Arie HASSINK

Geboortedatum: 9 december 1950
Geboorteland: Nederland

Arie Hassink de oud-renner die vandaag zijn 68ste verjaardag viert, had de kwaliteiten om in de jaren zeventig en tachtig net zo beroemd had moeten worden als de grote vier uit die jaren: Joop Zoetemelk, Hennie Kuiper, Gerrie Knetemann en Jan Raas.
Dingen lopen echter niet altijd zoals ze zouden moeten lopen. Meestal omdat de betreffende renners behalve heel veel talent niet over de andere kwaliteiten beschikken om een toprenner te worden. Gebrek aan karakter, discipline, dat soort dingen zijn daarvoor vaak bepalend.
Daar was bij Arie Hassink echter geen sprake van. Hij barstte van het talent, had karakter als geen ander en als er iemand voor zijn sport leefde en er alles voor deed en liet, dan was het Arie wel.
Hij had alle kwaliteiten en Herman Krott ploegleider van de vermaarde Amstel Bier-ploeg vertelde me eens dat Arie de beste renner was die hij ooit in zijn ploeg heeft gehad, terwijl daar toch mannen in hebben gereden als Fedor den Hertog, Joop Zoetemelk, Gerrie Knetemann, Leo van Vliet om er maar enkele te noemen.
Arie daarentegen is zelfs nooit prof geweest. De reden waarom hij ondanks alle loftuitingen niet kon aansluiten bij de eerdergenoemde toppers is de longziekte waar hij als aanstormend talent aan bleek te lijden.
Hij was al een topamateur met een meer dan behoorlijke erelijst toen hij van de professoren in het academisch ziekenhuis van Groningen te horen kreeg dat hij met die longen nooit meer zou kunnen koersen.
Dat was een dramatische mededeling, maar hoewel het ademen steeds moeilijker ging besloot Arie de zaken zelf ter hand te nemen. Er zat nog beweging in de longblaasjes en zolang er leven is, is er hoop, zegt het gezegde.
Hij besloot de zieke organen te gaan trainen en kocht bij een speelgoedwinkel een grote kist met opblaasballonnen. Die ging hij opblazen. Aanvankelijk met de grootste moeite en pijn, maar allengs ging het beter. Toen hij drie maanden later duizenden ballonnetjes had opgeblazen, meldde hij zich ter controle van zijn toestand weer in Groningen.
De medische specialisten van de universiteit waren stupéfait, want Arie was weer zo gezond als een vis. Zijn longinhoud was bijna weer als vanouds en eigenlijk lag een voortzetting van zijn carrière voor de hand.
De professoren hadden echter de nodige bedenkingen en wisten Arie ervan te overtuigen dat zo nu en dan een koersje rijden geen kwaad kon, maar dat ze echte topsport bij de beroepsrenners toch ernstig moesten afraden.
De man uit Neede ging weer trainen en koersen, bereikte andermaal de top bij de amateurs. Hij won bijna alle amateurklassiekers van zijn tijd, schreef Olympia’s Tour op zijn naam en won nog veel meer en volgde na zijn actieve carrière Herman Krott op als leider van de Amstel Bier-ploeg.
Hij werd de vader van twee wielrennende kinderen en Areke en Arne herinneren zich ongetwijfeld de kinderfeestjes ter ere van hun verjaardag als een kleurig festijn met vele ballonnen, die Arie nog over had in die grote kist waarmee hij zichzelf had genezen.
Ik heb hem aan het eind van de vorige eeuw nog een keer geïnterviewd voor Wielerrevue. Een aardige positieve man die toen nog met twee benen midden in de wielersport stond en er een gefundeerd oordeel over had.

09-12-2018