De Burgerlijke Stand van 8 maart.

Werner POTZERNHEIM (1927, Duitsland)

In het begin van de vorige eeuw tot aan de tweede wereldoorlog heeft Duitsland altijd goede sprinters gehad. Mayer, Engel, Richter en Merkens zijn namen van Duitse sprinters die in de Grote Prijzen van destijds en het WK hoge ogen gooiden. Na de oorlog, toen de wedstrijden betwist werden door een elitegroepje sprinters, had Duitsland alleen nog maar Potz. Werner Potzernheim uit Hannover om volledig te zijn, bronzen medaillewinnaar bij de Olympische Spelen van 1952 en 3e bij het WK amateurs van 1953. Hij hoorde er jarenlang bij, maar hij was geen winnaar. Wel in eigen land waar hij tien keer nationaal kampioen sprint was, met waarschijnlijk nauwelijks tegenstand. Binnen dat groepje topsprinters, dat op elke baan in Europa emplooi had, was hij slechts programmavulling, maar desondanks graag gezien onder zijn collega’s. In het boekje ‘Met banddikte’ dat Jan Derksen in 1961 samen met sportjournalist Dick Ariese schreef, staan nogal wat anekdotes en Potz speelt in vele daarvan een rol. De hierbij geplaatste foto heb ik uit dat boekje gescand en we zien Potz op een carnavaleske bijeenkomst met een Napoleonsteek op zijn hoofd en een gezichtsuitdrukking die het nuttigen van de nodige alcoholische versnaperingen doet vermoeden. Want feesten konden de heren bijna net zo goed als hardfietsen. In die groep bestond een bepaalde hiërarchie. Harris en Maspes waren pure sprinters die niets anders konden, maar Derksen, Van Vliet en Plattner waren van meer markten thuis. Zo reed Derksen 26 zesdaagsen in zijn lange carrière, waarvan hij er geen één won, maar wel goed mee kon komen. Het was een manier om in de winter geld te verdienen, maar leuk vonden ze het niet. In zijn boek wijdt hij een hoofdstuk aan deze harde labeur en somt daarin de koppelgenoten op die hij in die jaren heeft gehad. Zo werd hij in de Zesdaagse van ...

... Munster eens gekoppeld aan Potz en dat was geen succes. Die had totaal geen kaas van dat vak gegeten en een uur na de start had het koppel Derksen-Potzernheim al 15 ronden achterstand, omdat de doodsbenauwde Duitser het verdomde om zich in de jachten te mengen en hoog in de baan met een slakkengang langs de balustrade bleef rijden. Na de vierde nacht haalde de wedstrijdleider het koppel uit de strijd en Derksen leverde zijn uitgeputte maat af bij de deur van diens hotelkamer. De volgende morgen was er in de ontbijtzaal geen spoor van de man uit Hannover te ontdekken en toen Derksen de deur van diens kamer opende zag hij de Duitser in rennerskleding op de rand van zijn bed zitten, te vermoeid om ook nog maar iets te doen. Hij wordt vandaag 81 jaar en hij zal als VIP op het middenterrein van een Duitse zesdaagse zijn verhaal nog wel eens vertellen. Het verhaal van Potz in de zesdaagse.

De andere op 8 maart geborenen zijn:

CAMUSSO, Francesco (1908, overleden 23.06.1995, Italië)
CEPEDA, Francisco (1906, overleden 14.07.1935, Spanje)
DALER, Jiri (1940, Tsjechië)
DRAAIJER, Johannes (1963, overleden 27.02.1990, Nederland)
KELLER, Luise (1984, Duitsland)
POSTHUMA, Joost (1981, Nederland)
PRATTE, Philippe (1986, België)
PRINSEN, Wim (1945, overleden 17.12.1977, Nederland)
RAYNAL, Jean (1932, Frankrijk)
SCHEP, Peter (1977, Nederland)
VANTOMME, Maxime (1986, België)
WIERSTRA, Frank (1986, Nederland)
ZAMBRANO CALDERON, Gonzalo (1984, Spanje)

Door Fred van Slogteren, 8 maart 2008 0:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web