Herinneringen bij een foto …

Tijdens mijn research voor het eerste deel van mijn boek over de Nederlandse renners die tussen 1936 en 1971 de Tour de France hebben gereden, heb ik heel wat kinder- en rennersleed aangehoord. Grote gezinnen, armoe, weinig schoolopleiding en de wielersport als middel om uit de shit te komen. Bij het tweede boek waarin de renners worden beschreven die tussen 1972 en 1988 een of meer malen in de Tour zijn gestart heb ik te maken met een andere generatie. De jeugd van die renners speelde zich af in de ... 
... late jaren vijftig en zestig toen onder meer door de aardgasbaten in Nederland het begin van welvaart zichtbaar werd. De jongens van toen gingen fietsen omdat ze het een mooie sport vonden, waarin ze graag de top wilden bereiken. Maar er zijn uitzonderingen. 
Ik heb gisteravond Jan Jonkers geïnterviewd. Een Brabander die in 1980 en 1981 in de Tour heeft gereden. Hij is in 1955 geboren in Oud-Gastel. Ik waande me terug in de jaren dertig toen ik zijn verhaal hoorde. Een verhaal vol kinderleed, uitbuiting, armoe, een opleiding van slechts vier klassen lagere school. Afkomstig uit een groot gezin, een vader die zes dagen per week twintig uur per dag werkte en zijn achtjarige zoontje van school hield om in de bouw te helpen met zand en cement scheppen en stenen sjouwen. 
Jan Jonkers is er coureur door geworden, misschien wel de hardste bikkel van zijn generatie. Hij eindigde kort in die verschrikkelijke editie van Luik-Bastenaken-Luik in 1980 waarin vorst, sneeuw en een ijskoude wind de renners geselden en Bernard Hinault met een gigantische voorsprong als winnaar over de streep kwam. Gekleed als een poolreiziger. Jan kwam een minuut of twaalf later over de streep met korte mouwen, blootshoofds en zonder handschoenen. Ook in die barre Touretappe datzelfde jaar over de kasseien van Parijs-Roubaix bleef Jan overeind in dat verschrikkelijke weer. 
Het heeft hem geen geluk gebracht, want de wielercarrière van Jan en ook zijn latere leven zijn dramatisch verlopen. Volledig versleten door die kinderarbeid slaat hij zich zo goed en zo kwaad als dat kan door het leven. Zijn grootste geluk is dat hij nog kan fietsen, elke dag. Eens coureur, altijd coureur. (Foto: archief dewielersite.net)
Door Fred van Slogteren, 11 maart 2014 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web