De Burgerlijke Stand van 25 maart.

Wim van EST (1923, overleden 01.05.2003, Nederland)

Hij zou vandaag 87 jaar zijn geworden als hij bijna zeven jaar geleden niet was overleden. Hij is met Jaap Eden en Piet Moeskops de enige Nederlandse wielrenner die voortleeft als een legende. Hij was in veel dingen de eerste. De eerste Nederlander die een klassieker (Bordeaux-Parijs) won, de eerste Nederlander die de zege in de Ronde van Vlaanderen pakte en de eerste Nederlander die in de Tour de France de gele trui droeg. Maar dat maakte hem nog niet legendarisch. Wim van Est werd een legende toen hij met die eerste gele trui in het ravijn van de roemruchte Pyreneeëncol de Aubisque dook en hij ongedeerd aan een keten van aan elkaar ...

... geknoopte tubes werd opgetakeld. Dat incident is vaak beschreven en ik heb enkele citaten verzameld om dat gebeuren nog eens te laten herleven. Op de plaats van zijn chute is in 2001 een koperen gedenkplaat aan de rotswand bevestigd, die door het slachtoffer zelf is onthuld in het bijzijn van de Belg Roger Decock, de enige ooggetuige. (Foto: © Jac Zwart)

Uit ‘10 X Tour’ (1960)

“Het was een diep ravijn en wij durfden bijna niet over de rand te kijken, omdat het bijna onmogelijk was dat men zo’n val kon overleven. Wat wij tenslotte zagen was, zeker zeventig meter beneden ons, een klein hoopje, een gele vlek; en iets verderop een gebroken fiets. Het was de gescheurde gele trui, de trotse leidersmaillot van de Tour de France, om de schouders van Wim van Est.”

auteur Jan Cottaar

Uit van ‘Van Abe tot Zoetemelk’ (1973)

“IJzeren Willem noemden wij hem. ‘Le Roi des tombeurs’ was zijn bijnaam in Frankrijk. ‘De koning der valpartijen’ vrij vertaald. Aan een van die tuimelingen, in een ravijn in 1951, heeft hij veel van zijn roem te danken. ‘Zo-en-zo-veel meter viel hij diep, z’n hart stond stil, maar z’n zo-en-zo-horloge liep’, schreven de advertentiejongens de volgende dag.”

auteur Dik Bruynestein

Uit ‘De Renner’ (1978)

“Een bocht, ik schrik, rem bijna, rem, mijn achterwiel glijdt onder me weg, daarom hou ik maar weer op met remmen, blijf overeind. Jongens, jóngens. Ik rol verder, trek mijn voeten uit de toeclips om over de grond te schrapen als het nodig is. Wij Nederlanders zijn getekend. Er bestaat een sociologisch nauw omschrijfbare groep Nederlanders die, als ik zeg dat ik aan wielrennen doe, reageren met een stoute knipoog en de woorden: ‘Wim van Est viel zeventig meter diep, zijn hart stond stil, maar zijn Pontiac liep.’ Het is hier meer dan zeventig meter diep. Wat bijvoorbeeld te doen wanneer in een afdaling allebei je remmen weigeren? Wim van Est remde dan met zijn hand op zijn voorband en als dat niet hielp stak hij zijn voet tussen de spaken. Wim van Est was een stripfiguur.”

auteur Tim Krabbé

Uit ‘Bravo Les Hollandais’ (1997)

“DE VAL. Leegte. Lucht. Vacuüm zonder houvast. Grabbelen. Groen. Takken. Rotsen. Angst. Het leven dat voorbijschiet. Een doffe plof.”

auteur Jeroen Wielaert

Uit ‘De Wielergoden van de Lage Landen’ (1997)

“Uiteindelijk hebben ze mij er uitgesleept, toen ik weer bovenkwam wilde ik weer verder rijden. Maar dat kon niet. Binnen het half uur had ik dikke enkels, mijn knieën waren helemaal kapot, schrammen over het hele lichaam. Maar ik bleek niets gebroken te hebben, de dokters konden dat niet geloven.”

auteur Jacques Sys

De andere op 25 maart geborenen zijn:

ALARCON GARCIA, Raul (1986, Spanje)
CARRARA, Matteo (1979, Italië)
DE WILDE, Etienne (1958, België)
DUBBELDAM, Davy (1971, Nederland)
FERNANDEZ HERMIDA, Pedro (1976, Spanje)
GALERA MAGDELANO, Joaquim (1940, Spanje)
KEIZER, Martijn (1988, Nederland)
SLENDEBROEK, Jannes (1959, Nederland)
TERCIADO SACEDO, Francisco (1981, Spanje)
VAN SLEMBROUCK, Staf (1902, overleden 07.07.1968, België)

Door Fred van Slogteren, 25 maart 2010 0:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web