Gerard SCHIPPER

Geboortedatum: 23 november 1948
Geboorteland: Nederland

Gerard Schipper was een enthousiast voetballer tot een kapotte meniscus hem noopte te stoppen. Pas op zijn drieëntwintigste begon hij met wielrennen, want hij kon ontiegelijk hard fietsen.
De bekende wielerman Joop Stoop zag hem rijden en die dacht direct aan Tiemen Groen. Zo reisde de Oost-Groninger in juni 1977 naar Amsterdam om bij de nationale baankampioenschappen aan het NK achtervolging mee te doen. Hij werd derde.
Dat was voor baancoach Frans Mahn aanleiding hem te selecteren voor de ploegachtervolging. Drie jaar achtereen kwam hij als zodanig op het WK uit. Overigens zonder veel succes.
Op de weg ging het beter en in 1977 werd hij noordelijk kampioen en won hij de Ronde van Zuid-Friesland. Twee jaar later vroeg wegcoach Rini Wagtmans hem voor het team dat op de Olympische Spelen van 1980 de ploegentijdrit zou rijden. Hij trainde als een gek, maar toen de spelen naderbij kwamen reed hij als een drol. Hij bedankte.
In 1980 werd hij opgenomen in de Batavus-ploeg van Piet Hoekstra, met sterke renners als Steven Rooks en Bert Wekema. Hij werd beter begeleid en in 1981 mocht hij mee naar de Vredeskoers.
Het was afzien in de bergen, maar op het vlakke liet hij zo nu en dan even zien dat ie geweldig kon fietsen. Een week na de Vredeskoers reed hij Olympia's Tour en hij won tot ieders verrassing de belangrijkste amateurwedstrijd op Nederlandse bodem.
Bij de WK ploegentijdrit in Praag reed hij met Solleveld, Veldscholten en Koppert naar een verdienstelijke vierde plaats. Weer een jaar later kwam zijn grootste succes. Bij het WK in het Engelse Goodwood werd 'opa' Schipper wereldkampioen samen met Solleveld, Ducrot en Van Bindsbergen, jongens die zo`n twaalf jaar jonger waren dan hij.
Er zat een pittig klimmetje in het parkoers en de anti-klimmer uit Ter Apel smeekte zijn ploeggenoten het wat kalmer aan te doen. Bij de training zagen ze eens een graafmachine aan het werk en Schipper sprak toen de historische woorden: "Het is veel slimmer om een berg af te graven dan er tegenop te fietsen."
Nadat Van Bindsbergen na vijfenzeventig kilometer was gelost en Schipper wist dat hij er koste wat kost bij moest blijven, ging het klimmen beter. Hij ging ineens moeiteloos op de macht mee omhoog.
“Het zat tussen m'n oren, want op de training had ik geen centje pijn met dat klimmetje.” Op het erepodium kwam het kippenvel: "Het Wilhelmus is prachtige muziek als het voor jou gespeeld wordt."
Na zijn afscheid in 1984 ging Schipper weer als timmerman de bouw in om later in dienst te treden van een ziekenhuis als medewerker van de technische dienst. In zijn vrije tijd begeleidt hij nog met veel plezier een groep juniorwielrenners.
Bij hem in de straat woont een knaap die helemaal wielergek is. Die jongen heeft kanker en Gerard gaat regelmatig bij hem op bezoek met zijn plakboeken en de verhalen van toen.
"Als ik dat jong in de ogen kiek en ik zie hoe gelukkig `m dat maakt, dan krieg ik de kriebels."

Uit Wielerhelden van Oranje 2003

23-11-2016