Een heg in de weg ...

“Onlangs passeerde de naam Evert Diepenveen (foto) op de slogblog en het kostte me weinig moeite de grote slanke jongen voor te stellen waarmee ik duelleerde om de zege bij de nieuwelingen in de Ronde van Dodewaard. Niet eens zo lang daarna werd het plaatsje Dodewaard pièce de resistance vanwege die kerncentrale. Een oud voetbalmaatje van de Graafschap ontpopte zich daar als milieustrijder eerste klas. Gek, toen Dolf op goal stond bij de C’tjes hadden we daar nooit iets van gemerkt.
Maar die Ronde van Dodewaard is me om een andere reden bijgebleven. Het parcours leidde grotendeels over klinkers. Het was 1967 tenslotte. In bepaalde bochten trilde je door de snelheid automatisch naar ... 
... buiten richting stoeprand. Je kon erop wachten dat iemand die bocht uit zou vliegen. Niet zo erg leek me, want daar stonden mooie heggen en in heggen landt het zachter dan op keien.
Tijdens dat racen om de kerk heb ik regelmatig mede coureurs in een heg zien duiken. Bepaald spectaculair herinner ik me de duik van Aart Bakker uit Soest tijdens een Ronde van Vaassen (of Epe?); het gebeurde op een mooi recht stuk. Plotseling zwaaide het peloton als een zwerm spreeuwen naar rechts net toen hij wilde passeren. Aart raakte klem, ketste langs de stoeprand en sloeg over de kop. In plaats van op het asfalt te knallen, stuiterde hij op het gebladerte van een fraaie vers gesnoeide heg. Na een paar meter rollen, verdween hij als een drenkeling in het groen. 
Zelf belandde ik ook ooit in een dergelijke heg tijdens de Ronde van Beek bij Nijmegen. In de eerste beklimming meende ik, net als Aart, het peloton te moeten passeren en dat sneed me abrupt de pas af. Gelukkig stonden we bijna stil en zakte ik, nog vast in mijn pedalen, als een vertraagde opname weg in een beukenhaag. Het duurde een halve ronde rijden voor ik eruit was. Daarna achtervolgen. Halverwege de wedstrijd werd ik uit koers genomen omdat ik ingehaald werd door Dries. Die had het peloton gelost en won de wedstrijd met een ronde voorsprong. Ideaal rondje voor Dries. Ruim dertig keer een lange sprint omhoog. Bij elkaar opgeteld bijna 2000 hoogtemeters, een berg van hors categorie.
Maar die landing in Dodewaard had nog een staartje. De heg droeg gemene stekels. Ik meen dat het Teus Valkenburg uit Scherpenzeel was die je maanden later in een kleedkamer kon verrassen met een luide lach terwijl hij riep: ‘Daar is er weer één.’ 
Triomfantelijk hield hij dan een lange stekel omhoog die zich sinds die vroege dagen in mei onderhuids had verscholen in bil of rug. (Foto: archief dewielersite.net)
Tot een volgende keer!”
Joep Scholten 
Door Fred van Slogteren, 31 maart 2013 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web