Van de boekenplank van Wim …

HET ZURE LEVEN VAN BART ZOET

door Gijs Zandbergen

Ik vind de titel van deze paperback erg gezocht en weet dat het destijds ook niet de keus was van de auteur. Uitgevers leveren niet altijd de beste bijdragen, maar ze hebben wel het laatste woord.

Het is van mijn kant geen waardeoordeel over dit boek, want het is een mooi opgeschreven verhaal van een tragisch leven. Dat kunnen we wel aan Zandbergen overlaten, gezien zijn bibliografie.

Bart Zoet was de zoon van een kweker uit Sassenheim, die zijn eigen producten op de markt verkocht. Op jonge leeftijd verloor Bart zijn moeder, waarna hij het oogappeltje werd van zijn drankzuchtige vader die een groot wielrenner in hem zag.

Alles voor Bartje en de andere kinderen voelden zich achtergesteld, hoewel ze waarschijnlijk niet wisten hoe spartaans hun broertje soms door pa werd aangepakt. Na de koers als hij niet gewonnen had. Daarom won hij in de jeugdrangen aan de lopende band.

Hij ontwikkelde zich tot een ambivalente persoonlijkheid die zowel timide als arrogant kon zijn, al naar gelang het gezelschap waarin hij verkeerde.

Hij had grote kwaliteiten vooral als jachtrijder en hij had een belangrijk aandeel in de gouden medaille die hij als lid van de Nederlandse viermansploeg won bij de Olympische Spelen van Tokyo op het nummer honderd kilometer ploegentijdrit.

Als beroepsrenner kon hij de belofte niet waarmaken, hoewel hij een gevreesd criteriumrenner werd, die veel won, maar nooit in aanmerking kwam voor deelname aan het echte werk, zoals de Tour de France of een andere grote ronde.

Na zijn carrière kocht hij een café in Bergen op Zoom, waar hij langzamerhand meer ging drinken dan goed voor hem was. De drank verwoestte zijn leven, zijn huwelijk liep spaak en zijn einde was triest.

Uiteindelijk stierf hij op 49-jarige leeftijd aan de hartkwaal waaraan hij leed. Je kunt het echter ook een vorm van zelfdoding noemen omdat hij zichzelf verwaarloosde en ook zijn medicijnen niet meer regelmatig innam. Plus de verwoestende werking van de tientallen pilsjes die hij per dag naar binnen sloeg.

Toen zijn nabestaanden na zijn dood zijn appartementje leeghaalden, vonden ze zijn gouden medaille. Bekrast en beschadigd alsof hij daarmee een boodschap heeft willen afgeven.

Dit in 2002 verschenen boek heeft niet de belangstelling gekregen die het verdiende. Menselijk drama in de sport verkoopt minder dan succes. Zo was ik in staat het een jaar na verschijnen bij De Slegte aan te schaffen voor slechts twee eurootjes. Een bizarre symboliek.

Foto 2: archief Wim van Eyle

Door Fred van Slogteren, 13 oktober 2016 12:00

Bart Zoet

Een van de meest misselijk makende en bezopen boektitels
die ik ooit tegenkwam. Wat een uitgever! Knudde!
Wim van Eyle
Geplaatst door wim van eyle, 14 oktober 2016 17:30:18

Aanrader

En toch is dit boek, ondanks de slechte titel, een regelrechte aanrader. Je krijgt een perfect beeld van een renner die voor de absolute top tekort komt maar toch blijft hopen op betere tijden die er niet komen. Ook de wielercultuur van de jaren '60 komt uitgebreid aan bod met o.a. het stevige gebruik van de "pervetientjes" waardoor hele pelotons met renners lid werden van de "plafondstaardersclub", een gevolg van de slapeloze nachten door de pepmiddelen die overdag werden genuttigd.
Geplaatst door Gerard Struik, 15 oktober 2016 05:33:50

ach, die titel

Je kunt lang miezemuisen over een titel. Wat de een te plat vindt, vindt de ander juist te elitair. Hoewel ik het boek zelf niet helemaal las, is het beeld van Bart Zoet dat geschetst wordt er niet minder om. Het geeft tevens een helder inkijkje op een sport die zwaar ziek was.

Kort nadat Bart Zoet was overleden, reed ik als chauffeur mee in de Ronde van Nederland, vanzelfsprekend als chauffeur van de dopingcontroleur. Op een van de avonden sloot ik mijn maaltijd af en liep even naar het tafeltje waar Gerben Karstens en Henk Lubberding nog op wielrennersmanier hun eten meester maakten.

Ik complimenteerde Karstens over de inhoud van een interview waar hij open en bloot de dood van Bart mede verbond aan de slechte gewoontes van wielrenners uit die tijd. Karstens vertelde toen dat hij was aangevallen door (oud)collega wielrenners over zijn openheid van zaken. Hij leek er zelfs enigszins van ontdaan.

Twintig jaar later gebruikte ik dat moment in mijn boek Amarcordsneeuw. Ook zo'n titel waar sommigen graag een waardeoordeel aan koppelen.

Wat feitelijk het meest interessant is, is dat wielrenners tegenwoordig hun mond opentrekken bij misstanden. Zo vond ik de opmerking van Kittel over het medicijngebruik van Wiggins tijdens de Tour zeer de moeite waard. Bradley zou met zulke medicatie beter op zijn plaats zijn bij de Paralympics.

Het lijkt erop dat die ziekelijke omerta in het peloton op zijn retour is. Nu nog de ploegleiders. Er zijn er nog een paar teveel met die van de prins-geen-kwaad-weten-blik in hun ogen.

Geplaatst door Joep Scholten, 15 oktober 2016 11:17:26

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web