ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Uit het museum van Hans

 

© Hans Middelveld

Dit is een heel bijzonder affiche en wel om twee redenen. Het was midden in de oorlog en de jodenvervolgingen waren in volle gang. Tal van huizen in de directe omgeving van het stadion waren verlaten, nadat ze waren gepulst (leeggehaald) door de foute verhuizersfirma Puls. En dat is het bizarre van die tijd, sportevenementen gingen gewoon door terwijl in de directe omgeving over leven en dood werd beslist. Ik heb er geen oordeel over, ten eerste omdat ik die tijd niet bewust heb meegemaakt en ten tweede omdat ik me ook wel kan voorstellen dat als je midden in die ellende zat, je wel een verzetje kon gebruiken. En die renners moesten natuurlijk gewoon geld verdienen voor hun gezinnen. De tweede reden waarom dit een bijzonder affiche is, is het feit dat het hoofdnummer een ...

... koppelwedstrijd was over 60 kilometer met veertien koppels in de baan. Een koppelwedstrijd was geen nummer dat vaak op die grote stadionbaan werd georganiseerd, want koppelwedstrijden worden en werden doorgaans op kleine overdekte winterbanen gehouden en ze zijn een vast onderdeel en het hoofdnummer van een zesdaagse. Het vereist een geoefend oog om het wedstrijdverloop te volgen, want de renners krioelen door elkaar, duiken in gaatjes, lossen elkaar af en lopen rondes uit. Als je er niet geconcentreerd naar kijkt ben je het spoor in een paar minuten geheel bijster. De rennersnamen waren voor het merendeel bekend en het koppel Schulte-Boeijen was van internationale klasse. Gerrit Schulte en Gerrit Boeijen reden altijd met elkaar en ze waren volledig op elkaar ingespeeld. De rest van het veld bestond uit gelegenheidsduo’s, waarvan er maar een enkele ervaring had in deze zeer aparte discipline. De meeste waren wegrenners of stayers. Stayerwedstrijden werden in de oorlog niet verreden wegens gebrek aan brandstof voor de gangmaakmotoren. Overigens won het koppel Schulte-Boeijen niet. Ze werden slechts tweede achter het Haarlemse duo Gé Peters en Cor de Best en voor Bernard Franken en Aad van Amsterdam. Van die veertien renners leven er volgens mij nog maar vier en dat zijn Cor Bakker, Jan Pronk, Bouke Schellingerhoudt en Cor Wijdenes. Alle vier stokoud, maar ik zou ze best nog eens willen vragen hoe het toen was? Hoe gingen ze toen naar het stadion? Met de trein met de fiets in een jutezak of op de fiets, met de baanfiets op de nek? En wat verdienden ze toen? Ik betwijfel of ze het nog weten, ik weet ook niet meer wat ik in de jaren zestig verdiende, maar ik weet zeker dat het meer was dan wat op 4 september 1943 aan prijzengeld werd uitgekeerd. Of niet?

Namens Hans Middelveld, tot volgende week!

Door Fred van Slogteren, 25 februari 2007 10:00

Ik heb vandaag Jan Pronk even gesproken.Jan is 88jaar oud helder van geest en oksel fris.Jan had een eigen box in het stadion waar zijn fietsen stonden,Hij ging met de trein vanaf Alkmaar naar Amsterdam en met de tram naar het Stadion.Tevens had hij toen vast contract geld en wel 150 gulden een hoop geld voor die tijd.Tevens kon hij deze koppelwedstrijd noog goed voor de geest halen.

Geplaatst door hans middelveld, 25 februari 2007 15:02:52

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web