Uit de beeldentuin van Jac …

Vorige week zaterdag, op de voorlaatste dag van de Ronde van Italië, moesten de renners de Monte Zoncolan bedwingen. Het is een van de bergen die de heren coureurs in de Giro de meeste vrees aanjaagt. In 2003 kwam de klim voor het eerst voor in het parcours, maar toen nog vanuit Sutrio, de minder zware kant. Minder zwaar is een relatief begrip, want de klimafstand is dan altijd nog 13,5 kilometer. Met een gemiddeld stijgingspercentage van 8,9 procent met een maximum van 23 procent is het een geduchte opgave. 
Marco Pantani, bij wie het verval toen al gaande was, liet zich op de Zoncolan nog even zien, maar was geen ... 
... bedreiging voor Gilberto Simoni die de etappe won. De Trentijn verstevigde daarmee zijn greep op de roze trui en won uiteindelijk de Giro van dat jaar. In 2007 won Simoni de etappe op de Zoncolan opnieuw. Deze keer, en ook de keren daarna, werd de de col vanuit Ovaro beklommen. Vanaf die kant is de klim 10,5 kilometer lang met een gemiddelde van 11,5 procent en een maximum van 22. 
In 2010 won Ivan Basso en in 2011, toen de Monte Crostis uit het parcours werd gehaald en de etappe werd ingekort, won de Spanjaard Igor Anton. 
Bovenop de Monte Zoncolan staat een kunstwerk dat hulde brengt aan alle fietsers die de berg hebben bedwongen. Langs de weg omhoog staan nog borden met daarop foto’s als eerbetoon aan een aantal grote kampioenen uit de rijke historie van de Giro d’Italia.
Tot over veertien dagen!
Jac Zwart
Deze en een veelvoud aan andere wielermonumenten zijn te vinden in een serie e-boeken die zijn te downloaden van de website www.xinxii.nl en geschikt om te lezen op een iPad of andere e-readers.

Door Fred van Slogteren, 7 juni 2014 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web