De Burgerlijke Stand van 23 februari.

Roger RIVIÈRE (1936, overleden 01.04.1976, Frankrijk)

Frankrijk beschikte in de jaren vijftig over grote renners. Louison Bobet, Jean Robic, Raphael Geminiani en nog een handvol coureurs die bijna hun gelijke waren. Maar ze werden ouder en jong talent stak de kop op. Eerst was daar in 1953 het fenomeen Jacques Anquetil, formidabel tijdrijder die de eerste renner werd die vijf maal de Tour de France won. Drie jaar later stapte er nog zo’n uitzonderlijk talent in de schijnwerpers. Roger Rivière deed als tijdrijder nauwelijks voor Anquetil onder en hij was direct de lieveling van het Franse wielerpubliek. Hij debuteerde bij de profs met een regenboogtrui in de achtervolging, een wereldkampioenschap dat destijds nog in hoog aanzien stond bij de beste profs van de wereld. Een jaar later verbeterde hij met speels gemak het werelduurrecord met ruim 600 meter. Dat record stond op naam van de Italiaan Ercole Baldini. Het is niet vaak voorgevallen dat een recordhouder zijn eigen toptijd te lijf gaat, maar Rivière deed dat wel en hij stelde het in 1958 nog eens 400 meter scherper. Beide keren op de Milanese Vigorellibaan. Zijn eerste grote succes op de weg was het winnen van de Ronde van Europa, destijds een nieuw initiatief om de macht van de Tour wat in te perken en de voordelen van de nog prille Europese Gemeenschap (nog maar met 6 landen) te onderstrepen. Die ronde stierf een snelle dood, maar wel met Roger Rivière op de korte erelijst. In 1959 debuteerde het wonderkind uit Saint Etienne in de Tour de France en het werd direct een vierde plaats in het eindklassement. Een jaar later stond hij aan de start als een van de grootste favorieten en hij leek aan de verwachtingen te gaan voldoen, toen hij op 10 juli 1960 een duel om de gele trui aanging met de Italiaan Gastone Nencini, een van de beste dalers uit de wielergeschiedenis. In zijn ambitie om de als een steen naar beneden vallende Italiaan in de afdaling van de Col de Perjuret te volgen, nam Rivière iets te veel risico en hij viel 10 meter diep in het ravijn. Met een dubbele wervelbreuk belandde de ongelukkige coureur in het ziekenhuis en daar konden ze niet zoveel meer voor hem doen. Hij was grotendeels verlamd en hij kon zich nog slechts voortbewegen in een rolstoel. Door de verschrikkelijke pijnen die hij leed raakte hij verslaafd aan morfine. De rest van zijn korte leven was triest. Hij raakte aan lager wal en de zestien jaar dat hij nog heeft geleefd moeten een hel zijn geweest. Een enkele keer kan de verschrikkelijke ziekte kanker echter een verlosser zijn.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Gustav-Adolf SCHUR (1931, Duitsland)

Täve Schur was een van de populairste wielrenners uit de DDR. Hij was ook de eerste Oost-Duitser die internationaal succes boekte door twee keer op rij het WK op de weg voor amateurs te winnen. Dat was in 1958 en ’59. Hij was toen al 27 resp. 28 jaar en zijn tegenstanders uit het westen waren toen jongens van rond de twintig. Hij was lichamelijk volgroeid, had een enorme ervaring en hoefde zich over geld en materiaal geen zorgen te maken, want hij was een staatsamateur. Hij had een baan als sportleraar en alle vrijheid en privileges om te trainen zo lang hij wilde en wanneer hij wilde. Hij was dus eigenlijk gewoon een professional, maar als zodanig werden hij, zijn landgenoten en de staatsamateurs uit de Sowjet Unie en de Oostbloklanden door de UCI niet gezien. Ze konden niet deelnemen aan de Tour de France en andere grote profwedstrijden en er waren dus twee gescheiden wielerwerelden in Europa. De West-Europese en de Oost-Europese. Wij hadden de Tour, de Giro, de Vuelta en de beroemde klassiekers en zij hadden Warschau-Berlijn-Praag, ofwel de Vredeskoers, de Tour de France van het Oostblok. West-Europeanen mochten daar wel aan meedoen, maar zij niet aan de Tour de France en andere West-Europese profwedstrijden. In West-Europa waren ze wel welkom, maar ze mochten niet van hun politieke leiders, die bang waren dat hun sporters dan de benen zouden nemen en in de Westerse landen politiek asiel aanvragen. En zo zal de vraag altijd onbeantwoord blijven wat een Schur en zijn tijdgenoot Eckstein en later een Soukoroutchenkov in de grote wedstrijden zouden hebben klaargemaakt. Toen in 1989 de Wende kwam, was Schur allang gestopt en Souko was een veteraan. Er zijn vele toppers uit het Oostblok gekomen, ze hebben klassiekers gewonnen en zich meer dan onderscheiden, maar een coureur als Anquetil, Merckx, Hinault, Indurain of Armstrong heeft zich nog niet aangediend. Vinokourov zou het kunnen zijn, maar dan moet er wel snel duidelijkheid komen over zijn ploeg, want de Kazach is inmiddels al een dertiger. Wat Schur betreft, hij is nog steeds populair. Hij maakt zich op allerlei gebied verdienstelijk en hij zat jaren in de politiek. Eerst tussen het klapvee van het Oost-Duitse parlement en van 1998 tot 2002 zat hij in de Bondsdag van het weer verenigde Duitsland. Hij maakte moeiteloos de switch naar de democratie maar hij is nog steeds een overtuigd communist. Wende of geen Wende.

