Eric DE VLAEMINCK

Geboortedatum: 23 maart 1945
Geboorteland: België
Overleden op: † 04.12.2015

Het gezin De Vlaeminck uit Eeklo had drie kinderen. Toen Eric geboren werd was vader Philibert De Vlaeminck zelf nog wielrenner. Geen topper, maar wel een fanatieke. Hij hield van de stiel, maar kon er met zijn gezin niet van leven.
Vanaf de dag dat Philibert stopte was zijn oudste zoon Eric voorbestemd om wielrenner te worden. Zijn hele jeugd stond in het teken ervan en hij kreeg al zijn eerste aanwijzingen toen hij nog niet eens kon fietsen.
Het menneke had meer met gymnastiek op school. Dat vond hij mooi en zijn vader vond het goed dat hij in afwachting van de minimumleeftijd voor het koersen lid werd van een turnvereniging.
Hij had talent en vond het turnen leuk maar moest van de club af toen hij de leeftijd had om coureur te worden. Het werd niks. Het startschot had nog niet geklonken of hij moest al lossen.
Philibert schaamde zich kapot en op de weg terug moest Eric de verwensingen van zijn vader over zich heen laten gaan. Op een dag zei zijn vader tegen hem: ‘Als je vandaag weer gelost wordt, dan zie je maar hoe je thuiskomt, maar ik neem je niet meer mee’.
Dat was schrikken en voor het eerst reed Eric de koers uit. Het gaf hem wat zelfvertrouwen, maar hij wist ook dat hij nooit een groot renner zou worden, want hij kon eigenlijk niks.
Niet tijdrijden, niet klimmen en bij het aankomen zat hij bij de categorie strijkijzers. Zijn vader had zich inmiddels tot het jongere broertje Roger bekeerd, die wel over supertalenten beschikte.
Eric had afgedaan en die kreeg te horen: “waarom gaat ge niet crossen, misschien hebt ge daarvoor wel talent?” Het werd een openbaring want in een paar jaar tijd was Eric De Vlaeminck een van de beste veldrijders van België.
Zijn wapen was zijn turnverleden. Hij was zo soepel en lenig dat hij met de fiets alles kon. Hij was de eerste die over balkjes heen sprong en als er in het parcours een greppel of een sloot zat, dan stond het publiek daar rijendik.
Om Eric te zien, want waar alle andere renners van de fiets moesten daar zeilde hij zo over de sloot heen. Hij werd zeven keer wereldkampioen en dat is nog steeds een record.
Hij werd ook nog een redelijke wegrenner, want van het crossen alleen kon een renner in die tijd niet bestaan. Hij won de Ronde van België, Parijs-Luxemburg en een rit in de Tour de France.
Helaas was Eric een van de vele renners die in die tijd verslaafd raakte aan de amfetaminen en zijn carrière ging als een nachtkaars uit. Hij overwon de verslaving en meed jarenlang het wielermilieu.
Als betonvlechter verdiende hij jarenlang de kost tot zijn zoon Geert als wielrenner en crosser naam ging maken. Zo keerde Eric in de wielerwereld terug als coach en begeleider van Geert.
Tot die totaal onverwachts aan een hartstilstand overleed. Het was een grote klap voor Eric, die zijn zoon nooit had gepusht zoals hijzelf door Philibert op zijn huid werd gezeten.
Hij verwerkte het verlies en was daarna jarenlang een succesvolle bondscoach van de Belgische veldrijders. Als zodanig legde hij de basis voor de jarenlange hegemonie van de Belgen in deze winterse tak van sport.
In november 2015 maakte zijn broer Roger bekend dat Eric aan twee ziektes leed. De Ziekte van Parkinson en de Ziekte van Alsheimer. Luttele weken later overleed de zevenvoudige wereldkampioen veldrijden. Op zeventigjarige leeftijd.

23-03-2017