Uit de beeldentuin van Jac ...

“Morgen, 2 november, is het de geboortedag van Germain Derycke uit Bellegem. Mag in Nederland deze renner vrijwel onbekend zijn, zelfs in België is een boek over hem verschenen met de veelzeggende titel 'Germain Derycke, vergeten kampioen'. Omdat Bellegem in 2008 is verkozen als ...

... 'Dorp van De Ronde' werd zijn naam weer voor even aan de vergetelheid ontrukt. Dat gebeurde door de onthulling van een beeld op het dorpsplein van Bellegem, de 'Bellegem Platse' dat gemaakt is door plaatsgenoot Maurits Dierick. Het basisidee kwam van de zoon van de maker: het weerspiegelt het Bellegemse landschap met Germain ('Mentie'), die op de kasseien van de Muur zijn ontsnapping plaatst voor zijn zege in De Ronde van 1958. Het basreliëf is in brons uitgevoerd en gemonteerd in een groot fietswiel. De totstandkoming van het beeld ging niet zonder slag of stoot. Er was een probleem met de financiering dat pas werd opgelost toen de firma Decathlon zich opwierp als sponsor. Er waren trouwens nog meer festiviteiten in het kader van Bellegem als Dorp van de Ronde, want er was een speciaal geschreven gelegenheidsgedicht van wielerpoëet Willie Verhegghe en de Koninklijke Harmonie van Bellegem zorgde voor de klap op de vuurpijl met de première van hun speciaal voor de Ronde geschreven hymne.
Zijn erelijst in ogenschouw nemend is het onterecht dat de naam van Derycke zover uit de herinnering is weggezakt. Hij was een krachtige renner met een machtige eindsprint en daarnaast nog een sterke persoonlijkheid. Hij won in totaal vijf verschillende klassiekers. In 1953 begon zijn successenreeks toen hij tijdens het WK in Lugano het langste in de buurt van een ontketende Fausto Coppi kon blijven en zilver voor hem het hoogst haalbare was. Datzelfde jaar had hij al Parijs-Roubaix gewonnen. In de jaren die volgden won hij de Waalse Pijl (1954) en Milaan-San Remo (1955). Voor die laatste koers kreeg hij geen toestemming van zijn ploeg Alcyon. Derycke zette zijn zin echter door en samen met Briek Schotte ging hij met de trein naar Italië. Ze hadden gedacht tijdelijk wel bij een andere ploeg onderdak te kunnen vinden, maar die zaten allemaal vol en het kwam er op neer dat zij zelf voor eten, materiaal en verzorging moesten zorgen. Uit pure irritatie won Derycke, voor Gauthier en Jean Bobet. Tijdens de Luik-Bastenaken-Luik van 1957 deed zich een incident voor. Het was een editie die begon in de kou, met regen en ijzel, waardoor er slechts 107 coureurs aan de start verschenen, waaronder Derycke als enige van de Faema-ploeg van Rik Van Looy. Nadat de natte sneeuw was overgegaan in vaste sneeuw gingen in het dorp Cierreux de spoorbomen dicht voor een groepje van vier dat net uit het peloton was ontsnapt, met daarin Derycke als enige Belg. De twee Italianen en een Fransman bedachten zich geen moment en sprongen over de gesloten overwegbomen. Derycke twijfelde nog even omdat dat in België verboden was, maar besloot toch maar hetzelfde te doen. Het peloton moest twee minuten wachten en kon die achterstand niet meer goedmaken. Ondertussen slaagde Derycke erin om zijn vluchtgenoten los te rijden en arriveerde alleen en met grote voorsprong in Luik. Uiteindelijk voltooiden slecht 27 renners deze koers, die nog een staartje kreeg. Toen Frans Schoubben, een andere Belg die tweede was geworden, hoorde over het voorval bij de overweg diende hij een klacht in bij de organisatie. Derycke gaf ruiterlijk toe dat hij over de spoorbomen was geklauterd. Op aandringen van zijn ploegleider trok Schoubben zijn protest in, maar dat maakte het probleem voor de organisatie niet minder groot. Het was Derycke die de oplossing aandroeg en voorstelde om beiden ex-aequo tot winnaar te verklaren, hetgeen gebeurde.
Zijn laatste grote koers won Derycke in 1958, toen hij de Ronde van Vlaanderen op zijn naam schreef, een droom voor iedere Vlaamse wielrenner en de gebeurtenis die dit jaar dus uitgebreid is gevierd. Bij terugkeer van een koers in Bretagne raakte hij betrokken bij een auto-ongeluk waarbij hij zijn knieschijf brak en waardoor hij niet meer op zijn oude niveau kon terugkeren. Hij beëindigde zijn wielerloopbaan en begon een café genaamd 'De Ronde van Vlaanderen'. Hij overleed in 1978, twintig jaar na zijn laatste grote overwinning, aan een hersenbloeding.

Tot over veertien dagen!”

Jac Zwart

Door Fred van Slogteren, 1 november 2008 9:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web