De Kus!

 
De renner op deze foto heet Mariano Canardo en de hier getoonde kusmiss zal wel dezelfde achternaam dragen. Canardo was in de jaren dertig een van de beste Spaanse renners. Hij was twee keer kampioen van zijn land, won de Ronde van Marokko en vijf keer die van Catalonië. In 1938 werd hij als kopman van de Spaanse ploeg afgevaardigd naar de Tour de France. Het was een formatie van zes man en die werd door de organisatie gekoppeld aan een …

… Nederlands zestal om zo een twaalfmansformatie te krijgen, gelijk aan de omvang van de grote ploegen uit Frankrijk, Italië en België. De Nederlanders waren Piet van Nek, Janus Hellemons, Jef Dominicus, Toon van Schendel en de twee beste Nederlandse renners uit die tijd: Theo Middelkamp en Gerrit Schulte. Hen werd bij de start duidelijk gemaakt dat ze in dienst moesten rijden van Canardo en alles voor hem moesten doen wat het koersverloop verlangde. Wat er ook gebeurde Canardo moest voorin blijven bij de andere favorieten, zoals Gino Bartali en Sylvère Maes. Dat zinde Schulte van geen kanten. Tweehonderd procent overtuigd van zijn eigen klasse zou hij die Canardo wel even vertellen wat hij van die opdracht vond. Hij sprak alleen geen Spaans en Canardo geen Nederlands en allebei spraken ze Frans noch Engels. Nou spraken Amsterdamse jongetjes in die tijd in hun spel op straat wel eens zogenaamd Spaans door achter elk Nederlands woord de uitgang ‘os’ uit te spreken. “Ikkos bennos kampioenos”, dat werk. Schulte, streetwise in Amsterdam gevormd, was kennelijk nooit verteld dat dit geen echt Spaans was en hij sprak als een veldheer de Spanjaard toe met de woorden: “Ikkos rijos allenos voor mijos!” Daarmee kon de vermaarde Spanjaard het doen, hoewel hij waarschijnlijk nooit heeft geweten wat hem werd toegevoegd. Wel gemerkt, want in de eerste etappe zat blonde Gerrit al voorin met een achtste plaats in de daguitslag als beloning en in de derde rit was het raak en won hij op fraaie wijze – op een leeglopende achterband – de etappe van Saint Brieuc naar Nantes. Vier dagen later hoorde hij wat hij met die zege had verdiend en dat was omgerekend negentig Nederlandse guldens. Voor dat geld zou hij als populair baanrenner nog niet eens zijn veters gestrikt hebben en dus ging hij samen met zijn stadgenoot Piet van Nek verontwaardigd naar huis. Adios! En Canardo? Die reed een onopvallende Tour en eindigde op een zestiende plaats met bijna anderhalf uur achterstand op winnaar Gino Bartali. (Foto: archief Piet Kessels)

DOE MEE AAN DE S.P.A.A.K CYCLING CLASSIC! (klik hier)
 

Door Fred van Slogteren, 12 februari 2011 9:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web