Keetie van OOSTEN-HAGE

Geboortedatum: 21 augustus 1949
Geboorteland: Nederland

Cornelia van Oosten uit Kloetinge is een bescheiden en rustige vrouw, die zich met haar glimlach en zachte stem permanent lijkt te verontschuldigen voor het feit dat ze zo veel verschilt van de beroemde wielrenster Keetie Hage.
Uiterlijk lijken ze sprekend op elkaar, maar qua karakter zijn het tegenpolen. Keetie was allerminst rustig en bescheiden. Integendeel, ze was een sportvrouw met ambitie en een verschrikkelijke eerzucht die voor niets en niemand bang was.
Een bezeten wielerbeest dat in een ploeterende stijl en met een verwrongen gelaatsuitdrukking zichzelf pijnigde en de concurrentie haar wil oplegde. Fanatiek tot in haar vezels was ze een kannibaal als Eddy Merckx. Zo eentje die er altijd voor ging en gulzig alles wilde winnen.
Keetie was de op een na oudste in een gezin van acht kinderen, waarvan er zes de wielersport hebben bedreven. De boerderij waar ze geboren werd staat in Sint Maartensdijk op het eiland Tholen.
Een gemeenschap waar op zondag de weldadige rust slechts onderbroken wordt door kerkklokken. Geen omgeving waar sporttalent gedijt. Vader Toon was echter gek van sport. Hij had aan atletiek gedaan, gevoetbald en gekorfbald, maar wielrennen was zijn grote passie.
Zelf gekoerst had hij niet, maar hij had wel een racefiets. Daarmee reed hij toertochten samen met andere fietsgekken door het prachtige Zeeuwse land.
Toon wist dat een wielerbacil besmettelijk is, maar hij stelde zijn kinderen er graag aan bloot. Bella ging als eerste voor de bijl en ze reed met gemak met de mannen van vaders toervereniging mee.
Ze wilde al gauw meer en ze vroeg op haar zestiende een dameslicentie aan. De anderhalf jaar jongere Keetie wilde dat ook en op de leeftijd dat het mocht werd ook zij wielrenster.
Er was in die tijd maar één categorie voor vrouwen, dus ze reden tegen vrouwen die vaak veel ouder waren dan zij.
Veel waren het er niet, want er stonden soms maar zo'n tien tot vijftien deelneemsters aan het vertrek en het publiek ging tijdens hun wedstrijd gauw even een patatje halen om straks niets van de amateur- of profkoers te hoeven missen.
Vader en moeder Hage en de rest van de kinderen stonden wel enthousiast langs de kant en iedere ronde lieten ze luidkeels horen dat ze er waren.
In 1966 werden de zusjes allebei kampioen van Nederland. Bella op de weg en Keetie in de achtervolging op de baan. Haar tegenstandster in de finale was Bella en ze klopte haar zus met een verschil van elf seconden. Het was haar eerste titel van een opeenvolgende reeks van twaalf.
Op de weg moest ze haar zuster de eerste drie jaar nog voor laten gaan, maar toen was het haar beurt. Van 1969 tot en met 1976 droeg ze als wegrenster het rood-wit-blauw en in 1978 werd ze nog een keer wegkampioene. Een jaar later bracht zij met het kampioenschap omnium winterbanen haar totale aantal Nederlandse titels op tweeëntwintig.
Internationaal deed ze het ook fantastisch met zes wereldtitels, waarvan twee op de weg en vier in de achtervolging. Ze moest het in die tijd helemaal hebben van die kampioenstoernooien, want er waren toen nog niet zo veel wedstrijden. Zeker internationaal niet.
Wat dat betreft is ze wel eens jaloers op de huidige tijd. "Dat had ik ook graag gewild naar de Olympische Spelen en de Tour Féminin rijden en al die andere etappekoersen en klassiekers." Haar ogen glinsteren en ze is weer even Keetie Hage.
Mevrouw Van Oosten neemt het snel weer over en zegt dat ze nergens spijt van heeft en heel blij is met haar wielercarrière, waardoor ze ook veel van de wereld heeft kunnen zien.
Keetie was een pionier tegen wil en dank, die het vrouwenwielrennen er bij die conservatieve kerels in moest rammen. Dat viel niet mee, want ze kreeg om de haverklap te horen dat ze als schoenmaker bij haar leest moest blijven en die leest was het aanrecht.
In 1976 werd ze twee keer wereldkampioene en dat was voor de jury van de 'Gerrit-Schulte-Trofee' aanleiding haar te nomineren als de beste wielrenner van het seizoen. De vrouwenemancipatie werd overal met de mond beleden, dus waarom niet?
De naamgever van de trofee moest er echter niet aan denken om zijn begeerde onderscheiding uit te moeten reiken aan een vrouw. Dat ging de Bossche reus te ver, waardoor het feest niet door ging. Keetie had echter wel een onderscheiding verdiend, vond iedereen.
Er werd een compromis bedacht: de 'Keetie van Oosten-Hage Bokaal'. De eerste drie jaar van het bestaan van deze wisselprijs was de naamgeefster zelf de onbetwiste winnares.
