Uit de wasserette van Henk …

 

“Wielrenner worden begint altijd bij de club. Hoe groot een renner soms ook wordt, hij is begonnen met simpele clubwedstrijdjes. Het hoogst bereikbare in die begintijd is dan ook het kampioensshirt van de vereniging. In dit geval Theo Middelkamp uit Goes, vernoemd naar een wielericoon uit de Zeeuwse kluiten en uitgereikt door de voorzitter, in de jaren vijftig vaak een …

… stevige man, met hoed, hoornen bril en een stevige bolknak tussen de lippen. Zo heeft de twintigjarige Jo de Roo ook eens breed staan lachen toen hem als kersverse clubkampioen dit truitje werd aangetrokken. Hij was toen al een goede amateur die in datzelfde jaar 1957 tweede werd in het Nederlands kampioenschap op de weg achter de Haarlemmer Piet Steenvoorden en die winnaar werd van de Omloop van de Kempen, een hoogaangeschreven amateurklassieker. Hij werd dat jaar ook nog Nederlands clubkampioen door met Jaap Huissoon, Piet Rentmeester, Miel Verstraete en Theo van Wychen de beste tijd neer te zetten in de ploegentijdrit bij het NCK, toen nog in Wijk bij Duurstede. Ondanks die resultaten zal hij toch niet hebben bevroed dat hij als prof zeven klassiekers zou gaan winnen en dat hij in 1962 de beste renner van de wereld zou worden door het winnen van de Super Prestige Pernod, de toenmalige wereldbeker. Jo de Roo was een klasbak, zoals Nederland er maar weinig heeft gekend. Zijn status als prof heeft hem niet veranderd, want hij is altijd dezelfde sympathieke en benaderbare man gebleven. Rustig de wereld beschouwend met zijn eigen filosofie. Hij is nu 74 jaar en nog altijd actief op de fiets en present bij alle leuke gebeurtenissen die zo kenmerkend zijn voor de wielersport. Ruim een halve eeuw als wielrenner ligt achter hem en het heeft zijn leven bepaald. Maar het begon allemaal met zijn kluppie, waarvan hij nog steeds een boegbeeld is.

Tot volgende week!”

Henk Theuns
 

Door Fred van Slogteren, 30 november 2011 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web