Uit de ordners van Jan …

“Het Nederlandse koppel Harm Smits en Peter Post won eind maart 1957 de Zesdaagse van Chicago. Het Amerikaanse koppel Erwin Pesek en Ted Ernst was op één ronde tweede, hun landgenoot Jack Heid en de Italiaan Mino De Rossi derde. Het was voor de toen 23-jarige Post (foto: archief Theo Post) de allereerste winst in een zesdaagse. Tot aan zijn afscheid in 1972 zouden er nog 64 bijkomen en daarmee staat hij anno 2010 achter Patrick Sercu (88), Danny Clark (74) en René Pijnen (72) nog steeds vierde in de eeuwige ranglijst van meeste overwinningen. Post was in Amerika verzeild geraakt door toedoen van Piet van Kempen, een van de beste zesdaagserenners van voor de Tweede Wereldoorlog. Zwarte Piet was tijdens zijn loopbaan enorm populair in Amerika en hoopte op een groot financieel succes als hij daar zesdaagsen ging organiseren. Maar de beste Europese zesdaagsecoureurs hadden geen trek in het avontuur en alleen tweede garnituur en enkele jongeren wilden het er wel op wagen. Post was na een conflict met Gerrit Schulte een beetje in diskrediet geraakt en hoopte met goede prestaties weer in de belangstelling te komen. Hij had succes, maar in Europa deden de baandirecteuren wat lacherig over het avontuur van Van Kempen en Peter Post moest terug in de wachtkamer. De door het exploiteren van horeca-ondernemingen rijk geworden Van Kempen ...

...  verspeelde zijn hele kapitaal aan het avontuur en raakte daardoor vrijwel aan de bedelstaf.

Piet Damen (foto: archief T&T Tekst & Traffic) snelde op zaterdagmiddag 29 maart 1959 in de eerste van de vier wedstrijden om de grote Locomotief Wisselprijs na 150 vrij eentonige kilometers langs de zonovergoten Bosbaan in Amsterdam alleen over de finish. Acht seconden achter hem veroverde Piet de Jongh een fraaie tweede plaats voor Jan Westdorp en Michel Stolker. Piet Rentmeester en Coen Niesten, die in de laatste ronden voor het peloton uitgereden hadden, zagen hun moeite beloond met een vijfde en zesde plaats. Slechts enkele meters achter hen won Joop Captein de sprint van Peter Post aan het hoofd van het peloton. In de laatste van de dertig ronden om Europa’s mooiste roeibaan had Damen zich losgemaakt van zijn drie makkers die nog geen tien kilometer voor het einde de beslissende demarrage hadden geplaatst. Dat was gebeurd kort nadat de vlucht van Leo van den Brand, Hein van Breenen, Piet van der Horst, Pol Depaepe, Lambert van der Ven, Kees van de Zande, Ko Zieleman en Janus Wuyts door het fel jagende peloton teniet was gedaan. De groep had te weinig inhoud om de tegenstoot van het door Gerrit Schulte, Michel Stolker en Peter Post geleide peloton te pareren en moest zich na 140 kilometer gewonnen geven. Daarvoor waren twee groepjes uit het peloton gevlucht, waarbij Jo de Haan, Piet Steenvoorden, Piet Rentmeester, Jaap Kersten, Wim en Piet van Est en Peter Post betrokken waren. De uitslag: 1. Piet Damen (Lieshout), 2. Piet de Jongh (Made), 3. Jan Westdorp (’s-Heerenhoek), 4. Michel Stolker (Breda), 5. Piet Rentmeester (Yerseke), 6. Coen Niesten (Beverwijk), 7. Joop Captein (Amsterdam), 8. Peter Post (Amsterdam), 9. Pol Depaepe (België), 10. Ko Zieleman (Amsterdam) en 11. Gerrit Schulte (Den Bosch).

