Bij een zogenaamd jubileum ...

De slogblog bestaat tien jaar. Nou en? Niet eens ’n officieel jubileum. Geen goud of zilver, zelfs geen koper. Wat wil die Van Slogteren dan met z’n gebedel om een bijdrage van twee- tot driehonderd woorden? Op voorhand geil van de lof die hij verwacht? Jongens toch. Stel je eens wat bescheidener op, zou ik zeggen, en denk niet dat de hele wielerwereld om jou, je bloggie en je boeken draait. Je wilde toch zélf zo graag?

Toen ik opperde dat het misschien geen gek idee zou zijn, op je hoogtepunt te stoppen met die dagelijkse flauwekul van burgerlijke standjes, ouwe truitjes en kaderplaatjes, betrok de hemel boven Zeist. “Oh nee, ik doe het nog veel te graag.” Terwijl het een goedbedoeld advies was om iemand tegen zichzelf in bescherming te nemen. En de buitenwacht tegen sleur?

Zelfbevrediging

Hoe gek, hoe enthousiast moet een mens zijn, om dag in dag uit in de zoveelste herhaling te vervallen, wéér over oude koeien als Piet Moeskops en Jan Janssen te beginnen, wéér over die Tour? Wéér te laten weten welke renners je allemaal hebt ontmoet voor boek nummer zoveel. Het begint wel eens naar zelfbevrediging te rieken.

Kom met feiten!

En dat allemaal voor die duizend tot vijftienhonderd lezers die volgens jou met enige regelmaat je blog lezen. Waar baseer je dat op? 

Kom met feiten. Laat een hbo-student bij wijze van afstudeerproject een onderzoek naar het nut en draagvlak van je digitale stamtafel doen. Dan weten we tenminste wat en rijden niet langer zonder oortjes.

Opnaaien

Je begrijpt ondertussen wel, beste Fred, dat ik je een beetje zit op te naaien, want in werkelijkheid heb ik groot respect voor je. Had ik zelf maar dat doorzettingsvermogen, dat elan, die creativiteit, dat incasseringsvermogen. Een mens kan echter niet álles hebben. Ik begrijp vaak niet waar je de vindingrijkheid vandaan haalt om altijd weer nieuwe onderwerpen te bedenken en de zelfdiscipline om nooit te verzaken wanneer Het Stukje eruit moet.

Betweters

In die tien jaar van 365 dagen elk zijn het er dus 3650 geweest. Een onvoorstelbaar aantal. Het feitelijke schrijfwerk is nog niet eens de zwaarste opgaaf geweest, maar wat te denken van de research die eraan vooraf ging? Al die foontjes om tijdig aan illustratiemateriaal te komen? En dan na afloop al dat gezeik van betweters en andere schoolmeesters, als schrijver dezes, de opperschoolmeester. Zou niet graag in je schoenen staan.

Complimenten voor wat je nog altijd presteert en ga alsjeblieft nog een tijdje door, want anders raak ik de klaagmuur voor mijn frustraties kwijt. Het ga je goed, lange!

Irritante Gruit, alias De Schoolmeester

Reactie
Als bewijs dat ik je begrepen heb, waarde Gruit het volgende:

De negentiende eeuwse dichter Gerrit van der Linde (foto) was de enige echte De Schoolmeester. Om ons relativeringsvermogen aan te scherpen, dichtte twintigste-eeuwer John O'Mill in zijn stijl als een variant op het beroemde De leeuw is iemand, die bang is voor niemand:

Wees jezelf, zei ik tot iemand
Maar hij kon niet, hij was niemand

Door Han de Gruiter, 1 februari 2016 12:00

reactie

Wees jezelf etc is van De Genestet, ook een negentiende-eeuwer, net als Gerrit van de Linde.
Geplaatst door Marius Engelsman, 25 februari 2016 00:05:13

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web