ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Jos van der VLEUTEN

Geboortedatum: 7 februari 1943
Geboorteland: Nederland
Overleden op: † 05.12.2011

In de Vuelta van 1966 beleefde Jos van der Vleuten (1943-2011) het hoogtepunt van zijn wielercarrière toen hij het puntenklassement won en de groene trui mee naar huis mocht nemen. De Vleut was een vertegenwoordiger van de generatie die in de jaren zestig en zeventig tegen een minimumloon deel uitmaakte van de eerste lichting merkenploegen met kopmannen en knechten. Hoewel de Brabander fysiek zeker de kwaliteit had om in bepaalde koersen kopman te zijn, is hij vooral de geschiedenis ingegaan als een oersterke knecht.
Eentje die er een meester in was om water te halen, de kopman uit de wind te houden, tempo te maken en verder alles te doen wat in het belang was van het resultaat. Hij reed tussen 1965 en 1973 in Nederlandse dienst bij Televizier, Willem II-Gazelle en Goudsmit-Hoff en voor grote buitenlandse ploegen als Flandria en Peugeot. Altijd blijmoedig in de weer voor anderen, waarbij de toenmalige Nederlandse toprenner Jan Janssen regelmatig zijn pad kruiste.
Van der Vleuten startte zes maal in de Tour de France en reed er vijf uit met een dertigste plaats in het eindklassement als beste prestatie. Uitgerekend in 1968 toen Jan Janssen als kopman van een nationale ploeg de Tour won, moest hij al in de eerste etappe opgeven. Hij was niet volledig hersteld van een voedselvergiftiging en had verzuimd dat mee te delen, zodat er geen reserverenner kon worden opgeroepen. Dat is hem door Janssen toen zeer kwalijk genomen. De verstandhouding met de eerste Nederlandse Tourwinnaar was toch al niet best, vanwege het verloop van het wereldkampioenschap van 1967.
Op een pittige omloop in de omgeving van Heerlen ging de temperamentvolle Brabander er al in de eerste kilometer vandoor. Hij wilde even zijn benen testen, meer niet, maar toen hij omkeek zaten er twee renners in zijn wiel en één daarvan was niemand minder dan Eddy Merckx. Even later kwamen er nog twee man bij waarbij wederom een vedette en wel de Italiaan Gianni Motta. Het spel was op de wagen en de beslissende ontsnapping een feit.
Slechts één renner slaagde er nog in de oversteek te maken en dat was Janssen die in eigen land zijn zinnen had gezet op een tweede wereldtitel. Met de hulp van de teruggezakte Van der Vleuten overbrugde hij het laatste stukje naar de kopgroep en stelde daar tot zijn genoegen vast dat hij nu de beste papieren had. Niet alleen was hij de snelste, maar hij had bovendien de beschikking over Van der Vleuten die de sprint zou aantrekken. Appeltje/eitje dus. Maar in de finale ging er het nodige mis in de communicatie en wiens schuld dat was daar zijn kopman en knecht het altijd over oneens gebleven.
Jos was een van de negen kinderen van een klompenmaker uit Mierlohout. Toen het ambachtelijk klompen maken niet meer lonend was, legde vader Van der Vleuten zich toe op het slijpen van zagen en beitels, een bezigheid waaruit het familiebedrijf Van der Vleuten Slijptechniek is ontstaan. De hele familie was wielergek en de oudste zoon Ad werd dan ook coureur. Toen die in militaire dienst zat leende de vijftienjarige Jos ongevraagd eens diens racefiets en reed die in een wilde koers volledig in de prak. Met zijn zakgeld en de verdiensten van een krantenwijk heeft hij de schade in een aantal jaren netjes terugbetaald en dat heeft zijn karakter in hoge mate gevormd.
Hij was een sportman in hart en nieren, maar daarnaast ook een levensgenieter en een charmeur. Altijd zeer aanwezig en door zijn gevoel voor humor had hij altijd veel mensen om zich heen. Na zijn carrière stapte hij in het familiebedrijf en samen met zijn zwager Dirk Bloemers maakte hij er een goedlopende en winstgevende onderneming van. In zijn vrije tijd bemoeide hij zich enthousiast met zijn wielervereniging RTC Buitenlust, waar hij niet alleen bestuursfuncties vervulde, maar ook een groot aandeel had in het begeleiden van de jeugd. Met name de piepjonge Leontien van Moorsel heeft veel aan Jos te danken.
Hij was getrouwd met Wilma en ze hadden twee kinderen. Het huwelijk strandde, maar in 2000 ontmoette hij de Zeeuwse Tanja met wie hij later zijn tweede huwelijk aanging. Die ontmoeting viel ongeveer samen met zijn wens het wat rustiger aan te doen. Dit mede vanwege de hartproblemen die zich hadden geopenbaard en waarvoor hem een pacemaker was aangemeten. Tanja had een antiekhandel en daar heeft Jos zich in zijn laatste jaren intensief mee bemoeid. Ze genoten van het leven, gingen vaak met vakantie en reisden regelmatig naar hun tweede huis in de Dominicaanse Republiek.
Een Caribisch paradijs, waar het leven van de 68-jarige Brabander op sinterklaasdag 2011 eindigde. Mijn persoonlijke herinnering aan hem is die van een aardige, vrolijke man bij wie ik, in de pakweg drie uitvoerige gesprekken die ik met hem heb gehad, toch steeds een lichte frustratie bespeurde. Terugkijkend op zijn wielercarrière had er in zijn optiek meer ingezeten. Vooral het gebrek aan waardering voor zijn wielerprestaties zat hem dwars. Onzin natuurlijk, maar tegen fustratie helpt geen beter weten.

07-02-2016