Het balhoofdplaatje van Otto …

De Tsjechische stad Cheb aan de rivier de Eger ligt in het gebied dat honderd jaar geleden geografisch werd aangeduid als Egerland. Nu is het woord Egerländer nog een begrip in de volksmuziek. Honderd jaar geleden was Duits de voertaal in de Tsjechische provincie Bohemen, in 1938 werd Bohemen ‘Heim ins Reich’ gebracht, en na 1945 werd het Tsjechisch er de officiële en enige taal.  
Zo ontmoetten de Tsjech Opava Slezan Ambros Swetlik en de Duitser Heinrich Kastrup elkaar als ... 
... collega-mechanikers in de fietsen- en motorenfabriek Premier in Cheb. Premier was sinds 1908 de Tsjechische dependance van de beroemde Engelse fietsen- en motorenfabriek Hillman, Herbert & Cooper. Swetlik en Kastrup besloten in 1911 om voor zichzelf te beginnen, en ze namen nog enkele collega;s van bij Premier mee. In 1914 maakten ze twintigduizend fietsen per jaar. Ook gingen ze motoren maken, maar dat kwam nooit verder dan de ‘onder zestig kilo’ motortjes met een 74 of 98 cc blokje van Sachs, waarmee je in heel Europa zonder rijbewijs en zonder wegenbelasting mocht rijden. 
In 1922 richtten Swetlik en Kastrup een tweede fietsenfabriek op in Rokycany, in de regio Pilzen. Deze tweede fabriek heette Tripol, en maakte gebruik van de onderdelen die Eska maakte. 
Heinrich Kastrup overleed in 1930, en Opava Swetlik een jaar later. De fabriek Eska werd voortgezet onder een nieuwe directie, en bleef ook gedurende de Tweede Wereldoorlog bestaan. Zelfs tot 1990 werden er bij Eska in Cheb fietsen gemaakt. Na het overlijden van de beide eigenaars/directeuren werd Tripol overgenomen door een zakenpartner die de naam veranderde in Velo Tudor.     
In Bohemen rijden anno 2014 nog heel was Eska’s rond.
Tot volgende week!
Otto Beaujon 
Door Fred van Slogteren, 9 mei 2014 10:02

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web