Henk de HOOG

Geboortedatum: 12 augustus 1918
Geboorteland: Nederland
Overleden op: † 08.05.1973

Henk de Hoog werd als een na oudste geboren in een gezin dat uiteindelijk negen kinderen zou tellen. Zijn geboorteplaats was aan boord van het zandschip waarmee zijn ouders door Nederland voeren. Later heeft vader De Hoog het schip verkocht en van het geld nam hij een café over in Amsterdam-Noord dat toen vanuit de stad alleen te bereiken was via een pontveer.
Terwijl het hele gezin supporter was van De Volewijckers, de voetbalclub van dat overwegend agrarische stadsdeel, werd Henk al jong gegrepen door de wielersport. Hij wist aan een racefiets te bemachtigen en werd lid van Le Champion.
Bij de amateurs schuimde hij de criteriums af met zijn maten De Groot, Kors en Kleerekoper, eveneens drie goede amateurs van wie alleen Cor de Groot het later met weinig succes bij de profs heeft geprobeerd.
Eén keer per jaar werd het Nederlands kampioenschap op de weg verreden in Zuid-Limburg en dat was ver weg voor een Amsterdammer die geen auto bezat en voor wie de trein te duur was. In 1937 stapte hij daarom twee dagen voor de titelstrijd in Amsterdam-Noord op de fiets en fietste het hele eind naar Valkenburg om daar aan het nationaal kampioenschap deel te nemen.
Onderweg overnachtte hij in de hooiberg van een boerderij en eenmaal in Valkenburg aangekomen, bracht hij de nacht voor de wedstrijd door liggend op een bankje in een park. Toen hij wakker werd en de zon opkwam was hij helemaal verstijfd en gaf hij geen cent meer voor zijn kansen.
Maar het wonder geschiedde, Henk de Hoog werd na een fraaie solo kampioen van Nederland en hij fietste met de kampioenstrui en de medaille in zijn rugzak terug naar Amsterdam-Noord. Zijn titel gaf recht op deelname aan het wereldkampioenschap en in Kopenhagen eindigde hij op de vijfde plaats. In 1938 werd hij derde bij het NK en zesde bij het WK en een jaar later stond hij na afloop van de nationale titelstrijd andermaal als derde op het erepodium.
Het WK werd dat jaar niet verreden, want de Tweede Wereldoorlog was uitgebroken en dat haalde een dikke streep door zijn toekomstplannen in de wielersport. Henk werd desondanks beroepsrenner, maar het werden slechte tijden voor een wielrenner.
Er werden nog wel wedstrijden georganiseerd, want de Nederlandse profs werden vrijgesteld van tewerkstelling in Duitsland omdat ze geacht werden als artiesten het volk te vermaken. Henk kon er niet van leven, deed er van alles bij en zo scharrelde hij zich door de oorlog.
Na de bevrijding was hij direct weer een van de beste Nederlandse profs. Hij won diverse criteriums en werd in 1949 vierde in de Ronde van Nederland. Vanaf 1948 was hij drie jaar op rij vaste keus in de Nederlandse ploeg voor de Tour de France.
Om evenzovele keren roemloos uit te vallen, door materiaalpech, steenpuisten op het achterwerk en een zware val. Behalve dan in 1948 toen hij als anti-klimmer de bergen goed overkwam en op weg leek de finish in Parijs te halen.
Er was in die dagen echter een regel dat na iedere etappe de laagst geplaatste in het klassement uit de strijd werd genomen. En dat was drie dagen voor het einde Henk de Hoog uit Amsterdam.
Al tijdens zijn carrière is hij naar België verhuisd omdat hij daar Lydia had leren kennen. Ze trouwden en vestigden zich in Borgerhout, nabij Antwerpen. Hij stopte in 1952 en er sindsdien niet veel meer van hem vernomen.
Voor het schrijven van zijn biografie in het eerste deel van Als je de Tour niet hebt gereden, heb ik contact gehad met de dochter van zijn jongere broer Joop. Joop was tijdens de carrière van Henk zijn verzorger. Een andere broer Arie was in de jaren vijftig een aardige criteriumrenner.
Maar het contact met de familie verwaterde. In de jaren vijftig hadden nog maar weinig mensen een auto en ook maar weinigen hadden telefoon thuis. Daarom bleef de communicatie beperkt tot een briefkaartje bij verjaardagen.
Zo weet niemand zeker wat hij het wielrennen is gaan doen om in zijn levensonderhoud te voorzien. Collega-wielrenners uit die tijd als Gerrit Voorting en Piet de Vries weten het ook niet zeker, want de een wist zeker dat hij een café had en de ander had gehoord dat hij bouwvakker was geworden.
Het enige dat zijn nichtje weet dat hij op 54-jarige leeftijd in Antwerpen aan longkanker is overleden.

08-05-2018