Herinneringen bij een foto …

 

Vorige week schreef ik in de Burgerlijke Stand een stukje over Daan de Groot, een twintigjarige belofte die nog aan het begin van een wielercarrière staat. Zijn naam deed bij mij direct een grote bel rinkelen. Bij de eerste keer dat ik die in de seizoensgids zag staan, dacht ik namelijk terug aan een Amsterdamse wielrenner uit de jaren vijftig met dezelfde naam. Een groot talent, maar ook een jongen waarvan de kenners toen al wisten dat hij het niet ging maken. Hij had absoluut niet het karakter en de mentaliteit om een gedisciplineerd beroepsrenner te worden die ...

... honderd procent voor zijn sport kon leven. Hij kwam wel uit een echt sportgezin. Zijn vader, eigenaar van een kruidenierswinkeltje in de Frederikstraat, had op redelijk niveau gevoetbald, zijn moeder was Nederlands kampioen turnen geweest en zijn twee oudere zussen – Annie en Jannie – waren topzwemsters. Jannie werd in 1948 uitgezonden naar de Olympische Spelen in Londen, waar ze de finale 200 meter schoolslag haalde. Vier jaar later ging Daantje – hij was een grote sterke knaap, maar iedereen noemde hem zo – naar de spelen in Helsinki, waar hij overigens slecht presteerde. Twee jaar later werd hij beroepsrenner en in 1955 debuteerde hij in de Tour de France. Daar leverde hij zijn grootste prestatie door na een lange solo de dertiende rit te winnen met een voorsprong van dik twintig minuten. Zijn grote talent ten spijt haalde hij nooit meer het niveau waarvoor hij in de wieg was gelegd. Hij had een vrouw en een kind en hij werd taxichauffeur. Op 11 januari 1982 haalde ik Het Parool uit mijn brievenbus en las op de voorpagina tot mijn verbijstering dat Daantje op 48-jarige leeftijd was overleden. Later hoorde ik door zelfmoord. In 2005 wijdde ik een stukje aan hem op de blog waarvan ik toen redacteur was en diverse Amsterdamse oud-renners reageerden. Het ging over Daantje, zijn veel te jong overleden vrouw Ans en hun dochtertje Carolientje, die als kleuter bij al die oud-coureurs op schoot had gezeten. Tot ook zij reageerde met de tekst: Hier is Carolientje! Ik besloot een artikel over Daan te schrijven in Wieler Revue en ik zocht contact met haar. Ze woonde, ver van Amsterdam, met haar twee kinderen in het centrum van een oud stadje, was gescheiden en ziek. Een afspraak wilde ze wel, maar ze moest eerst even geopereerd worden. Ze vertelde het alsof het om het verwijderen van een neuspoliepje ging, terwijl het een levensgevaarlijke stamceltransplantatie was. Ze had vijftig procent kans het er levend af te brengen. Het lot was haar gunstig gezind en een aantal weken later belde ze dat ik kon komen. Moedig en sterk praatte ze, met de plakboeken op tafel, vol liefde over haar vader door wie ze zo’n gelukkige jeugd had gehad. Ze zag er triest uit, leek veel ouder dan ze was, had een kaal hoofd en een sombere hoofddoek die niet bij haar paste. Ik heb nog een paar jaar contact met haar gehouden, tot mijn mailtjes terugkwamen en haar telefoonnummer een ander toebehoorde. Ik denk nog wel eens aan haar als ik de naam van haar vader lees, maar wist lang niet hoe het haar verder is vergaan. Deze foto, die Cor in 2007 van haar maakte, gaf in ieder geval hoop dat het goed met haar ging. Later hoorde ik dat zij op 18 april 2009 is overleden. Hoe wreed. Het jongetje naast haar heet Daantje, heeft wel een andere achternaam en ik herinner me dat ze me vol trots vertelde dat hij dat bewuste nummer van Wieler Revue destijds mee naar school heeft genomen om een spreekbeurt over zijn opa te houden. Opa Daantje, het grote kind. (Foto: © Cor Vos)
 

Door Fred van Slogteren, 15 november 2011 9:00

Herinneringen bij een foto

Mooi betrokken verhaal. Vroeger had ik nog een wielerplaatje van Daan de Groot. Dit alles heb ik nooit geweten. Hoeveel ellende moeten sommige mensen/gezinnen meemaken...

Geplaatst door Farelli, 15 november 2011 10:25:28

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web