ieders verrassing weer meldde bij het Nederlands kampioenschap sprint. Hij werd derde achter Leijn Loevesijn en Gerrie Fens.
In de halve finale moest hij het opnemen tegen Loevesijn, in die jaren een van de beste sprinters ter wereld. Piet wist dat hij de Amsterdammer niet kon hebben en daarom probeerde hij het met een onvervalste zwieper.
De wereldkampioen van 1971 werd verrast en kon maar met moeite de Haagse slagerszoon de baas. Een jaar later waren Loevesijn en Fens er niet meer bij en dus was er hoop bij Piet toen hij met Jan Huisjes en Wim de Wilde de toeclipsriemen vasgespte voor de finale.
Hij was de enige echte sprinter in een finale à trois, maar werd bekwaam in de tang genomen door de twee wegrenners. Hij had na afloop behoorlijk de pest in, maar kon het een uurtje later wel relativeren.
Hij gaf toe dat een voorbereiding van nog geen vier weken op 36-jarige leeftijd veel te weinig is. Piet van der Touw wordt vandaag 76 jaar.

29-11-2016