Als VIP met Jens op de foto …

 

“Eerder dit jaar schreef ik op deze plaats een stukje over de maniakale sportvisserspassie van mijn zwager Henny. Met hem ging ik in het verleden tijdens familiebijeenkomsten nog wel eens in debat over de vraag, wie van ons tweeën de mooiste sport beoefent? We zijn er nooit uitgekomen, mede omdat hij – ondanks vele verzoeken mijnerzijds - nog nooit een tochtje met mij op de fiets heeft gemaakt, terwijl ik wel met hem naar zijn stekkie aan de Leidsevaart ben geweest om er te vissen. Uiteindelijk hebben we het er …

… maar bij gelaten, want ieder zijn meug, zegt de boer nog altijd. Ik stond dan ook perplex toen ik dit voorjaar mijn aangetrouwde familielid op een wielerparkoers tegenkwam. Hij had het licht gezien en vertelde me enthousiast dat hij al diverse koersen had bezocht en het steeds leuker begon te vinden. Vooral de finale van een koers deed hem het hart in de keel kloppen. Veel verstand van wielrennen heeft hij niet, want hij is er vooral trots op dat hij nu veel plaatselijke renners bij naam kent. Zij kennen hem inmiddels ook, ze groeten hem en ik zie hem dan intens genieten. Onverwacht nodigde hij me vorige maand uit voor een bezoekje aan de Zesdaagse van Amsterdam. Hij zwaaide triomfantelijk met twee VIP-kaarten en een pagina van het Hoofddorps Dagblad, waarop zijn foto stond afgebeeld. Als onderschrift stond erbij: ‘Henny Stroet is de winnaar van de twee VIP-kaarten voor de 6Daagse van Amsterdam.’ Hij was één van de vele inzenders geweest die het antwoord wist op de vraag wie er in Amsterdam voor het laatst een zesdaagse zou rijden. Een jaar eerder had hij het vast nog niet geweten, maar nu had hij met grote letters DANNY STAM op een briefkaart gekalkd en ingezonden. Met het winnen van die kaarten zou hij dit jaar al zijn zestigste wielerkoers gaan bezoeken, riep hij triomfantelijk. Samen zijn we dus een avond op stap geweest naar het wielercircus op de Amsterdamse velodroom. Het is altijd leuk om onder het genot van een hapje en een drankje oude vedetten op het middenterrein te ontmoeten en herinneringen op te halen. Henny was echter minder gelukkig met zijn plaatsje op de binnenring. Hij kreeg namelijk kramp in zijn nek van het volgen van de wedstrijd. ‘Op de tribune zie je het veel beter’, klaagde hij keer op keer. Later op de avond hoorde ik hem niet meer, nadat hij met mij een bezoekje had gebracht aan het rennerskwartier. Ik grapte dat hij zich daar netjes moest gedragen omdat toegang tot het Walhalla doorgaans was voorbehouden aan Willem Alexander en andere hotemetoten en dat er slechts bij hoge uitzondering gewone stervelingen werden toegelaten. Trots als een orang oetang met zeven staarten schuifelde hij langs de boxen, hier en daar een praatje makend en de avond kon voor hem helemaal niet meer stuk toen diverse vedetten bereid waren met hem op de foto te gaan, zoals hier Jens Mouris. Het was de dag van zijn leven geweest, zei hij oprecht toen we weer in de auto zaten. ‘Mooiere sport dan wielrennen bestaat er niet’, riep hij bij het afscheid. Het kan verkeren, zei Bredero al.

Tot volgende week!”

Jan van der Horst
 

Door Fred van Slogteren, 20 november 2011 11:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web