Jan NOLTEN

Geboortedatum: 20 januari 1930
Geboorteland: Nederland
Overleden op: † 13.07.2014

Het is vandaag vier jaar geleden dat Jan Nolten overleed. Eens was hij mijn held, want hij was in 1952 de revelatie van de Tour van dat jaar. In de 21ste etappe haalde hij in de rit Limoges-Clermond Ferrand een waar kunststukje uit.
In de slotklim op de Puy de Dôme, een uitgedoofde vulkaan in het Centraal Massief reed hij een voor een grootheden los als Jacques Marinelli, Raphaël Geminiani, Gilbert Bauvin en Gino Bartali.
Slechts een superieure Fausto Coppi wist hem nog te achterhalen en in de laatste honderden meters voorbij te stevenen. Het is vaak een duel genoemd, maar dat was het niet. Nolten werd, overtuigd dat hij ging winnen, gewoon verrast door de plotseling langzij komende Italiaan.
Had hij het geweten dat de machtige Italiaan eraan kwam dan had hij er nog wel even en sprintje uitgeperst, zei hij later. Communicatie was er nog niet, alleen Coppi had kunnen waarschuwen maar die had geen bel op zijn fiets.
Het zou voor Nolten zijn tweede ritzege zijn geweest, want in de twaalfde etappe had hij al toegeslagen. Jan Cottaar beschreef het in zijn boekje 10 X tour als volgt: ‘Hij liet een groepje met Jean Robic als hoofdfiguur op de hellingen van de Alpes Maritimes staan.
Hij reed er Jean Dotto op de hellingen van de Col de Braus en de Col de Brouis aan flarden van zijn wiel. Hij won na een solorit, ondanks de handicap van een nog volgende berg (de Col de la Turbie), waarop hij helemaal niet meer had gerekend, maar die hem tenslotte nog meer tijdwinst opleverde, dan waarmee hij aan die totaal onverwachte kluif – niet helemaal zonder vertwijfeling – was begonnen.’
Jan Nolten was een geweldige wielrenner die ondanks de bovengenoemde prestaties zijn belofte nooit heeft ingelost. Dat had een aantal oorzaken. De pers en zijn supporters zagen hem gelijk de volgende Tour winnen.
Iedereen vertelde hem dat, iedere dag weer en zijn supporters hielden niet op hem op een prematuur schild te hijsen met hun blinde verafgoding. Maar de ware oorzaak lag in het karakter van de lange Limburger zelf besloten.
Hij werd gemakzuchtig, nam het met het trainen niet zo nauw en gebruikte de dagen voor de Tourkaravaan de bergen in trok, om zich alsnog in vorm te rijden. Hij zou ze in de bergen wel een poepie laten ruiken, dacht hij en verloor zich in zinloze ontsnappingen die hij met kapitale inzinkingen moest bekopen.
Jan Nolten was een van de grootste talenten die ons land heeft voortgebracht en hij was in potentie zeker een Tourwinnaar. Maar zoals zo vaak op deze plaats geschreven: met talent alleen word je nog geen toprenner.
Hij heeft het in zijn verdere leven niet makkelijk gehad, misschien vanwege zijn geboortedag, en hij eindigde als een man die pratend over zijn wielercarrière de zinnen vaak met het woordje ‘als’ begon.
Ik nam het hem niet kwalijk, want hij had mij als dertienjarige mooie momenten bezorgd en ik heb al zijn verrichtingen dagen later in het bioscoop journaal gevolgd.
Daar in het duister van een bioscoopzaal, dan hoorde ik weer de stem van Jan Cottaar en leken mijn armen op de huid van een geplukte kip.
Jan Nolten werd 84 jaar.

13-07-2018