Het balhoofdplaatje van Otto …

Keizo Shimano (foto), telg uit de tweede generatie van het in de wielerwereld zo bekende Japanse concern, was de techneut binnen het familiebedrijf waar zijn oudere broer Yoshizo Shimano president van was. Keizo was vanaf 1973, toen Shimano voor het eerst een Europese wielerploeg sponsorde - de Belgische formatie IJsboerke - hoofd van de afdeling Productontwikkeling.

Dura Ace, Positron, schakelen met de remgrepen, BioPace, schoenen met verzonken schoenplaatjes, het waren allemaal producten die door Keizo zijn bedacht en uitgewerkt.

Keizo was een excentrieke man, die zich er bijvoorbeeld niet voor schaamde om in rokkostuum op audiëntie te gaan bij de Keizer, met Shimano, met als dissonant loop/fietsschoenen aan zijn voeten.

Maar hij was ook iemand die voor honderd procent en 24X7 dedicated was aan de ergonomie van het trappen, sturen, remmen en schakelen.

Zijn idee voor het DD-pedaal (DD staat voor Dynamic Drive) was niet helemaal nieuw, want het was tachtig jaar eerder al eens, naar de techniek anno 1900, uitgewerkt door het Amerikaanse fietsenmerk Pierce Arrow, maar om constructieve redenen snel weer afgedankt.

Keizo ontwikkelde eind jaren zeventig hetzelfde idee opnieuw in het DD-pedaal. Met de voetzool op het virtuele hart van de pedaalas kan de renner theoretisch iets meer vermogen trappen dan met gewone pedalen mogelijk is.

Bij het DD-pedaal bevindt de voetzool zich vanwege de dikte van de pedaalas, de body van het pedaal, het schoenplaatje en de dikte van de zool en de sok, toch al gauw een centimeter boven en vijftien millimeter onder het hart van de as.

Daardoor grijpt de kracht alleen direct op het draaipunt van het pedaal aan, als het plateau van het pedaal in het verlengde van de crank staat.

Gedurende de rest van de omwenteling komt de kracht terecht op het hoekpunt aan het einde van de korte zijde van een heel smalle driehoek, crank-pedaalas-voetzool. Zo is die kleiner dan wanneer de dikte van het pedaal er niet was. Voor elk punt van de omwenteling is dat met middelbare-schoolgoniometrie uit te rekenen, en de redenering is ook correct.

Keizo Shimano bouwde zulke pedalen, met slechts één groot lager in het oog van de crank, met een soort ‘hangend’ pedaal er aan vast.

Net als bij de voorloper van Pierce Arrow was de constructie toch niet sterk genoeg. Er kwamen daarom verloopbusjes in de handel om in het ‘grote gat’ te schroeven. Daarin paste dan een traditioneel pedaal met twee lagers. Zo bleef het DD-pedaal heel.

Door Otto Beaujon, 4 maart 2016 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web