De andere op 23 februari geborenen zijn:

FACHLEITNER, Edouard (1921, Frankrijk)
KNOOP, Peter van de (1957, overleden 04.02.2001, Nederland)
MIDDELKAMP, Theofiel (1914, overleden 02.05.2005, Nederland)
OOIJEN, Cornelius van (1986, Nederland)
STEUTEN, Fons (1938, overleden 22.09.1991, Nederland)
WAUTERS, Marc (1969, België)

Door Fred van Slogteren, 23 februari 2007 0:00

burgerlijke stand 23 februari

Vandaag dus ook de verjaardag van Fons Steuten. Vorig jaar nuanceerde ik de stelling van Fred, dat de in Weert en omstreken indertijd mateloos populaire wielrenner, in het geheel geen type voor de Tour zou zijn geweest.
In de 'burgerljke stand' van vandaag laat hij vervolgens bij zijn beschrijving van de carrière van Täve Schur en de rol van de Vredeskoers hierbij , de schitterende overwinning in 1958 in deze rittenkoers van Piet Damen onvermeld. Naar mijn mening is deze unieke prestatie in de Nederlandse wielerhistorie altijd veel te veel onderbelicht gebleven. Tussen de zeges in van staatsamateur Täve Schur in de jaren 1955 en 1959 won de wat introverte, doch intelligente en goed opgeleide Oostbrabantse coureur Warschau -Berlijn-Praag op een weergaloze wijze. Acht van de twaalf dagen was hij aan de leiding. In het eindklassement ging hij Kapitanov 7e en Schur 8e vooraf. Ab van Egmond werd 16e op 22 minuten. Dit in een entourage, waarbij in een aankomstplaats als Leipzig alleen al 110.000 toeschouwers op de tribune zaten.
Overigens werd hij in dat jaar nog 11e in de Tour de France. hierbij moet men zich nog bedenken dat hij daarbij nog in dienst reed als knecht in de Neluxploeg voor kopman en eindwinnaar Charly Gaul. Samen met zijn maatje in al die jaren, Jaap Kersten, heeft hij de 'Engel' op uitnodiging nog bezocht in Luxemburg. Al met al dus twee uiterst zware rittenkoersen in hetzelfde jaar.
Hij is nu 72, but still goning strong, hij fietst nog bijna elke dag en twee jaar terug klauterde hij gedurende de toer voor Rabobank nog de Alpe d'Huez op!! Hij is en blijft bescheiden, maar wel slim. Ik ervaarde dat al, zo jong als ik was op 11-jarige leeftijd, toen hij in 1957 de Kersenronde op zijn naam bracht, door Teng Verwijlen op een uiterst geraffineerde manier in het pak te doen.
Interessant is het tenslotte dat in de 'Die Autobiographie van Täve Schur' (Gustav-Adolf Schur erzählt sein Leben) uit 2001 Jan Ullrich laat optekenen: "Täve ist nicht meine Zeit. Aber er steht wie ein Turm. Es wäre eine reizvolle Aufgabe, zu erforschen, wie viele junge Männer seinetwegen Radsportler geworden sind".

Geplaatst door Jan Gios, 23 februari 2007 19:12:45

Roger Rivière

Roger Rivière
Vandaag zou Roger Rivière 75 jaar oud geworden zijn. Ik volg het wielrennen sinds 1960 (de Tour van 1960 was mijn debuut). In die ruim vijftig jaar ben je (via de media) getuige van diverse dodelijke ongelukken zoals Fabio Casartelli, Tom Simpson. De valpartij en de gevolgen daarvan van Rivière hadden op mij de meeste impact. Riviëre ,24 jaar oud, stond op het punt de hemel te bestormen en in plaats daarvan viel hij diep in de hel. In bovenstaand stukje staat dat hij als tijdrijder nauwelijks onderdeed voor Anquetil. In de weinige jaren dat ze beiden in het peloton zaten, was Rivière beslist de betere tijdrijder. In de Tour van 1959 won hij de beide tijdritten, terwijl Anquetil ook meereed.

Geplaatst door Piet van der Meer, 23 februari 2011 12:24:35

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web