Uittreksel uit de Burgerlijke Stand van 24 augustus …

Ik heb deze Belgische vedette een keer voor Wielerrevue geïnterviewd. Ik had me een drukke extraverte man voorgesteld, gezien het explosieve van zijn rennerskarakter, maar dat viel mee.

Hij zat er wat slaperig bij en hij ging direct op de automatische piloot door plichtmatig de verhalen te vertellen, die hij al duizend keer verteld had.

Hij was in zijn tijd een superrenner, want hij won vier keer Parijs-Roubaix, en verder de Ronde van Lombardije, Milaan-San Remo, Luik-Bastenaken-Luik, de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Brussel, de Waalse Pijl, de Omloop Het Volk en het Kampioenschap van Zürich.

Hij heette daarom een klassiekerspecialist te zijn, maar hij won ook de Vierdaagse van Duinkerke, de Ronde van Zwitserland (en hoe, met zes etappeoverwinningen!) en zes keer op rij de Tirreno Adriatico.

De belangrijkste eendagsoverwinning ontbreekt tot zijn spijt op zijn palmares. Het wereldkampioenschap. Drie keer zat hij met superbenen in de finale en drie keer ging de regenboogtrui naar Nederland. In de koffers van respectievelijk Harm Ottenbros, Hennie Kuiper en Gerrie Knetemann.

Toch heeft hij een wereldtitel behaald en wel in het veldrijden, de wielerdiscipline waarin zijn broer Eric zeven maal de beste van de wereld was. In 1975 in het Zwitserse Melchnau was het de beurt van Roger om voor één keer de beste van de wereld te zijn

Het interview ging destijds om een van zijn vier overwinningen in Parijs-Roubaix. Die van 1977, het oprichtingsjaar van Wielerrevue waarop twintig jaar later werd teruggeblikt.

Helaas wist hij er niet veel meer van. Wel die van 1975, daarvan kende hij nog alle details. Uiteraard wilde ik weten waarom en verwachtte een antwoord dat het toen veel zwaarder was geweest.

Dat was misschien wel zo, maar zijn antwoord was verrassend. Hij ging rechtop zitten, zijn ogen begonnen te stralen en hij zei: “Omdat ik daar d’n Eddy heb geklopt, en dat was ’t schoonste hè: d’n Eddy kloppen!”

En hij vertelde verder over de haat/liefdeverhouding met de grootste renner aller tijden, die hij zo nu en dan wist te verslaan. Die overwinningen koestert hij als iets zeer bijzonders en ik krijg een waarachtig beeld van de inborst van een topwielrenner.

“Eddy”, dat was iets van een andere planeet en hem de baas zijn was een ambitie, die alleen de heel groten mochten koesteren.

“Een enkele keer konden mannen als Maertens, Godefroot en Vanspringel dat. Ik heb het ook een aantal malen gepresteerd en Zoetemelk natuurlijk ook.”

De naam van Merckx valt in de rest van het gesprek nog vele malen en hij maakt mij duidelijk dat de twee bepaald geen vrienden waren en jarenlang niet met elkaar hebben gesproken.

Daarom is het opmerkelijk dat Roger zijn jongste kind – hij is een oude ‘jongevader’ van de zogenaamde tweede leg – de naam Eddy heeft gegeven. Hoe oud de jonge vader vandaag wordt? Hij is na vandaag nog één jaartje verwijderd van de zeven kruisjes.

Foto 1 en 2: archief dewielersite.net
Foto 3: © T&T Tekst & Traffic

Door Fred van Slogteren, 24 augustus 2016 9:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web