Ze vindt haar zege in het mondiale wegkampioenschap van 1976 haar mooiste overwinning. In de jaren daarvoor had ze al zes keer op het podium gestaan. Eén keer als eerste, twee keer als tweede en drie keer als derde.
Keetie was zelf altijd haar grootste tegenstandster. De fanatieke wil om te winnen dreef haar voort en dat was er vaak oorzaak van dat ze haar kansen verprutste in krachtenverslindende ontsnappingen die op niets uitliepen.
In het Italiaanse Ostuni stond ze bij de start al op springen, maar mecanicien John Krijnen maande haar tot kalmte. "Keet, als je dan zo nodig moet, ga dan maar. Maar als het niet lukt hou je dan verder kalm, kijk hoe de koers loopt en spaar je krachten voor de finale. Je bent toch de sterkste."
Keetie wist met moeite haar temperament in toom te houden en na ruim anderhalf uur koers ging ze als eerste over de finish aan het hoofd van een compact peloton, waarin alle gestarte Nederlandse deelneemsters nog aanwezig waren. De sprint werd voor haar aangetrokken door Truus van der Plaat.
Op tweehonderd meter voor de finish kwam De Keet uit het wiel en met een enorme krachtsexplosie denderde de Zeeuwse door naar de finish, de Italiaanse Bissoli en de Belgische Reijnders zeker twee fietslengtes achter zich latend.
Vanwege haar successen en de publiciteit die dat genereerde werd ze benaderd door Leon Hermans van de brouwerij Beck's Bier die haar als kopvrouw wilde in een gesponsorde ploeg. Het elektronicaconcern Hitachi deed ook mee.
Keetie hoefde er geen seconde over na te denken. De oud-beroepsrenner Cor Bijster werd als ploegleider aangetrokken en de sponsors stelden fietsen, kleding, een ploegleidersauto en een zak geld beschikbaar om de overige kosten te dekken.
Voor het eerst in haar carrière kon Keetie echt professioneel haar sport bedrijven. Ze kreeg zelfs een auto van de zaak.
Het was een ploeg met tien meiden, waaronder drie met de achternaam Hage. Behalve Keetie en Bella zat ook de tien jaar jongere Heleentje in de ploeg, het zusje dat zo goed bergop kon.
De KNWU vond de overmacht van de formatie in het vrouwenpeloton te groot en voor er problemen konden ontstaan werd de ploeg in tweeën gesplitst. De ene helft ging in het groen door als Beck's Bier/Hitachi en de andere in het oranje als Hitachi/Beck's Bier.
In 1978 verbeterde Keetie in de groene trui van haar sponsors op de olympische piste van München het werelduurrecord.
In 1978 werd Bijster door de KNWU als bondscoach voor de damesselecties gevraagd. Vanaf dat moment leidde Keetie zelf de ploeg, terwijl ze nog steeds meefietste.
Een dubbelfunctie die heel veel energie kostte. Zij besloot eind 1979 met fietsen te stoppen om als fulltime ploegleidster verder te gaan. Op 14 oktober 1979 nam zij op grootse wijze afscheid.
Ze had zich voorgenomen nog één keer te schitteren in het Nederlands kampioenschap omnium op de winterbaan van het Ahoy Sportpaleis. Ze won met grote overmacht drie van de vier onderdelen en iedereen vroeg zich af waarom ze nu al stopte. Net dertig jaar.
Ze was toen al een aantal jaren getrouwd met Rien van Oosten. Die stond al die jaren loyaal in haar schaduw, hoewel hij het niet altijd leuk zal hebben gevonden om als de 'man van' te worden gezien en het leven te leiden van een onbestorven weduwnaar.
Keetie had aan vierentwintig uur in een etmaal nauwelijks genoeg. Ze had een huishouden, een baan als lerares, ze moest elke dag trainen en ze had de verantwoordelijkheid voor de ploeg en dan nog al die wedstrijden in binnen- en buitenland.
Het werd teveel. Ze had alles bereikt wat ze kon bereiken en de hormoontjes in haar sterke sportlijf waren ook nog ergens anders voor bedoeld. Binnen het jaar baarde ze haar eerste zoon en er kwam er later nog eentje bij.
Dankzij Keetie Hage was het vrouwenwielrennen in Nederland gaan leven. Waren er in haar begintijd nog maar een handjevol deelneemsters, in het jaar van haar afscheid stonden er niet zelden zo'n honderd vrouwen aan de start van een criterium.
In de jaren die volgden is ze helemaal mevrouw Van Oosten geworden en van Keetie Hage is in haar mooie huis nog maar weinig te bespeuren. In de huiskamer getuigen slechts de twee bronzen beeltenissen van Jaap Eden van een roemrucht sportverleden.
Fietsen doet ze haast niet meer, alleen als het mooi weer is. "Mijn conditie is te slecht om er echt van te genieten", zegt ze verontschuldigend. We zullen dat stoempende, schokschouderende figuurtje met die verbeten grimas op haar gezicht dus nooit meer aanschouwen. Jammer.

Uit ‘Wielerhelden van Oranje’ 2003

21-08-2017