Uit de ordners van Jan …

Sport80 was in België en in Nederland een veelgelezen sportweekblad met heel veel aandacht voor de wielersport. Dit exemplaar kostte destijds 50 Belgische Francs en in ons land drie gulden 25. Voor dat geld kreeg je een fraai uitgevoerd magazine met 64 pagina’s sportieve informatie. Nummer 36 van de twintigste jaargang ging onder meer over de Europese atletiekkampioenschappen, autocoureur Nigel Mansell en de Amerikaanse tennisdiva Chrissy Evert. De wielerliefhebbers kwamen aan hun trek met … 
… mooie reportages over Adrie van der Poel, Greg LeMond en een exclusieve voorbeschouwing over het naderende WK in Colorado. 
Merckx meesterlijk
Dat laatste artikel werd geschreven door Jacques Sys en die was er van overtuigd dat bondscoach Eddy Merckx de Belgen een nieuwe wereldkampioen zou gaan bezorgen. Louter en alleen omdat iedere Belgische journalist toen nog heilig geloofde dat alles wat door Merckx was aangeraakt succes zou hebben. Tenslotte was de grootste wielrenner aller tijden zelf drie keer wereldkampioen geweest. Eigenlijk vier maal, want ook bij de amateurs was hij eens de beste van de wereld. Het diepe geloof van Sys en de zijnen blijkt ook uit de koppen waarmee het artikel is opgesierd. ‘Eddy Merckx: meesterlijk’ en ‘Hij zorgt voor enthousiasme, eendracht en een ongelofelijke trainingijver’.
Holle ogen
Wat dat laatste betreft was er niets teveel gezegd, want Sys had al na één training twaalf afgematte lichamen en vierentwintig holle ogen aangetroffen achter een gordijn van zweet. Merckx daarentegen voelde zich genoodzaakt het enthousiasme van de journalist enigszins te temperen met de uitspraak: ‘Ik zeg niet dat een Belg wereldkampioen wordt, maar alleen dat we er alles aan gedaan hebben om onze selectie conditioneel sterk aan de start te krijgen.’ Alle arbeid en goede bedoelingen ten spijt, werd de wegwedstrijd in Colorado Springs gewonnen door de Italiaan Moreno Argentin, voor de Fransman Charly Mottet en Giuseppe Saronni, een andere Italiaan. Pas in 1990 zou er weer een Belgische wereldkampioen komen toen Rudy Dhaenens in Japan de titel greep. 
Eerste studieronde
Een van de vaste rubrieken in Sport80 was De Wielerencyclopedie. Er bestond nog geen internet en Wikipedia en dus moest je als wielerliefhebber alle informatie zelf bij elkaar zoeken, reden waarom deze rubriek veel gelezen werd. In dit nummer zijn vier pagina’s gewijd aan Greg Lemond, de Amerikaanse kampioen met Belgische roots. Als jong rennertje had LeMond, thuis in Lakewood, al uitgedokterd dat als hij een vedette wilde worden hij zich het best bij de Belgische wedstrijdstructuur kon aansluiten, met het hele jaar door dagelijkse activiteiten. Zo stortte hij zich als 17-jarige in de Vlaamse wielercultuur voor zijn eerste studieronde. Hij pakte in deze stage al een aantal overwinningen mee, maar ging ook regelmatig op z’n bek, omdat hij tactisch nog een onbeschreven blad was.
Slechts overtroffen
Deze Vlaamse opleiding leerde LeMond tevens dat hij de ideale leerschool had gevonden en terug in Amerika had hij al gauw geen tegenstand van betekenis meer. Als grote favoriet werd hij in 1979 uitgezonden naar het WK voor junioren in Buenos Aires en zijn fantastische carrière is daar in feite begonnen. Met de wereldtitel. Tweede werd de Belg Kenny De Maerteleire die in dit artikel uitgebreid aan het woord komt. Wat voor LeMond het begin was van een fantastische carrière was voor de Belg min of meer zijn laatste hoogtepunt, slechts overtroffen door het Belgisch Kampioenschap voor militairen.
Regelmaat
Aan zijn prestaties in de Tour van 1986 had Adrie van der Poel het niet te danken, dat zo veel ploegen dat jaar naar zijn handtekening dongen. Het was de regelmaat in het voorjaar die hem alom deed opvallen. In alle zeven voorjaarsklassiekers behaalde de Brabander een topklassering, maar in de Tour eindigde hij als 110de ver in de achterhoede. In het criterium op de Champs Elysées kwam hij door pech zelfs als allerlaatste over de streep. ‘Geef mij maar eendagskoersen, te beginnen met het WK in Colorado’, riep hij naar de daar verzamelde journalisten. ‘Bijna vijf weken voorbereiding voor een koers van zes uur. Er zijn collega’s die het er niet voor over hebben.’
Adrie wel, net als hij tijdens zijn imposante carrière altijd bereid was met harde en lange trainingen in zijn sport te investeren. Met zijn 27 jaar waren de leerjaren voorbij en werd het tijd om te oogsten. De Belgische wielerjournalist voegt er fraai aan toe: ‘Adrie heet er een te zijn van het slag Zoetemelk, of Kuiper. Een wielermonnik, die leeft voor zijn fiets, en voor heel weinig meer. Een trappist, voor wie het zadel het altaar is, de pedalen de Heilige Schrift. Eentje die bovendien weet waar zijn kracht ligt en bereid is daarvoor veel, zo niet alles, opzij te zetten.’       
Tot volgende week!”
Jan Houterman

Door Fred van Slogteren, 3 september 2012 8:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web