Het balhoofdplaatje van Otto …

Engeland heeft vele grote tijdrijders voortgebracht. Niet alleen Bradley Wiggins, de nieuwe wereldkampioen tijdrijden, en in een recent verleden Chris Boardman, maar meer dan een eeuw lang waren er kanjers in de eenzame race tegen de klok. Meestal ging dat trouwens niet over afstanden van 50 kilometer, maar over honderd mijl, 12 uur, 24 uur, ga zo maar door. Zelfs afstanden van 853 en duizend mijl werden niet geschuwd. Dat waren zogeheten End-to-End-races, die non-stop diagonaal door ... 
... heel Engeland en Schotland voerden. 
Freddy Grubb (1887) was in zijn tijd een beroemde time-trial-specialist. Hij reed voor de Vegetarian Cycle and Athletic Club, en in 1910 vestigde hij met iets minder dan vijf uur een nieuw record op de honderd mijl (161 kilometer). Hij deed dat op een doortrapper zonder remmen. Voor menig wielertoerist is dat vandaag de dag nog een hele prestatie, want hij reed gemiddeld 32 kilometer per uur. 
Het jaar daarna voegde hij nog twee records aan zijn palmares toe. In twaalf uur tijd legde hij op een wegparcours 220,5 mijl (355 kilometer) af en op de baan trapte hij in 24 uur een afstand weg van 351 mijl, het equivalent van 565 kilometer. Het record van Londen-naar-Brighton is in de geschiedenis van het Britse tijdrijden het vaakst aangevallen en dat record heeft Freddy Grubb veertien jaar op zijn naam gehad. 
In  1914 werd Grubb beroepsrenner. Hij dacht in de zesdaagsen op het Europese vasteland en in Noord-Amerika  goed te kunnen verdienen, maar dat viel tegen. Ook zijn deelname aan de Giro d’Italia werd niks. Teleurgesteld wilde hij weer bij de amateurs gaan rijden, maar dat werd hem door de reglementen verboden. 
Daarom begon hij in 1914 een fietsenzaak, maar in dat jaar brak de Eerste Wereldoorlog uit en was er in dat vak geen droog brood te verdienen. Grubb solliciteerde bij de marine, maar werd afgewezen vanwege zijn vegetarische principes. Als hij die had verloochend zou zijn wielerclub hem voor het leven hebben geschorst en dat had hij er niet voor over.
En toen werd hij maar weer fietsenmaker. Grubb ontwikkelde een uitvalnaaf, maar de uitvinding bleef steken in een ruzie met zijn compagnon over de patenten. Telkens begon hij opnieuw met een framebouw- en racespeciaalzaak, maar in 1934 kwam er een definitief einde aan de ‘echte’ Freddy Grubb racefietsen. Holdsworth nam de merknaam over en bleef die tot 1952 gebruiken. 
Een originele Freddy-Grubb-fiets is in Engeland nog steeds een zeer begerenswaardig collectors item. De naamgever overleed in 1949.
Tot volgende week!
Otto Beaujon 
Door Fred van Slogteren, 26 september 2014 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web