Jan la GROUW

Geboortedatum: 1 juni 1928
Geboorteland: Nederland
Overleden op: † 04.12.1999

Deze Amsterdammer was de zoon van een reder. Krijg daarbij geen visioenen van een soort Onassis, want La Grouw senior was eigenaar van een stel rondvaartboten. Die lagen in mijn Amsterdamse jeugd altijd afgemeerd aan het open stukje water aan het Damrak tegenover het Victoria Hotel met uitzicht op het Centraal Station.
Een rondvaartje maken was destijds heel populair bij de Mokummers en de eerste schoorvoetende toeristen uit Friesland en Limburg. Vader La Grouw geraakte daardoor in goede doen. Dat werd in die tijd afgemeten aan de grootte van de auto en die van de Amsterdamse reder was met een Amerikaanse signatuur heel groot.
Zoon Jan kon zich dan ook het beste materiaal veroorloven en was in die tijd een goede renner. Geen topper, maar een coureur die tussen de wielen goed mee kon komen en op het end altijd nog een leuk sprintje in huis had.
Hij won af en toe een straatrondje en reed bijna altijd prijs. In 1949 werd hij voor Nederland uitgezonden naar het WK voor amateurs in Kopenhagen. Zes renners met de Amsterdammers Faanhof en La Grouw, de Haarlemmer Gerrit Voorting, de Brabander Wout Wagtmans en de Limburgers Jan Nolten en Huub Vinken.
Het werd een groot Nederlands succes want er stonden na afloop twee landgenoten op het erepodium. Vinken als derde en Faanhof als wereldkampioen. Naast hen stond Henry Kass die in feite de beslissing forceerde.
Op het vlakke parcours was niemand er in geslaagd blijvend te ontsnappen en zo demarreerde de Luxemburger in de laatste kilometers. De attente Faanhof dook er achteraan en Nolten stopte de boel keurig af. Met de streep in zicht had de razendsnelle Faanhof geen kind aan Kass en de rappe Vinken won de sprint van het peloton. In het geweld van toekomstige grote namen spurtte Jan La Grouw naar de negende plaats.
Kort daarna ontving Faanhof een uitnodiging uit Italiè om daar als campione del mondo wedstrijden te komen rijden. Hij mocht nog een renner meenemen en dat werd La Grouw. Een aardige jongen, die hij dat graag gunde. Niet alleen daarom, maar ook omdat vader La Grouw direct aanbood met zijn slee met de jongens mee te gaan. Het werd een drie weken durende vakantie, waarin het duo vier koersen reed.
Jan La Grouw leverde daarna nog één opvallende prestatie door in 1952 heel goed te rijden in de Vredeskoers, De Tour de France van het Oostblok. Drie maal eindigde hij in een etappe bij de eerste tien en in de eindstand werd hij fraai twaalfde.
Een gave prestatie, want zijn werkzaamheden in het bedrijf van zijn vader zorgden ervoor dat hij weinig kon trainen en ook steeds minder koerste. Toen iedereen al dacht dat hij gestopt was kwam in 1954 het bericht dat hij beroepsrenner was geworden.
De organisatie van de Ronde van Nederland had bedacht dat de deelnemende ploegen, naast het nationale team van Kees Pellenaars regio’s moesten vertegenwoordigen. Dus een Limburgse ploeg, eentje uit Brabant en zo moest er ook een Amsterdamse ploeg geformeerd worden.
Gesponsord door werkkledingfabrikant Determeyer bakte de ploeg met Hein van Breenen als kopman er niet veel van. La Grouw eindigde als 38ste om kort daarna definitief met wielrennen te stoppen. Het bedrijf had hem nodig en zo werd hij kapitein op een van de rondvaartboten van pa. Dat heeft hij jaren gedaan tot zijn vader overleed en het bedrijf werd verkocht aan Rederij Bergman, de grootste concurrent.
Jan kocht van de erfenis een café en viel daar in de snode armen van Koning Alcohol. Het is triest met hem afgelopen, want de drank werd zijn dood. Dat was ergens in 1990, maar de juiste datum is niet bekend. Hij was toen 61 jaar.

04-12-2016