Het balhoofdplaatje van Otto …

Het is weer de tijd dat we elkaar kerst- en nieuwjaarswensen gaan sturen. Ieder jaar doet dat me weer denken aan Monsieur B. Dat is iemand in Frankrijk, een collega-verzamelaar van balhoofdplaatjes.

Ik schat dat het zo’n 35 jaar geleden is dat Ans mij belde. Ans was de toenmalige bedrijfsleider van Velorama, het nationaal fietsmuseum in Nijmegen.

”Otto, ik heb hier een Franse brief met een half balhoofdplaatje er in, ik snap niet goed wat die man wil, mag ik het je ter afhandeling doorsturen?”

Na ontvangst las ik dat de afzender een verzamelaar van balhoofdplaatjes was, die elders op de wereld collega-verzamelaars zocht om te ruilen.

Sedertdien hebben monsieur B. en ik gecorrespondeerd, en geruild. Hij was daar heel precies in. Daarom had hij ook een verticaal in tweeën geknipt plaatje meegestuurd, want als het contact niks zou worden dat zou ik er ook niks aan hebben.

Dat achterdochtige was waarschijnlijk een beroepsdeformatie, want Monsieur B. had zijn geld als deurwaarder verdiend en ging er niet geheel ten onrechte van uit dat veel mensen slecht zijn.

Hij hield onze boekhouding dan ook nauwgezet bij, want in elke brief stond hoeveel we op dat moment geruild hadden, en hoeveel de totalen waren. ‘U hebt er zeventien meer aan mij gestuurd dan ik aan u, waarvan elf van aluminium en zes van koper’.

Dat soort teksten stonden in zijn brieven. Toen ik hem na twaalf jaar corresponderen eens opzocht, trof ik een vrijgezel die in een groot vrijstaand huis, waarvan alle luiken permanent gesloten waren, een grote verzameling antieke fietsen en fototoestellen beheerde.

Het pand stond zo vol dat hij zelf een eindje verderop woonde omdat er geen plaats meer voor hem was. Hij was van een gegoede familie, maar natuurlijk door zijn allesvergende hobby en eenzaamheid een excentrieke zonderling geworden.

We schreven elkaar vijf of zes keer per jaar een brief over onze collecties. Het zou een stuk eenvoudiger zijn geweest als hij internet zou hebben, maar daar waagde hij zich – gezien zijn leeftijd – niet meer aan.

Wel had hij een abonnement op het tijdschrift Het Rijwiel om plaatjes te kijken, want hij las en sprak geen Nederlands. Ook had hij een fabelachtige collectie boeken, tijdschriften, brochures en briefkaarten over fietsen.

Uit die laatste verzameling plukte hij elk jaar een toepasselijke kaart uit de tijd dat er nog nieuwjaarskaarten gedrukt werden met een fiets er op, in plaats van besneeuwde landschappen, roodborstjes, champagneglazen, rendieren of andere kerst- en nieuwjaarskitsch.

Ons contact was uiterst formeel, maar na vele jaren corresponderen en een enkel bezoek besloten wij elkaar geen monsieur meer te noemen, maar cher ami. Dankzij Jean-René, want zo heet monsieur B., heb ik op deze plaats al heel wat bijzondere plaatjes kunnen laten zien.

Door Otto Beaujon, 9 december 2016 12:00

Wilier Triestina

Beste Otto,

Ik heb een vraag over 'balhoofdplaatjes '. Voor een restauratie project ben ik op zoek naar een balhoofdplaatje van het italiaanse merk Wilier Triestina. Begin jaren 1950. Heeft u er geen te koop? weet je misschien tot wie ik mij moet richten?
dank vooraf,
Met vriendelijke groeten,

Philippe De Vos
Stalen Ros Gent
Geplaatst door Philippe De Vos, 17 april 2018 13:27:16

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web