Wat leeft er in het damespeloton?

Er is de afgelopen maand veel nieuws rondom de wielersport. En met name de dameswielersport. Zo was er een eerste geval van mechanische doping, en wel bij een dame. Verder is 2016 het eerste jaar waarin er ook voor de vrouwen een World Tour competitie van start is gegaan.

Over Femke en haar met een motortje aangedreven fiets is inmiddels genoeg gezegd en ik heb daar weinig aan toe te voegen. Behalve dat ik de opgelegde straf wel erg zwaar vind, vraag ik me af of Fabian Cancellara of een andere grote naam ook een levenslange schorsing had gehad als die waren betrapt.

Aan de andere kant, HET SEIZOEN is begonnen, we hebben helemaal geen tijd meer om ons daar mee bezig te houden. Het is vanaf nu tot aan oktober, koersen, slapen eten, trainen en weer een koers.

Voor veel dames is de volgorde zelfs: koersen, slapen, eten, werken, trainen en weer koers. Ook wielrensters met een hele of een halve baan doen mee aan de UCI koersen.

Dat is meteen waar de laatste tijd veel discussie over wordt gevoerd, met name ook door ploegleiders van UCI teams.

De World Tour for Women is met de Strade Bianche van start gegaan met wereldkampioene Lizzie Armistead als winnaar, voor de Russin Katarzyna Niewiadoma en de Zweedse Emma Johansson (foto's)

Een goede uitslag die bewijst dat de komst van World Touir competitie voor vrouwen een enorme stap voorwaarts is in het vrouwenwielrennen. Maar dat door sommigen toch als een iets te grote stap gezien.

Er wordt namelijk in veel gevallen gekoerst in combinatie met elite dames zonder contract. Hierdoor is het niveau in de koersen nogal uiteenlopend. De vrouwen die voluit voor hun sport leven, willen namelijk graag verder professionaliseren, maar lukt dit ook als je met vrouwen rijdt die het wielrennen nog echt als een hobby zien?

Is de stuurvaardigheid bijvoorbeeld hetzelfde als die van de de vrouwen die volledig prof zijn? iets wat direct raakt aan de veiligheid door veel meer valpartijen.

Zoals ik het zie en velen met mij, zijn er binnen de categorie van elite dames zonder contract nog enorme verschillen qua niveau. Er zijn namelijk nog niet veel wedstrijden voor vrouwen die net met wielrennen zijn begonnen of het eliteniveau niet halen.

Het probleem is echter dat er in deze categorie ook weer vrouwen zitten die ondanks een baan, voluit voor hun sport leven en tegen het profniveau aanzitten.

Veel organisaties van UCI wedstrijden willen zo veel mogelijk teams en rensters aan de start, maar wat is de zin van dit als van de tweehonderd vertreksters maar zeventig of tachtig de eindstreep halen?

De rest is gelost omdat simpelweg het niveau niet wordt gehaald. In plaats van naar kwantiteit zouden organisaties er naar moeten streven meer kwaliteit aan het vertrek te krijgen.

Maar waar trek je de grens? Als je alle dames zonder contract in UCI-koersen gaat weren, waar ligt voor jonge talentjes nog de mogelijkheid om door te groeien naar de profstatus?

Die selectie is op voorhand moeilijk te maken, wat weer de vraag opwerpt hoe je de sport kunt professionaliseren als er vrouwen meedoen, die in de neutralisatiekilometers al gelost worden?

het dameswielrennen schreeuwt niet alleen om veranderingen bij de profs, maar ook om een ander niveau voor de dames die de sport uitsluitend als hobby willen uitoefenen.

Een continentaal niveau voor damesteams zonder contract die het profniveau wel halen, zou wellic ht een oplossing zijn.

De veranderingen die nu worden doorgevoerd zullen een overgangsperiode nodig hebben van een aantal jaren, voordat alle wielrensters de juiste plek in de juiste categorie hebben gevonden.

Foto’s: © Cor Vos

Door Renske van Rijswijk-Doedée, 20 maart 2016 14:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web