ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Het balhoofdplaatje van Otto …

Omdat ik met Fred heb afgesproken dat ik in deze rubriek wat meer fietsonderdelen ga beschrijven dan alleen maar balhoofdplaatjes, ga ik nog even door met de naven. Bijna alle moderne fietsen met derailleur hebben tegenwoordig een cassettenaaf. Dat is niet altijd zo geweest, want de ‘pion’, zoals renners en mecaniciens het noemen, was een freewheelhuis met drie, vier, vijf, zes of acht vaste kransjes. Bij de luxere versies kon elk kransje afzonderlijk los geschroefd en zo nodig vervangen worden. Bij de goedkopere confectiemodellen vormden freewheel en kransjes echter ... 
... één onlosmakelijk geheel. Het nadeel daarvan was dat het systeem volledig moest worden vervangen als het freewheel kapot of het meest gebruikte kransje versleten was. Hoe sterker de renner, hoe vaster de pion op de naaf kwam te zitten. Er waren dan vaak speciale gereedschappen nodig of zelfs een bankschroef om de as uit het freewheel te kunnen demonteren.
Tijdens de Tour de France van 1984 kwam de Franse La Vie Claire-ploeg met Bernard Hinault als kopman, met een nieuw freewheelsysteem. De Helicomatic van Maillard. Het freewheel had aan de binnenkant schuin geplaatste ribbels die pasten op soortgelijke ribbels op de naaf (zie foto). Met een kwartslag rechtsom kon je het freewheel eenvoudigweg monteren en door naar links te trekken kon het freewheel met de hand worden afgenomen. Volledigheidshalve zat er nog een ring op geschroefd om de boel op zijn plaats te houden, maar strikt noodzakelijk was dit niet. De naaf werd standaard geleverd met een sleutel om de ring af te nemen. Een multifunctioneel stukje gereedschap, want het was ook een dubbele spaaksleutel en je kon er ook nog een fles mee openen. 
Met de Helicomatic ging fabrikant Maillard, na het succes bij La Vie Claire, als grootste navenfabrikant ter wereld met veel succes de markt op met een kant en klaar product waaraan geen kinderziektes kleefden. Het systeem had het vertrouwen van de renners en was ideaal voor de fietstoerist die zomaar langs de weg een gebroken spaak aan de rechter zijde kon vervangen en als hij daar dorst van had gekregen er ook nog de kroonkurk van een flesje frisdrank mee afwippen.
De grote Franse merken, als Peugeot, Mercier en Motobécane waren er natuurlijk als de kippen bij om hun producten met Helicomatics af te monteren. Het succes duurde maar twee jaar, want toen kwam de Zwitser Wilfried Hügi met de eerste cassettenaaf. Die werd onmiddellijk de standaard voor alle beroepsrenners. Hügi gebruikte drie in plaats van twee wiellagers, en de demontage van het freewheel was even simpel als bij de Helicomatic het geval was. 
De cassettenaaf van Hügi verdrong snel alle andere systemen van de markt, ondanks het feit dat het product ongeveer vijftig maal zo duur was als een Maillard Helicomatic en je er geen fles mee kon openen.
Tot volgende week!
Otto Beaujon
Door Fred van Slogteren, 29 januari 2016 10:00

toch anders.

Bij mijn weten is de Helicomatic al in 1982 voor het eerst in Incheville (F) gemaakt. Even na de overname van Sachs in 1980. En het heeft het inderdaad tot 1988 geduurd. De kogeltjes waren met even kleiner dan tot dan toe gebruikelijk in achternaven. Er gingen aan elke zijde 13 stuks 5/32" kogeltjes in. Het schijnt dat dat juist voor de slechte resultaten heeft geleidt. Niet het systeem op zich. Soms kom je het op oude Franse fietsen nog wel tegen Afgelopen half jaar is dat me 2x overkomen. Overigens zonder het "speciale" gereedschap laat de ring zich eenvoudig met een waterpomptang verwijderen.

Geplaatst door marcoV, 29 januari 2016 11:22:45

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web