Uit de ordners van Jan …

Met deze uitgave van het blad Wielersport gaan we meer dan 59 jaar terug in de tijd, want dit exemplaar gleed op donderdag 6 december 1956 bij de abonnees in de brievenbus. De postbode hoefde niet te proppen, want de dikke glossy’s van nu waren nog verre toekomstmuziek. De Wielersport van toen was nog een flinterdun blaadje gedrrukt op net niet het slechtste soort krantenpapier. En het was geen oud nieuws dat er in stond, want Nederland telde nog maar 75.000 tv-ontvangers en zonder de mobiele telefoon en het internet had de redactie nog een belangrijke taak als nieuwsbrenger. Als anno 2015 toppers als Niki Terpstra en Lars Boom hun afscheid zouden aankondigen dan zouden ... 
... twitter en facebook ontploffen. Ze zouden ongetwijfeld nog dezelfde avond bij DWDD en Pauw zitten om nog eens uit te leggen wat we al op diverse radio- en tv-journaals en teletekst hadden gehoord en gelezen. 
In deze uitgave van Wielersport werd de lezer op de hoogte gesteld dat Gerrit Schulte en Arie van Vliet afscheid gingen nemen en dat was voor menigeen nieuw, hoewel het blaadje in deze tijd van het jaar maar eens per veertien dagen verscheen. Ze hadden de tijd er aan te wennen, want Schulte zou in het nieuwe jaar nog een aantal zesdaagsen rijden, voor hij in het voorjaar definitief zou stoppen en ook weer niet zo heel definitief. Van Vliet zou er nog het hele jaar 1957 aan vastknopen, een succesvol jaar want de 41-jarige sprintkeizer zou bij het WK van 1957 alleen nog maar voorrang verlenen aan zijn vriend en grootste concurrent, de drie jaar jongere Jan Derksen. 
Stoppen is moeilijk
Redacteur Jaak Veltman schrijft in het binnenwerk dat Schulte voornemens was te stoppen na afloop van zijn 61ste zesdaagse. De nog lopende contracten voor Antwerpen, Zürich en Kopenhagen zou hij nakomen maar februari 1957 zou hij nergens meer aan de start komen. Hij zou voor de derde maal in zijn carrière op zijn uitspraak terugkomen. Al in 1948, na het behalen van het wereldkampioenschap achtervolging, had hij serieus overwogen te stoppen, omdat hij in Den Bosch een café was begonnen. Het ging niet door en ook in september 1951 was er sprake van stoppen, toen hij het beheer van het restaurant op het terrein van het Bossche sportpark De Vliert kon overnemen. Op aandringen van zijn vrouw Toos, die de zaak zou gaan runnen, zette de geboren Amsterdammer zijn loopbaan voort, omdat hij overal nog topgages kon verdienen. 
Afscheid in grootsheid
De ruim veertigjarige Bossche Reus was in 1956, toen hij voor de derde maal aankondigde te zullen stoppen, nog steeds top of the bill en een van de grootste renners van zijn tijd. Hij was in augustus nog derde geworden in het WK op de weg en op de winterbanen was zijn woord nog altijd wet. Hij was nog eerzuchtig genoeg en van sleet was weinig te merken. Daarom kreeg zijn loopbaan eind 1956 andermaal een vervolg, mede omdat hij na zijn jaren met Gerrit Boeijen en Gé Peters een nieuwe partner dacht te hebben gevonden in de jonge Peter Post. De buurjongen van zijn broer Piet in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt. Met die jonge gast wilde hij naar een groots afscheid toewerken. Het liep anders, zoals algemeen bekend. 
Duiven, vissen en jagen
Maar zover was hij nog niet toen in december 1956 dit nummer van Wielersport uitkwam. Hij zou in de zomer van 1957 nog hier en daar wat criteriums rijden, een enkele baanwedstrijd betwisten, maar dat was het dan wel. In de zesdaagsen zouden ze hem niet meer zien, zei hij met overtuiging. De vele vrije tijd, die hij zou krijgen, was voor zijn liefhebberijen als duiven melken, vissen en jagen. ‘Men zou zich kunnen afvragen of het besluit van Schulte geen dronkemanseed is, die vooral wielrenners zo graag zweren, maar Gerrit kennende mogen wij aannemen dat zijn besluit vast staat. Nog vier zesdaagsen en dan wordt er een dikke punt gezet achter een rennersloophaan van een groot kampioen’, schrijft Veltman, daarmee aangevend dat hij Schulte helemaal niet zo goed kende. 
Pas vier jaar later sloot Gerrit Schulte op 44-jarige leeftijd zijn wielerloopbaan af met een overwinning in de Zesdaagse van Antwerpen. Samen met zijn twee landgenoten Peter Post en Jan Plantaz. In die vier jaar zegevierde hij nog in Kopenhagen (Gillen), Zürich (Nielsen), nog een keer Zürich (Von Büren), Berlijn (Bughdahl), Brussel (Post) en Antwerpen (Post, Bughdahl), waarmee hij zijn totaal aantal overwinningen op negentien bracht.  
Tot volgende week!
 
Jan Houterman
Door Fred van Slogteren, 14 december 2015 9:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web