Van Dale Wielersport-woordenboek

Vorige week ontving ik het Wielersport-woordenboek van Van Dale. Ja, precies van de Dikke, himself. Ik heb er met veel plezier enkele uren in zitten bladeren en lezen, want het is een bijzonder leuk werk, waarin alle specifieke wielerwoorden, -termen en –uitdrukkingen worden verklaard en in veel gevallen verduidelijkt met voorbeelden uit de vele wielerboeken die auteur/samensteller Jan Luitzen heeft gelezen cq. geraadpleegd. Het moet een heidens werk zijn geweest en daarom viel de omvang van het boek mij aanvankelijk een beetje tegen. Ik heb echter geen enkele mij bekende wielerterm gemist, dus zal het wel redelijk compleet zijn. Vrijwel alle mij bekende auteurs van wielerboeken hebben al dan niet postuum aan het boek meegewerkt, maar iedereen krijgt ruimschoots de eer die hem en de enkele wielerdame onder de wielerauteurs toekomt. Als ik Maarten Ducrot was, zou ik een beetje verguld zijn, want hij blijkt een belangrijke leverancier te zijn geweest. Net als trouwens wijlen De Kneet. Beide heren worden regelmatig geciteerd. Ik hoef echter niet jaloers te zijn, want ook uit mijn boeken en van de slogblog heeft nijvere Jan het nodige verzameld. Ik heb geen enkele kritiek op het boek, al vraag ik me wel af welk doel er mee gediend is. Wielerliefhebbers en -kenners zullen de ...

... meeste termen wel kennen en wie niet van wielrennen houdt zal het worst zijn. Maar niet alles in het leven hoeft een doel te dienen, er is ook nog zo iets als amusement. En amusant is dit boek in hoge mate. Ik heb dus geen kritiek, maar wel een aanvulling. Zeg maar een tweede betekenis van het woord ‘flandrien’. Jan verklaart het met woorden als fysiek vermogen, strijdlust, stoempen, nooit afgeven, enzovoort, een gangbare verklaring die ik vaker hoor. De tweede uitleg kreeg ik jaren geleden van wijlen Marcel Kint, de Vlaamse wereldkampioen van 1938. Die vertelde me dat de ware Flandrien, de man is die weet wat knagende honger is in het besef dat je daar vrijwel niets aan kunt doen. Het beeld van de crisistijd in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw diepte hij genadeloos uit zijn herinnering op. De enige uitweg voor werkloze boerenknechten en fabrieksarbeiders was toen in Vlaanderen de koersmachien. “De angst voor de armoe dreef ons naar de zege”, riep de oude man met priemende vinger. “Die Gerben Karstens heeft niet het recht coureur te zijn, die is de zoon van een notaire, hij most zich schamen.”
En dat laatste hoeft Jan Luitzen zeker niet te doen, want hij heeft een bijzonder leuk boek aan de omvangrijke Nederlandse wielerliteratuur toegevoegd. Van harte aanbevolen.

WIELERSPORT-WOORDENBOEK, Jan Luitzen
Uitgever: Van Dale
ISBN 978 90 6648 921 9
Prijs: € 22,50

Door Fred van Slogteren, 15 juni 2009 12:00

Goesting

Was het eerste wielerwoorden
boek in Nederland.In 1984 werd
het door Jan Zomer op de markt
gebracht. Veel samenstellers
hebben het Zomerboek overge-
nomen en/of uitgebreid dus is
er niet veel nieuws onder de zon.Ere wie ere toekomt!!

Geplaatst door Bap van Breenen, 15 juni 2009 20:35:17

De Belg Marc De Coster moet rond deze tijd ook een vergelijkbaar boekwerk uitbrengen, waar ik eigenlijk wel het een en ander van verwacht. Hij heeft ook een leuk blog over taal en daar komt regelmatig een wielerterm voorbij.

Dit onderwerp is leuk omdat het een mooie aanleiding is om de wielergeschiedenis in te duiken. Karel van Wijnendale, stichter van de Ronde en de peetvader van de Vlaamse sportjournalisten is bijvoorbeeld erg belangrijk geweest voor de wielertaal. Zijn biografie van de Vlaamse journalist Frederik Backelandt ligt voor een paar euro bij De Slegte. Leuk leesvoer voor de komende Tour als er in een saaie fase van een etappe weer eens iemand bezig is aan een chasse patat.

Geplaatst door Paul Verstappen, 15 juni 2009 23:44:43

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web