Van de boekenplank van Wim …


DE DAG DAT DE TOUR VOOR HET EERST BUITEN FRANKRIJK STARTTE

door Gijs Zandbergen en anderen


Tachtig dagen voor de start van de Tour de France in Utrecht, is de Domstad en de hele regio al helemaal in de ban van de Grand Départ. Het is de zesde keer dat de Tour in Nederland start en dat doet mijn gedachten teruggaan naar de eerste keer, toen in 1954 de karavaan uit het Olympisch Stadion in Amsterdam vertrok. De Utrechters zompen over het feit dat er geen echte Utrechters (uit het Staadsie) ooit de Tour hebben gereden en doen het met de provicialen, zoals Michel Stolker (Zuilen), Theo de Rooij (Harmelen) en andere provincie-Utrechters, die overal moeten opdraven om in allerlei media hun verhaal nog eens te vertellen. Er zijn wel twee ... 
... Tourrenners ooit in Utrecht geboren, maar die woonden er niet. Fedor den Hertog kwam in een Utrechts ziekenhuis ter wereld, maar zijn ouders woonden in Linschoten bij Woerden. Ook Boy van Poppel is geen echte Utrechter hoewel hij in het Utrechtse Diakonessenhuis het levenslicht zag. Zijn ouders, Jean-Paul en Leontien, woonden destijds in Bilthoven. Hoe anders was het in 1954, want in de Nederlandse tienmansploeg van Kees Pellenaars reden twee onvervalste Mokumers mee. Henk Faanhof en Hein van Breenen. Een aantal jaren terug is er een boekje aan die eerste Nederlandse Tourstart gewijd, volgeschreven door mensen die het allemaal van horen zeggen hadden.
De dag, waaraan in de lange titel van dit boekje wordt gerefereerd, is 8 juli 1954 en de buiten Frankrijk gelegen locatie voor de Tourstart was Amsterdam. Officieel was Amsterdam uitverkoren omdat de nationale ploeg van ploegleider Pellenaars bijzonder goed had gepresteerd in de Tour van 1953. Insiders wisten echter dat de Tourdirectie heel andere oogmerken had. Jacques Goddet – toen nog de machtige alleenheerser - vreesde namelijk concurrentie van de Ronde van Europa die als grote etappekoers was aangekondigd, met de mededeling dat die Ronde de Tour, de Giro en de Vuelta ver in de schaduw zou stellen. Na één mislukte editie is er nooit meer iets over vernomen, maar lang voordien had Tourdirecteur Jacques Goddet al besloten dat zijn Tour de grenzen over moest. 
De dagen voor die Tourstart behoren tot de hoogtepunten in mijn jongensbestaan, want als middelbare scholier in de zomervakantie heb ik dagenlang op het terrein van het stadion rondgehangen en aan iedereen die daar liep een handtekening gevraagd. Renners, mekaniekers, ploegleiders, chauffeurs, journalisten, iedereen die tot de karavaan behoorde kreeg het ongebruikte zakagendaatje met balpen onder zijn neus gedrukt met mijn vraag "un autographe s'il-vous-plaît?" Het boekje heb ik jaren bewaard, maar is helaas bij een of andere verhuizing zoekgeraakt. Die herinneringen kwamen echter weer boven toen ik dit boekje in handen kreeg. 
Op de dag van vertrek stond ik bij de uitgang van het stadion en zag alle ploegen stapvoets langskomen, met daarachter de witte jeeps met de ploegleiders staand erin. Toen de Nederlandse ploeg langs kwam, was Henk Faanhof de renner die mij het dichtst passeerde. Ik riep: "Hup Faanhof!" en kreeg een knipoog terug van mijn in januari jongstleden overleden stadgenoot. Het zou kunnen dat Boy van Poppel dit jaar tot de deelnemers behoort en een Utrechts jongetje op zondag 5 juli aanstaande dezelfde ervaring opdoet. Wedden dat hij zich dat zestig jaar later nog herinnert? Ik zou er mijn hele bezit op zetten, maar ik leef dan niet meer. Tant pis!
Door Fred van Slogteren, 16 april 2015 8:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web