Jan HUGENS

Geboortedatum: 22 maart 1939
Geboorteland: Nederland
Overleden op: † 12.03.2011

Hij was een van de talentvolste Nederlandse renners aller tijden. Vooral als tijdrijder behoorde hij in het begin van de jaren zestig tot de wereldtop. En toen reden er internationaal renners rond als Jacques Anquetil, Roger Rivière en Ercole Baldini. Mannen die als ze nu hadden geleefd het zeker hadden kunnen opnemen tegen Tony Martin, Fabian Cancellara en Tom Dumoulin.
Toch is Jan Hugens niet de renner geworden die tot de groten van zijn tijd wordt gerekend. Zijn erelijst haalt het lang niet bij die van de bovengenoemde vedetten. Hij had daar simpelweg de karaktereigenschappen niet voor. Hij was te lief, te goedgelovig en te achterdochtig.
Hij had op beslissende momenten ook vaak pech. Zoals in de eerste uitgave van de Amstel Gold Race. Hij was die dag absoluut de sterkste van de kopgroep.
Maar in de beslissende laatste meters schakelde hij verkeerd of zijn derailleur weigerde dienst en Jan had het nakijken. Het was oud-wereldkampioen Jean Stablinski die de eerste winnaar werd van de enige Nederlandse topklassieker (zie video).
Organisator Herman Krott was in de zevende hemel met zo’n grote naam als eerste winnaar, maar ik had het Jan van harte gegund.
Hij heeft het jaren gezien als een gemiste kans, een van de vele in zijn carrière. Maar die domme pech stond, volgens hem, in geen verhouding tot het onrecht dat hem is aangedaan in de Tour de l’Avenir van 1962.
Maar was dat wel zo. Ik heb in 2001 op één dag de lezing van twee verschillende zijden gehoord. Van Jan zelf en een paar uur later van Jefke Janssen de ploegleider van de Nederlandse ploeg. Ik neig naar het gelijk van Jefke.
De Nederlandse ploeg met onder andere Jan Janssen, Henk Nijdam en Jan Hugens won in die Ronde van de Toekomst bijna alles. Nadat ze alle drie hadden gewonnen en om beurten de leiderstrui om de schouders hadden gevoeld ging de ploeg met vertrouwen en met Hugens in het geel de bergen in.
De Spanjaarden waren de grootste concurrent en hun kopman Gomez del Moral stond kort in het klassement. Aan de vooravond van de eerste bergrit belegde Jefke een tactische bespreking, waamee iedereen - ook Jan Hugens - akkoord ging.
Enkele Nederlanders moesten er de volgende dag al vroeg vandoor gaan om de Spanjaarden te dwingen tot de jacht om hun kansen te behouden. Hugens zou dan zonder veel inspanning kunnen volgen en zijn trui verdedigen. De dag daarna zou de koninginnenrit volgen. Als hij daar niet te veel tijd zou verspelen, kon hij in de afsluitende tijdrit de eindzege veiligstellen.
Zo gezegd, zo gedaan. Jan Janssen en Leo Knops gingen direct in de aanval en ze kregen dertien man mee. Er werd keihard gereden, maar de voorsprong werd niet meer dan een halve minuut. Jefke begreep er niets van, liet zich in zijn wagen terugzakken tot bij het peloton en zag tot zijn verbazing de gele trui aan kop sleuren met de Spanjaarden lachend in zijn wiel.
Ondanks de vermaningen van zijn ploegleider bleef Hugens het kopwerk doen en reed zich helemaal leeg. Overtuigd als hij was dat zijn ploeggenoten en ploegleider hem wilden flikken.
Het is nooit meer goed gekomen tussen de twee Limburgers. Na zijn mislukte profcarrière werd Jan Hugens betonvlechter in de bouw en daarna concièrge op een scholengemeenschap.
In zijn plakboek zit een kort krantenberichtje, waarin een journalist als enige de mening van Hugens bevestigt. Het was voor Jan het ultieme bewijs van het dubbelspel dat Jefke Janssen toen speelde.
Hij heeft zijn rancune helaas in het graf meegenomen. Jan Hugens was in potentie een geweldige renner, maar heeft de tegenslagen in zijn carrière nooit goed kunnen relativeren.

22-03-2016