De jarige van vandaag …

Het wordt te pas en te onpas geciteerd: ‘wat goed is komt snel’, de uitspraak van Joris van den Bergh. Als het waar is dan is Bjarne Lykkegård Riis geen goede renner geweest, want hij had bijna tien jaar nodig om de top te bereiken.

Hij debuteerde in 1986 bij de profs in een klein Belgisch ploegje. Een jaar later zat hij in een nog kleiner ploegje met de naam Lucas-Atlanta, rijdend op een Nederlandse licentie. Toch kreeg hij daarna een contract bij betere ploegen. Hij verbleef vier jaar in Franse dienst en ging toen naar Italië. En daar werd hij een goede subtopper.

De knecht bleek ineens een kopman te zijn en met een vijfde plaats in de Tour van 1993 en een derde twee jaar later, kon hij bij iedere grote ploeg terecht.

Hij leerde veel van zijn ploegleider Giancarlo Feretti en hij was een van de eerste pupillen van wonderdokter Luigi Checchini. Hij kreeg een contract bij Deutsche Telekom en in 1996 vertrok hij als kopman van die Duitse ploeg in de Tour de France.

De kalende Deen werd winnaar van die Tour en maakte een eind aan de saaie hegemonie van Miguel Indurain en een ieder was hem dankbaar. Toch waren er vraagtekens. Riis was ineens een superieure wielrenner die het initiatief nam en zijn tegenstanders liet staan als hij daar de tijd rijp voor achtte.

In de jaren daarvoor was hij de met moeite aanklampende doorzetter die op zijn wenkbrauwen in het spoor van de leiders wist te blijven. Diezelfde renner was in 1996 ineens een dictator, die in de ingekorte rit naar Sestrière in de beklimming van de Col de Montgenèvre iedereen overtuigde.

Daar reed een superkampioen. Die kalende karakterkop boven dat sterke Vikingenlijf straalde een superioriteit en onoverwinnelijkheid uit die deed denken aan de grote dagen van Coppi en Merckx.

Dat kon normaal gesproken niet en prompt waren er geruchten over epogebruik, dat geheimzinnige wondermiddel dat maar niet opgespoord kon worden. ‘Riis speelt met zijn leven’, zei een Nederlandse beroepsrenner uit die tijd eens tegen me.

Op 25 mei 2007 bleken de geruchten juist toen Riis tijdens een persbijeenkomst in Kongens Lyngby toegaf de Tour van 1996 te hebben gewonnen met behulp van epo. Tussen 1993 en 1998 was hij een fervent gebruiker geweest en natuurlijk had hij het allemaal alleen gedaan. Niemand had hem geholpen of op het idee gebracht.

Hij staat anno 2016 nog steeds in de lijst met Tourwinnaars in tegenstelling tot Armstrong, terwijl ook Contador’s derde Tourzege is geschrapt. Die van Riis is blijven staan omdat het vergrijp ten tijde van zijn bekentenis al verjaard was.

Na zijn carrière werd Bjarne Riis ploegleider en hij was in die nieuwe functie behoorlijk succesvol. Van ploegleider werd hij teammanager tot de ploeg met de achtereenvolgende sponsors CSC en Saxobank werd overgenomen door de Russische miljardair Tinkoff.

Het ging lang goed (foto 4), maar twee zulke ego’s bij elkaar kon op den duur niet goed gaan en in 2014 kwam er een einde aan de loopbaan van Bjarne Riis in de wielersport. Hij is omstreden, maar ook een kind van zijn tijd die deed wat zovelen deden. Zonder zich bewust te zijn welke schade ze de wielersport hebben toegebracht.

Hij wordt vandaag 52 jaar, jong genoeg lijkt me om weer in het wielerwereldje op te duiken. Tinkoff heeft aangekondigd aan het eind van dit jaar met de sponsoring te stoppen.

In december jl. maakte Steven de Jongh, die na zijn bekentenis als ploegleider bij Sky werd ontslagen en direct door Riis bij Tinkoff werd gehaald, bekend, dat hij van plan is tegen die tijd met een eigen ploeg te komen.

Eén en één is nog altijd twee, tenzij ik niet meer kan rekenen. Steven heeft inmiddels het statuur om een ploeg te leiden, wellicht heeft Riis nog het netwerk om dat financieel mogelijk te maken. (Foto's: © Cor Vos)

Door Fred van Slogteren, 4 maart 2016 9:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web