Hipplolyte AUCOUTURIER

Geboortedatum: 17 oktober 1876
Geboorteland: Frankrijk
Overleden op: † 22.04.1944

Er is in het verleden op 13 augustus niemand geboren of overleden die mij kan inspireren tot een aardig stukje proza dat de lezer kan behagen.
Daar het mij door mijn opvoeding verboden is mijn dagen in ledigheid door te brengen, neem ik mijn toevlucht tot een trucje om toch deze dag - vrijdag de dertiende nog wel - te beginnen.
De katholieke naamdag kalender, want katholieken de wielersport beter te beheersen dan de niet-papen..
Het is vandaag de dag dat de roomsen de Heilige Hyppolytus gedenken. Geen naam die je dagelijks tegenkomt en daarom ben ik ver in de wielergeschiedenis afgedaald om bij Hyppolyte Aucouturier uit te komen, een Franzoos die op 17 oktober 1876 het levenslicht zag.
Zijn mooie voornaam doet mij niet direct denken aan een heilige, maar meer aan een nijlpaard. Zijn achternaam betekent letterlijk ‘de naaier’. Hippo De Naayer dus, ik kan het ook niet helpen.
Met die naam zou het een Vlaamse coureur kunnen zijn, maar deze vedette uit de oertijd van het wielrennen kwam uit de Auvergne.
Zijn voornaam paste beter bij hem dan zijn familienaam, want bij (au)couturier denk ik toch meer aan nichterige types die de hele dag in de weer zijn met het aankleden van zich mannequin noemende lantaarnpalen.
‘Hij had een flink postuur, een martiale snor en een vierkante kop, die altijd met een pet bedekt was en zijn bijnaam was Le Terrible, ofwel De Verschrikkelijke.’
Dit schreven Aart Aarsbergen en Peter Nijssen althans over hem in hun voortreffelijke boek: Kampioenen twijfelen niet. Aucouturier was inderdaad een groot kampioen, van de generatie van de allereerste Tourrenners met namen als Garin, Cornet, Trousselier, Pottier, Petit Breton en Faber.
Dat waren de eerste Tourwinnaars, maar Hippolyte heeft de Tour nooit gewonnen. Hij heeft het vijf keer geprobeerd, maar vier keer haalde hij het einde niet.
In 1904 eindigde hij wel als vierde, maar werd hij samen met de eerste drie uit de uitslag geschrapt omdat ze delen van het parcours met de trein zouden hebben afgelegd.
In 1905 werd hij tweede achter de Parijzenaar Louis Trousselier. In totaal won hij zes etappes en dat is behoorlijk veel als je bedenkt dat de Tour in die jaren maar zo’n zes tot acht ritten telde.
Hij had veel met pech te maken en eendagswedstrijden lagen hem beter. Vooral Parijs-Roubaix. Hij won die koers twee keer, evenals Bordeaux-Parijs.
Hij begon vrij laat met wielrennen en daarom duurde zijn carrière maar kort. Zijn erelijst toont echter aan dat hij er bij was, in de beginjaren van het professionele wielrennen. Als één van de groten.

13-08-2016