Het was me het weekje wel …

Het tweede deel van de trilogie Als je de Tour niet hebt gereden … is momenteel in druk en wordt op 26 november in Utrecht aan de pers en genodigden gepresenteerd. Voor mij is het al een gesloten boek, want ik was de afgelopen week al weer druk met deel III. Twaalf interviews heb ik achter de rug met oud-renners die in de jaren negentig en de beginjaren van deze eeuw in de Tour de France hebben gereden. Mooie verhalen van John van den Akker, Léon van Bon, Bram de Groot, Martien Kokkelkoren, Marc Lotz, Gerben Löwik, de moeder van de helaas overleden Rob Mulders, Martin Schalkers, Eddy Schurer, John Talen, Wiebren Veenstra en Marco Vermeij. Interessant, soms hilarisch, een enkele keer dramatisch maar altijd boeiend. Wielrenners zijn geen ... 
... saaie mensen en hun levensverhalen bewijzen dat. 
Ik heb nu ruim tweehonderd renners en/of nabestaanden van overleden coureurs indringend gesproken, maar er is geen verhaal dat me zo heeft aangegrepen als dat van Pieter de Jongh, de coureur uit Made, die in de jaren vijftig drie maal in de Tour startte met een 33ste plaats in het eindklassement als beste prestatie. Hij werd gisteren tachtig jaar en hij ziet er nog geweldig uit. 
Toen ik hem in 2013 interviewde had ik er totaal niet op gerekend zo een dramatisch verhaal te gaan aanhoren. Een verhaal over de novemberdagen van 1944 toen het West-Brabant van zijn jeugd door de Polen werd bevrijd. Daar is toen hevig gevochten tussen de Duitsers, die als leeuwen de oevers van het Hollandsch Diep verdedigden, en de eerste Poolse tankdivisie van generaal Maczek. De bevolking van Made, Oosterhout en Terheijden was óf gevlucht óf zat in de inderhaast gegraven schuilkelders onder hun huizen. Zo ook de familie De Jongh. Vader, moeder en vier kinderen. Drie meisjes en Pieter die in diezelfde maand tien jaar zou worden. 
Zes doodsbange mensenkinderen die verrast werden door een Poolse tankgranaat die per ongeluk de schuilkelder invloog om dood en verderf te zaaien. Pieter werd zwaar gewond. Pas een dag later kon hij naar het ziekenhuis in Breda vervoerd worden om daar na enkele dagen te horen dat alleen zijn vader en één zusje de ramp hadden overleefd. 
Hij herstelde gelukkig en werd een beroemd wielrenner. Hij heeft het verhaal nooit verteld aan de journalisten die hem in zijn glorietijd kwamen interviewen. Tot ik hem vroeg hoe zijn jeugd was verlopen en hij me het drama vertelde. Onbewogen leek het wel, maar nadat ik het had opgeschreven en het hem door de telefoon ter controle voorlas, hoorde ik hem zachtjes huilen. 
Een aantal maanden later sprak ik hem weer. Om hem te condoleren met het verlies van Naantje, lieve vrouw met wie hij meer dan een halve eeuw lief en leed heeft gedeeld. Pieter de Jongh, politieman in ruste is nu tachtig jaar. Als renner goeddeels vergeten, maar een vedette voor een ieder die hem kent. Je zal het als kind maar hebben meegemaakt. (Foto: © Han de Gruiter)
Door Fred van Slogteren, 16 november 2014 14:00

Pieter de Jongh

Wat een rare veronderstelling Fred dat je mening bent toegedaan dat Pieter de Jongh uit Made nauwelijks nog gekend em herkent zou worden. Ik ben de mening toegedaan, dat het tegenovergestelde meer de waarheid bevat. Ik kon nauwelijks zelf fietsen in zijn nieuwelingjaren, toen ik met mijn vader en af en toe mijn moeder de prestaties volgde van mijn broer Louis, ja dat was ook een concurrent van Pieter de Jongh, zoals ook Cees van Gool en Jan Oele uit Rotterda, Karel Keepers uit Rozendaal, Toon Thijsse en Joop Captein, en ook Peter Post alle 3 uit Mokum en nog vele anderen. Echter Piet de Jongh uit Made as wijds en zijds bekend in heheel Nederlan. Dat hij in de vergetelheid terecht is gekomen vond zijn oorzaak, gelijk een Harrie Scholten, dat zij na een vrij korte professionele carriere hun ogen waren geopend, en niet de weg volgden van zovele anderen, die wilden koste wat het koste prof worden, met alle nadelige gevolgen die de laatste jaren nu wijd en zijds bestreden worden. Een Pieter de Jongh en ook Harrie Scholten, verkozen een maatschappelijke carriere boven het risicovolle vak van Beroeps wielrenner. En achteraf hadden zij het gelijk aan hun zijde. De meeste wielrenners ouder dan 75 jaar kunnen deze 2 kanjers nimmer vergeten zijn, in mijn geval, ik beschik gelukkig nog over een goed geheugen, ondanks wat kleine stribbelingen die een ieder op latere leeftijd tegenkomt. Met het boven omschrevene wil ik in iedergeval Pieter de Jongh nog complimenteren met zijn prachtige erelijst in korte periode bijeen gefietst.Theo ten Dam.

Geplaatst door Theo ten Dam, 17 november 2014 16:12:17

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web