Op 29 maart 1962 won de Belg Julien Haelterman de achtste etappe van de Ronde van Tunesië. Hij versloeg in de eindsprint van de 210 kilometer lange rit van Medina naar Sfax een groep van vijftien renners. Jaap de Waard werd zevende, maar Bert Boom en Wim Dieperink staakten de strijd. De Fransman Jean Forestier won de Ronde van de Haut Var, een driedaagse etappewedstrijd in Zuid-Frankrijk. De derde en laatste rit leverde een overwinning op voor Jacques Anquetil. In de eindstand waren de Fransen Jean Graczyk en Edouard Delberghe tweede en derde.

Mijn slogblogcollega Jan van der Horst zal het zich misschien niet meer herinneren, maar op 30 maart 1964 won hij een criterium voor amateurs in De Wijk. De strijd om de overwinning werd 46 jaar geleden uitgevochten door een kopgroep van vier renners, waarvan Jan in de eindsprint de sterkste bleek te zijn. Dik Hoekstra uit Leeuwarden werd met gering verschil tweede, Lucas Grooten uit Nieuw Weerdinge derde en Leo van Dok uit Enkhuizen vierde.

Op zondag 29 maart 1970 boekte Popke Oosterhof (foto: archief T&T Tekst & Traffic) een fraaie zege in de Ronde van Drenthe, een amateurklassieker over 158 kilometer met start en finish in Hoogeveen. Wegens de bijzonder slechte weersomstandigheden gaven tal van renners op en al na tien kilometer stapte een grote groep af. Na dertig kilometer vormde zich een kopgroep van dertig man die zeventig kilometer verder nog maar uit dertien bestond. Kort voor de eindstreep sprong Oosterhof weg om met een voorsprong van tien seconden te zegevieren. Tino Tabak werd tweede vóór Nanno Bakker. De rest van de top 10: 4. Wicher Vlot, 5. Louis Westrus, 6. Martien Hoogstraten, 7. Piet Kettenis, 8. Cor Leunis, 9. Sjef van de Burgh en 10. Jan Aling.

Met ongekende overmacht won Eddy Merckx (foto © Cor Vos) op zaterdag 29 maart 1975 de 10e editie van de Amstel Goldrace. De wereldkampioen, die zich in Limburg revancheerde voor zijn nederlaag tegen Zoetemelk en Knetemann in Parijs-Nice, kwam na 238 kilometer alleen in Meerssen over de streep. Vijftien seconden later volgde Freddy Maertens, de enige renner die hem tot in de slotfase partij had kunnen geven. Merckx domineerde de koers, nog veel meer dan in 1973. Hij was steeds voor in het veld te vinden, beklom vrijwel alle heuvels van het zware parkoers als eerste van de groep en testte en passant de kracht van zijn concurrenten. Hij bekommerde zich nauwelijks om de twee Nederlanders, Harm Ottenbros en Nidi den Hertog, die vrijwel vanuit het vertrek demarreerden. Merckx. wist zich gesteund door Joseph Bruyère en Frans Van Looy. Nidi den Hertog, een jongere broer van Fedor, werd na 152 kilometer ingelopen, terwijl Ottenbros zich al vijftig kilometer eerder gewonnen had gegeven. Ongeveer halverwege koers viel de beslissing toen het peloton in groepjes verbrokkelde. Achter Den Hertog vormde zich een eerste groep van twintig renners met Merckx, Bruyère, Van Looy, Eric en Luc Leman, Maertens, Michel Pollentier, Gerrie Knetemann, Joop Zoetemelk, Cees Bal, Dietrich Thurau, André Dierickx, Hennie Kuiper, Knut Knudsen, Guy Sibille, Bert Pronk, Raymond Delisle en Piet van Katwijk. Na 189 kilometer kwam de eerste splitsing in de kopgroep tot stand. Natuurlijk was Merckx daarvan de initiator. Maertens, Bal, Delisle en Knetemann konden volgen en de rest werd verrast. Verrast, maar niet verslagen, want de vlucht duurde slechts enkele minuten. De tijd was nog niet rijp voor de beslissende slag. Die werd met nog veertig kilometer te rijden op de Keuteberg door Merckx ingeleid. Op die korte maar zeer steile helling kon alleen Maertens bijblijven. Zoetemelk ontdekte daar dat hij na zijn schedelbasisfractuur nog niet de oude was en tien kilometer verder hield Joop het dan ook voor gezien. Toen hadden Merckx en Maertens hun voorsprong al tot meer dan een minuut opgevoerd. De laatste beklimming van de Cauberg was een lijdensweg voor Maertens. Hij kon Merckx niet meer volgen, maar de wereldkampioen wachtte op hem. Hij vond het nog te ver om alleen door te gaan en hij zag Maertens ook niet meer als een echte concurrent. In de laatste kilometer toonde de Kannibaal zijn overmacht toen hij met speels gemak nog vijftien seconden van zijn landgenoot wegliep. De uitslag: 1. Merckx, 2. Maertens, 3. Bruyère, 4. Dierickx, 5. Pollentier, 6. Bal, 7. Knetemann, 8. Thurau, 9. Kuiper en 10. Knudsen.

