Niets meer dan apen …

“De uitroep ‘Het is maar sport,’ is vaak de dooddoener om vergelijkingen met dingen daarbuiten als onjuist of overtrokken te beschouwen. Was het maar waar! Bijna geen betere metafoor voor menselijk gedrag dan in de beleving van sport. Onbedoeld legt het dingen bloot; mooie en minder mooie. De verleiding is groot sport, louter en alleen als tijdverdrijf, uit te sluiten. Vergeet het. Zet een paar oude lullen op een racefiets voor een niets-om-het-lijf-tochtje en verbaas je over hoe het beest, de irritante klootzak of juist de aardige gozer in hen wakker wordt. Het is maar spel. Evolutionair gezien is spelen bittere noodzaak. Kijk naar jonge beesten en zie daarin de oefening om later te kunnen overleven. Wij mensen zijn amper anders. Ver voordat instituten als het ...

... IOC of andere sportbonden bestonden en de sport probeerden te reguleren, waren er al spelen. Met deelnemers en toeschouwers.

Feitelijk zijn toeschouwers passieve spelers. In ieder geval zaten het Colosseum en andere arena’s bomvol. Als huilende wolven op de taiga of brulapen in een tropisch woud gingen ze tekeer. Kijkend naar een spel met voor de spelers slechts twee uitkomsten: of hij werd zielloos weggesleept of verliet als held met zegepalm de arena. Een betere metafoor voor het dagelijkse leven is amper te maken. In essentie is er al die eeuwen niets veranderd. De meeste sporten spelen zich nog steeds af in arena’s. Ook het joelende publiek is van alle tijden. Wielrennen lijkt een uitzondering. Ergens op een onzalig tijdstip vertrekt de meute om uren later en kilometers verder ergens anders aan te komen. Daartussen heerst de wetteloosheid van het recht van de sterkste, slimste of lafhartigste. Onderweg omzoomt nieuwsgierig volk de weg; ze kijken naar een voorbijflitsend peloton en dromen weg bij het heldendom van de entourage.

Uit een film
Recent zag ik op de slogblog een mooie foto; een ploegleiderwagen tijdens de ronde van de DDR anno 1959. Hij werd bewonderend gadegeslagen door volk langs de kant van de weg. De scene leek zo geplukt uit een film als The Gladiator.
Wielrennen als metafoor van het gewone leven. Zo moeten Hannibal, Hadrianus en andere historische helden ooit op rooftocht zijn gegaan. Toen op olifanten en paarden, nu in legerjeeps of Hummers. Allemaal met het doel: te veroveren, te vernietigen, te zegevieren. Foto’s van generaals en maarschalken als Patton en Rommel zijn het bewijs. 

West Side Story
Wie wel eens een boek van Frans de Waal of Jane Goodall heeft gelezen, weet dat chimpansees ook zo op rooftocht gaan. Eenmaal verzameld hebben ze alle kenmerken van een oprukkend leger of zo’n jeugdbende uit West Side Story. Bij hen ontaardt de zogenaamde Mobbing-standaard in moorden. Genetisch gezien staan chimpansees het dichtst bij ons. Gelukkig hebben wij onze samenleving ingericht met regels. Onlangs kregen we zelfs zicht op wat het betekent om ploegleider te zijn. Dankzij auto’s volgehangen met camera’s en microfoons werd duidelijk hoe de Belkin ploegleiding daar verbaal vorm aan gaf. Voor veel mensen kwam dat over als een teleurstelling. Graag maak ik daarbij de kanttekening dat het ‘Kom op, hup, hup, hup, enzovoort’ duizendmaal prettiger klinkt dan het ten onrechte geromantiseerde ‘rije godverdomme’ van Post en Raas uit een ver verleden. 

Schimmig lobbywerk
Wie ooit een boardmeeting van een multinational heeft meegemaakt, weet dat het ook daar verbale armoe troef is en geknepen-billen-gedrag usance is door openlijke intimidatie. Toen ik voor het eerst een gemeenteraadsvergadering bijwoonde, zag ik hetzelfde. In voetbalkleedkamers hangen nog geen camera’s, maar dat hoeft ook niet voor mij. Wat ik wel zou willen zien is camera’s en microfoons in de vergaderzalen van grote sportorganisaties als potentiële kandidaten voor prestigieuze bobobaantjes worden gewogen. De sport zou gebaat zijn om dat schimmige lobbywerk van naar macht geilende mannetjes wereldkundig te maken. Apengedrag. Frans de Waal schreef er een interessant boek over, Macht en seks bij mensapen, heet het. Zijn conclusie: in het streven naar macht is geen spel te smerig, waarmee de lezer blijft zitten met de vraag: ‘Wat drijft die mensen, wat willen ze eigenlijk?”
Het antwoord ligt verborgen in die mooie foto uit 1959. Zie de gezichten, lees de lichaamstaal van de mannen in de auto. Eenmaal in je leven voor Caesar mogen spelen, daar doen sommige mensen een moord voor.

Het is verheugend dat voor misdaden tegen de mensheid en genocide uiteindelijk excuses worden gemaakt, al kan het soms eeuwen duren. De sport, ook de wielersport, loopt in die ontwikkeling nog achter. De sjoemelende vedetten van weleer, de bestuurders met vuile handen moeten nog tonen dat naast moordlustige chimpansees ook de vredelievende Bonobo’s het menselijke gnoom bepalen.

Tot een volgende keer!”

Joep Scholten


   

Door Fred van Slogteren, 15 september 2013 8:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web