De Burgerlijke Stand van 12 november.

Wil VREESWIJK (1930, Nederland)

Wil Vreeswijk kwam ik vorige week tegen bij het feestje van Joop Riethoven. Een kleine gesoigneerde oudere heer met een bril. Die had-ie toen ook al, in de jaren vijftig op de Amsterdamse stadionbaan waar ik hem vaak heb zien rijden. Hij kon goed achtervolgen, maar had de pech dat de Amsterdammer Piet van Heusden ook in 1952 met die discipline begon en eerst Nederlands kampioen werd en daarna wereldkampioen. Bij het NK werd Wil tweede en bij het WK bracht hij het tot de laatste zestien. In de achtste finales verloor hij echter van de Fransman Andrieux. Maar dat is niet de reden waarom ik me hem herinner. Hij was een renner met een tomeloze aanvalsdrift, die in baanwedstrijden op het stadion, maar ook in criteriums verschrikkelijk te keer kon gaan. In 1956 stond hij klaar om met een grote Nederlandse afvaardiging naar de Olympiade in Melbourne te gaan. Dat ging helaas niet door vanwege politieke redenen en Wil besloot direct prof te worden. Hij ging zich toeleggen op ...

... het stayeren en met zijn aanvalsdrift was hij een aanwinst in dat wereldje. In 1957 werd hij tweede bij het NK achter Martin Wierstra en bij het WK in Luik werd de Alphenaar vijfde als beste Nederlander. In de zomermaanden scharrelde hij zijn kostje wel bij elkaar, maar 's winters moest hij bij een baas aan de slag om in leven te blijven. In 1960 werd hij vertegenwoordiger bij het rijwielmerk Locomotief van de vroegere gangmaker Jan Slesker. Dat was een wielerman, maar bovenal een zakenman. Die vond het niks dat Wil bleef fietsen. “Als je op je kokosnoot valt, valt bij mij je rayon stil”, zei de Amsterdammer en hij stelde Wil voor de keus: óf wielrenner blijven óf vertegenwoordiger worden. De zoon van een fietsenmaker koos begrijpelijk voor de zekerheid van een vaste betrekking en hij verkocht zijn wielerspullen. Toen er in de jaren zestig hevig de klad kwam in de fietsenhandel, wachtte Wil zijn ontslag niet af en hij vond een baan als vertegenwoordiger in schoolboeken en artikelen voor gebruik in het onderwijs. Na zijn pensionering werd hij taxichauffeur bij Valys. Dat is bijzonder personenvervoer en Wil zag op zijn oude dag weer alle hoeken van het land. Net zoals toen hij wielrenner was. Een leuke man die Wil Vreeswijk uit Alphen aan den Rijn en ik wens hem nog vele jaren. (Foto: © Jan Duivesteijn)

De andere op 12 november geborenen zijn:

DIDIER, Louis (1887, overleden maart 1979, Nederland)
DOMHOF, Barend (1915, Nederland)
MOLICHEVA, Irina (1988, Rusland)
MUGNAINI, Marcello (1940, Italië)
OFFREDO, Yohan (1986, Frankrijk)
POST, Peter (1933, Nederland)
SEROV, Alexander (1982, Rusland)
RUIJGH, Rob (1986, Nederland)
VAN BRAECKEL, Kenny (1983, België)
VERBEKE, Grace (1984, België)

Door Fred van Slogteren, 11 november 2008 23:00

Wil Vreeswijk

Ik weet niet of hij deze rubriek leest maar het was voor mij een leuke verrassing om over hem , dit artikel te lezen.Ik ben namelijk zijn nichtje Toos van Kleef.
Wil als je dit zelf leest ,n lieve groet van mij.

Geplaatst door Toos.van .Kleef, 19 juni 2012 12:42:48

Ben Janbroers

Nou, derde poging dan maar, want tot dusver zou de code zogenaamd niet juist zijn geweest. Een oud liedje op deze site. Laat iemand er eens naar kijken, Fred.

Ik moet even kwijt, dat Ben Janbroers bij de amateurs weliswaar vier klassiekers won, maar dat zijn grootste triomf onvermeld bleef. Als jong broekje won hij in 1969 immers de nationale wegtitel op de Adsteeg in Beek.

Het was de dag waarop twee gezworen kameraden, die dagelijks samen trainden, voor ophef zorgden door ook in het kampioenschap geruime tijd gebroederlijk in de aanval te rijden, zij het toen plots als concurrenten. Het waren Sjef van der Burg en Willem Bravenboer, vaker aangeduid als Ed en Willem Bever. Tussen die twee zou het echter niet gaan in de finale, want de beide Amsterdammers Gerrie Knetemann (vooral hij reed sterk heuvel op) en Ben Janbroers wisten de kop van het veld eveneens te bereiken, later gevolgd door Tino Tabak en Joop Zoetemelk, een duo dat op de grote plaat kop over kop heeft moeten jagen om bij de uitlopers te geraken.

Het blijft merkwaardig dat die Ben Janbroers toen als amateur de evenknie van Joop Zoetemelk was, maar een paar jaar later in het NK voor de profs door diezelfde Jopie op een dikke zeven minuten werd gereden. Of bleek de Cauberg toen zoveel zwaarder dan de Adsteeg?

Han de Gruiter

Geplaatst door Han de Gruiter, 12 november 2012 09:47:14

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web