Een weekendje wielrennen leverde eind maart 1977 de volgende resultaten op: Frans Verbeeck (foto: archief T&T Tekst & Traffic) boekte in de Brabantse Pijl zijn eerste grote overwinning van het seizoen. De fietsende melkboer won de sprint van Gerrie Knetemann, die tegen het einde tevergeefs had geprobeerd van de Belg los te komen. Willy Teirlinck werd derde op 7 seconden. De koers werd verreden zonder Freddy Maertens en Eddy Merckx. Desondanks werd het een boeiende wedstrijd. Jan Raas eindigde als vijfde. De Westduitser Dietrich Thurau won een dag later de Grote Prijs van Harelbeke. Patrick Sercu werd tweede op 2 minuten en 26 seconden, diens landgenoot Eric De Vlaeminck was derde. De Zeeuw Toine van de Bunder was diezelfde dag de sterkste in de Omloop van de Baronie voor Toon van der Steen en Michel Jacobs, terwijl Walter Planckaert met voorsprong aan de eindstreep kwam in Dwars door België met ruim anderhalve minuut voorsprong op Luc Leman.

Op 29 maart 1979 leidde het koppel René Pijnen en Wilfried Peffgen na de tweede nacht in de Zesdaagse van Groningen. Ze werden op twee punten gevolgd door Roman Hermann en Horst Schutz en op 1 ronde door Gerben Karstens en Martin Venix. Dat alles speelde zich af in de Martinihal. De Driedaagse van de Westkust, een etappewedstrijd waaraan alleen Belgische ploegen mochten meedoen, werd een prooi voor Staf Van Roosbroeck. Walter Planckaert won de derde en laatste etappe. Tot slot nam die dag de 22-jarige Waal Claude Criquielion de leiding in de Catalaanse Week.

Witte vlokken en spekgladde wegen bepaalden op 29 maart 1995 het koersbeeld van die dag. Te slecht en te gevaarlijk meenden de beroepsrenners toen ze net gestart waren voor de tweede etappe van de Driedaagse van de Panne. Al na enkele honderden meters knepen ze in de remmen. De barre weersomstandigheden leverden te veel gevaar op. Dit vooral met het oog op de Ronde van Vlaanderen, de tweede wereldbekerklassieker die de zondag erna op het programma stond. Op een valpartij of een longontsteking zat niemand te wachten. De koersdirectie besloot de koers te neutraliseren en richting finishplaats Oostduinkerke te gaan om daar tien plaatselijke ronden af te werken. Direct na de start probeerde de Italiaan Fabio Roscioli het peloton op achterstand te zetten. Hij kreeg bij de vluchtpoging gezelschap van zijn landgenoot Giovanni Fidanza en het attente TVM-blok Jelle Nijdam, Tristan Hoffman en Jesper Skibby. Het peloton haalde de vluchters in de slotronde terug waarna de verwachte massasprint kon plaatsvinden. De favoriete Wilfried Nelissen kon zijn faam als sprinter niet waarmaken, want Fabio Baldato (foto: © Cor Vos) was de rapste gevolgd door de Duitser Marcel Wüst en de ontgoochelde Nelissen. Jeroen Blijlevens werd negende.

