Uit de ordners van Jan …

“Enfin j’ existe”, uiteindelijk besta ik, is de kop op de cover van het in 1981 toonaangevende Franse tijdschrift Miroir du Cyclisme. Het zijn woorden van Jean-René Bernaudeau.

Het grote talent dat maar niet boven het maaiveld uit kon komen. Talentvol maar heel vaak koersend in de schaduw van de grote Bernard Hinault.

Onwillekeurig moest ik bij de voorbereiding van mijn bijdrage van vandaag denken aan zijn generatiegenoot Henk Lubberding. Die had net als Bernaudeau de pech dat de top in zijn tijd heel sterk was.

Behalve Hinault was er eind jaren zeventig en begin jaren tachtig een generatie wielrenners aan het bewind dat er ondanks het vertrek van Merckx, Poulidor en Gimondi haast niet mee te concurreren was.

Bernaudeau en Lubberding, meesterknechten voor mannen als Hinault, Zoetemelk en Raas. Beide stonden ze drie maal in de top tien van een Tour de France. Beide droegen ze één dag de gele trui.

In 1978 was Lubberding de beste jongere, een jaar later was de witte trui voor Bernaudeau. Onze landgenoot won in totaal drie ritten in de Tour, drie keer meer dan zijn Franse collega. Die werd wel drie keer tweede in een etappe.

Jean-René Bernaudeau startte zijn profloopbaan in 1978 in de Renault ploeg van kopman Bernard Hinault en ploegleider Cyrille Guimard. Zijn debuutjaar was opvallend sterk wat de verwachtingen voor de toekomst aanwakkerde.

Hij won dat jaar het bergklassement in de Ronde van Spanje en eindigde in het eindklassement als derde, vlak achter Hinault, die de ronde won.

Als amateur had de renner uit de Vendée al aangetoond goed uit de voeten te kunnen in de cols. Zo won hij in 1977 het bergklassement in de Tour de L'Avenir. Maar volgens ploegleider Cyrille Guimard had hij een tekortkoming.

“Hij heeft minstens zoveel talent als Hinault, maar zijn verstand kan niet op tegen zijn benen." Het zal je maar gezegd worden.

Bernaudeau zou tot eind 1988 actief blijven als beroepsrenner. Met als voornaamste nog niet genoemde wapenfeit de bronzen medaille bij het WK 1979 in Valkenburg waar Jan Raas de regenboogtrui veroverde.

Ook won hij vier maal op rij de niet meer bestaande Franse rittenkoers Midi Libre, een record. Zo’n typische loopbaan waar zonder twijfel meer ingezeten had. Misschien kwam dat wel omdat hij zijn hele carrière voor Franse ploegen reed.

Na zijn actieve loopbaan startte Bernaudeau een trainingscentrum voor jonge renners in de Vendée. Daarna werd hij ploegleider bij achtereenvolgens Brioches la Boulangère, Bouygues Télécom, Europcar en sinds 2016 bij Direct Energie. ‘Enfin j’ existe’, maar hij met recht zeggen.

Foto: © Cor Vos

Door Jan Houterman, 23 januari 2017 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web