Karel VANDORMAEL

Geboortedatum: 4 oktober 1924
Geboorteland: België
Overleden op: † 01.10.1985

Karel of Charles Vandormael was in de jaren vijftig een sterke coureur die het van lange ontsnappingen moest hebben. Op die manier werd hij op 1 augustus 1948 in Deinze verrassend kampioen van België in de categorie der onafhankelijken.
Na afloop verklaarde Karel dat hij geheime krachten had geput uit de bidon die hem onderweg was aangereikt. Die bevatte een bruisend vocht dat hem tot die grote prestatie had gedreven. Hij had de smaak niet herkend, maar het moest een wondermiddel zijn.
Toen het restant dat na afloop nog in de kruik zat, was onderzocht bleek het gewoon blond schuimend bier te zijn. Zijn prestatie werd hoog aangeslagen en de brave Karel werd in de gazetten bij de profs een grote toekomst voorspeld.
Hoopvol gestemd gaf de elektriciën uit het Limburgse Montenaken zijn baan op, om zich volledig professioneel in de wielrennerij te storten. Met zijn kampioenstrui had hij zich in Montenaken een zekere status verworven en hij werd prompt de populairste inwoner.
Het was een populariteit gelijk aan die van Gino Bartali in Italië die kort daarvoor de Tour de France had gewonnen en daardoor een staatsgreep in zijn land wist te voorkomen. Van al het politiek geharrewar was in Montenaken geen sprake meer, heel het dorp stond als één man achter Karel I.
De nieuw ontdekte held kon rekenen op een grote schare supporters. Vanuit de Belgische fruitstreek rond Haspengouw trokken in 1949 onder aanvoering van de burgemeester en de pastoor wel vierhonderd inwoners per fiets of boerenkar naar Hannuit waar het kampioenschap van België voor beroepsrenners zou worden verreden.
Zij hadden maar één favoriet en dat was Kaorelke, die al die Rikken en Brikken wel eventjes een les in koersen zou komen geven. De lakens waren van de bedden gehaald en met aanmoedigende teksten volgekladderd.
De fanfare van Montenaken stond bij de finish klaar om Karel als de nieuwe kampioen van België een gloedvolle serenade te brengen. Helaas, het kwam er niet van. Waar het aan lag is voor Karel altijd een raadsel gebleven.
Of het nou de verzengende hitte was, het vreselijk hoge tempo (ruim 42 kilometer per uur) of het bier in de bidon dat plotseling niet meer werkte, hij raakte ver in de achterhoede, terwijl voorin sterke kleppers als Valère Ollivier en Raymond Impanis om de titel vochten.
Met gebogen hoofd keerde hij die avond als laatste Montenakenaar terug in zijn dorp, waar iedereen de luiken al gesloten had. Alsof hij de builenpest had opgelopen, melaats was geworden. Zo broos kan populariteit zijn.
Hij zette zich manmoedig over de teleurstelling heen, won een paar jaar later de bergprijs in het Ardeense weekeinde, reed in 1952 een aanvallende Ronde van Nederland en pakte hier en daar nog een kermiskoersje mee. Mooie prestaties, maar hij vermocht er de volksgunst niet mee terug te winnen.
De schande was zo onverdraaglijk dat hij naar het naburige dorp Jeuk verhuisde. Tegen wegdraaiende boerenkoppen kun je je niet verweren, maar tegen jeuk kun je in ieder geval krabben. Arme Karel. Hij overleed op 1 oktober 1985 op drie dagen na had hij de 61 jaren volgemaakt.

04-10-2018