Hierboven meldde ik reeds de fraaie zege van Eddy Merckx in de Amstel Gold Race in 1975. Dat was niet het enige wapenfeit van de Kannibaal op die datum. Als amateur won hij in 1964 in Ophasselt-Hekelgem en in 1967 was hij winnaar van Gent-Wevelgem waar hij Jan Janssen en Ward Sels te snel af was. Op donderdag 29 maart 1973 won naamgenoot Eddy Peelman weliswaar de rit in de Catalaanse Week, maar het was wel de beslissende slag in deze Spaanse rittenkoers. Luis Ocaña (foto: © Cor Vos) en Eddy Merckx gingen in het offensief en brachten drastische veranderingen aan in het algemeen klassement. Met steun van Peelman, Jacques Mourioux, Roger Swerts en Ventura Diaz sloegen zij een groot gat met de rest. De Fransman Raymond Delisle, de drager van de leiderstrui, had met het hele peloton ruim 28 minuten meer nodig. Hetzelfde lot overkwam de hoog in het klassement staande Joop Zoetemelk en Raymond Poulidor. Ocaña nam, de leiding over met zeventien seconden voorsprong op Merckx. De Catalaanse Week eindigde een dag later met een tijdrit over 13 kilometer in de buitenwijken van Barcelona en een rit in lijn over 151 kilometer rondom de hoofdstad van Catalonië. Merckx eindigde in de tijdrit als tweede achter Ocaña die zijn voorsprong van 17 seconden tot 28 tellen vergrootte. In het tweede deel kon hij deze voorsprong vasthouden ondanks het feit dat hij een lekke band kreeg. Merckx deed in deze rit tot tweemaal toe een poging het peloton te ontvluchten maar beide malen werd hij achterhaald. De niet in topvorm verkerende Belg eindigde tenslotte ontmoedigd in het peloton dat in dezelfde tijd als de winnaar Peelman werd geklasseerd. De Nederlanders Ben Koken en Joop Zoetemelk werden in het eindklassement respectievelijk vijfde en dertiende.

Tot volgende week!”

Jan Houterman

Door Fred van Slogteren, 29 maart 2010 10:00

Willem Metz

Met veel plezier het bericht over Willem Metz gelezen en ook de foto met Willem Metz en zijn renners. Leuk ook te zien dat Jan van der Horst nog steeds actief op de fiets. Zelf heb ik helle goede herinneringen aan Willem Metz. Ik fietste toen als aspirant bij de wielervereniging de Kampioen.
Na schooltijd wipte ik dan graag binnen bij de werkplaats van dhr. Metz. er was dan lekkere warme Engelse thee en prachtige verhalen uit de actieve periode als baanrenner van dhr. Metz en de verhalen van de renners de regelmatig binnen wipte. Zoals Piet van Steenvoorden, Gerrit Krabbenbosch, Ben Gieske en ook Jan van der Horst. Ik ben nooit verder gekomen dan de aspiranten maar kijk met veel plezier terug op die periode in mijn leven.

Geplaatst door André Ceelen, 30 maart 2010 11:28:55

willem metz

enkele weken geleden deed ik een rondleiding op het olympisch stadion. in het groepje (museumkaarthouders) de zoon van willem metz. had fotootjes bij zich van onder andere een stayersmotor. leuke
kennismaking die de rondleiding nog leuker maakte omdat ik over dit, in het OS talloze malen verreden onderdeel van de wielersport, maar bij mondjesmaat tijdens een rondleiding wordt verteld.
van wielrennen weten de meeste bezoekers nog over joop zoetemelk, maar trekken ze bij de namen gerrit schulte en fausto coppi een gezicht van; waar heb je het in hemelsnaam over.
willem metz kwam dus deze maal flink in beeld over de keuring van de motoren en, vooral. de kleding van de gangmakers. de rondleiding duurde dus bijna tweemaal zo lang. nostalgie ten top.
bertus raats

Geplaatst door bertus raats, 01 april 2010 12:13:08

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web