Matthew GILMORE

Geboortedatum: 11 september 1972
Geboorteland: België

De vader van Matthew Gilmore kwam in de jaren zestig vanuit Australië naar België en vestigde zich daar in Gent. Destijds een ideale stek voor een baanrenner, want Graeme Gilmore was een echte baanrenner.
De meeste Aussies keren na hun wielerloopbaan naar hun geboorteland terug, maar Graeme bleef in België hangen, trouwde met een zus van óf Tom Simpson óf Helen Simpson, de vrouw van Tom.
In alle levensbeschrijvingen van Matthew is te lezen dat hij een neef is van de zo tragisch overleden Britse vedette uit de jaren zestig, maar hoe de familieverhoudingen precies staat er niet bij.
Tom en Helen Simpson woonden ook in België en ik denk dat die Engelstalige renners, die destijds in België woonden, veelvuldig elkaars gezelschap zochten. Net als Nederlanders dat doen in de bekende emigratielanden van de jaren vijftig.
Matthew Gilmore werd als Australiër geboren, maar hij liet zich later tot Belg naturaliseren. Vanaf zijn prilste jeugd stond vast dat hij wielrenner ging worden en dat werd hij ook. Hij had talent en reed op de weg, maar koos uiteindelijk voor de baan waar zijn talenten het best tot hun recht kwamen.
In 1998 was hij wereldkampioen ploegkoers samen met Etienne De Wilde en twee jaar later wonnen ze samen in dat onderdeel zilver bij de Spelen van Sydney. In die discipline was hij ook drie keer Europees kampioen. Gilmore was daarnaast twee maal de sterkste van Europa achter de derny.
Zijn grootste successen behaalde Gilmore junior in de zesdaagsen. Hij won er achttien, waarvan elf met de Australiër Scott McGrory met wie hij een aantal jaren een succesvolle combinatie vormde.
Tijdens de laatste jaren van zijn carrière vormde hij een koppel met Iljo Keisse met wie hij vier zesdaagsen won. In 2003 won hij in zijn geboorteplaats Gent de jaarlijkse zesdaagse met de latere winnaar van de Tour de France. Bradley Wiggins.
Als ik aan Gilmore denk of zijn naam ergens lees dan schieten gelijk zijn zware valpartijen in mijn gedachten. Chutes die hem soms heel lang hebben uitgeschakeld. Hij was wat dat betreft een echte pechvogel.
De eerste zware val beleefde hij in 1998 tijdens de Zesdaagse van Herning in Denemarken. Daar stond een mekanieker te dicht bij de baan en de op volle snelheid liggende Gilmore raakte de man en werd gekatapulteerd.
Met een gebroken schouder, lekke longen en inwendige bloedingen bleef hij liggen. Het duurde lang voor hij weer op de fiets kon klimmen.
In 2005 overkwam hem in de Zesdaagse van Bremen weer een zware val, waarbij hij zijn rugwervel brak. Toen hij daar net van genezen was, knalde hij in een kermiskoers in Ninove vol op een paaltje.
Daarbij brak hij zijn dijbeen en zijn rechter knieschijf. De pees in die knie was doorgescheurd en in de knieschijf zat een gecompliceerde breuk. De fractuur in zijn been is goed genezen, maar van die knie bleef hij na revalidatie veel last houden.
Het resulteerde in een chronische peesontsteking en permanente pijnen. Hij moest en zou echter in het peloton terugkeren, want hij wilde nog ter afsluiting van zijn rijke carrière naar de Olympische Spelen van 2008 in Beijing.
Hij verbeet de pijn, maar de ontsteking wilde niet wijken. Dat was de reden waarom hij in mei 2007 noodgedwongen een punt moest zetten achter zijn mooie carrière. Wat hij daarna is gaan doen, daarvan heb ik geen idee.
Wel weet ik dat Matthew Gilmore vandaag zijn 46ste verjaardag viert.

11-09-2018