Danny NELISSEN

Geboortedatum: 10 november 1970
Geboorteland: Nederland

Hij is het neefje van Jean, de nestor van de Nederlandse wielerjournalistiek. Als De Neel in zijn TV-verslag zijn naam moest uitspreken dan probeerde hij dat altijd zo neutraal mogelijk te doen. Maar dat lukte hem niet, want hij had als wielrenner het voorbeeld willen zijn voor dat kleine eigenwijze opdondertje.
Sinds de dag dat hij als broekventje voor een dubbeltje een rondje mocht rijden op de racefiets van Jan Nolten, had Jean een groot coureur willen worden. Dat is niet uitgekomen, maar neef Danny is in 1999 toch nog in zijn voetsporen getreden, zij het als verslaggever van wielerwedstrijden bij Eurosport.
De wielercarrière van Danny Nelissen lijkt nog het meest op een bergetappe met hoge pieken en diepe dalen. De hoogste piek was het wereldkampioenschap op de weg bij de amateurs in 1995 en het diepste dal zijn ontslag bij TVM nadat hij last had gekregen van hartritmestoornissen.
Het was loos alarm en de Limburgse klasbak kreeg bij een second opinion te horen dat hij kerngezond was. De klachten waren het gevolg van stress en uitputting door het loodzware programma dat hij dat jaar had moeten rijden. De ploegleiding van TVM was er niet van onder de indruk en Danny restte slechts een terugkeer naar de amateurstatus.
Hij vond onderdak bij de gastrennersvereniging Dextro Volendam van Leo van Etten en hij stelde zich zelf drie doelen: Olympia's Tour, het NK en het WK. Nadat hij Olympia's Tour had gewonnen en nationaal kampioen was geworden bereidde hij zich supergemotiveerd voor op het wereldkampioenschap in Columbia, waar de hele Nederlandse wielerwereld als een berg tegenop zag omdat het daar zo gevaarlijk zou zijn.
Toen Danny er aankwam schrok hij zich te pletter. De zwaarte van het parcours overtrof de meest verschrikkelijke voorspellingen. Hij ging toch op het pittige rondje trainen en elke dag ging het ietsje beter. Op de dag zelf, zaterdag 7 oktober 1995, had het eigenzinnige talent een superdag.
Tegen zijn ploegmaten zei hij: "Jongens ik verdubbel uit eigen zak de premie van de KNWU als jullie allemaal voor mij rijden. Dat betekent onder meer direct je wiel afstaan als ik lek rijd." Hij had het hele strijdplan klaar. Na twee ronden zou hij demarreren en de hele wedstrijd op kop blijven.
Al in de eerste ronde reed hij lek en hij werd door een ploegmaat in het peloton teruggebracht. Hij stoomde direct door naar de kop van het peloton om nog net aan te kunnen pikken bij een groepje dat er vandoor ging. Hij had rustig bij die kopgroep kunnen blijven, want in de sprint had hij van niemand iets te vrezen. Hij wilde echter een paar mensen in Nederland laten zien wie Danny Nelissen is.
Hij demarreerde in een afdaling en hij ramde omlaag op de grootste versnelling. Niemand kon hem volgen. Hij voelde zijn benen niet en op stukken waar iedereen op de zestien reed, reed hij op de twaalf. Het was ongelooflijk wat hij die dag kon.
In zijn gedachten had hij de wedstrijd al honderd keer gereden. Er kon niks misgaan. Hij werd wereldkampioen en de laatste uit de geschiedenis van de UCI, want het jaar daarna werd de indeling met beroepsrenners onder en boven de drieëntwintig jaar van kracht.
Toch was er wel iets misgegaan want de volgende dag was Danny ziek. Hij was van start gegaan met een slijmbeursontsteking in de linkerknie. Geen nood, spuit erin. Maar hij forceerde tijdens de koers en hij reed de kwetsbare knie voorgoed kapot. Maar dat wist hij toen nog niet.
Hij werd weer beroepsrenner en direct ingelijfd bij de net opgerichte Rabobank-ploeg van Jan Raas en Theo de Rooij. Hij kreeg daar niet de tijd om de knie te laten herstellen en zijn hele seizoen was naar de knoppen. Via een sterke Ronde van Zwitserland dwong hij in 1997 op het laatste moment een plaatsje af in de Tourploeg.
Bij een val blesseerde hij weer zijn knie en hij kwam in het ziekenhuis terecht. Daar ontdekten ze een infectie die hem een jaar later fataal zou worden. Nadat hij uit het ziekenhuis was ontslagen kreeg hij te horen dat zijn contract bij Rabobank niet verlengd zou worden.
Tot overmaat van ramp werd zijn naam ook nog genoemd in een dopingschandaal rond de Limburgse huisarts Sanders. Zijn carrière leek andermaal ten einde. In 1998 reed hij echter voor de Deense ploeg Jack & Jones waarvan oud-Tourwinnaar Bjarne Riis de kopman was. Het was een tweejarig contract, maar hij heeft het niet uitgediend.
Tijdens een trainingstochtje merkte hij een totaal gebrek aan kracht in zijn benen en hij bibberde van de kou. Thuisgekomen belde hij de dokter en hij voelde zich steeds beroerder worden. In het ziekenhuis voelde hij pijn op de borst en zijn bloeddruk zakte naar een bedenkelijk niveau.
Hij kreeg een hartstilstand maar de dokters waren er gelukkig direct bij om hem weer tot leven te brengen. Toen hij zijn ogen weer open kon doen lag hij op de intensive care en hij wist dat zijn wielercarrière voorbij was. Na een korte periode waarin hij voor een verzekeringsbedrijf werkte, kreeg hij een aanbieding van Eurosport.
Samen met Adri van der Poel verzorgt hij voor die paneuropese sportzender het Nederlands commentaar bij wielerwedstrijden. Het zou voor de hand liggen als hij met gemengde gevoelens op zijn wielercarrière zou terugzien, maar dat is niet het geval.
"Ik ben heel tevreden. Ik heb in mijn leven tot nu toe alleen maar dingen gedaan die ik leuk vond. En nu verdien ik nog steeds mijn brood door de wielersport. Dan mag je toch niet klagen?"

Uit Wielerhelden van Oranje 2003

10-11-2018