Uit de ordners van Jan

Milaan-San Remo, die afgelopen zaterdag voor de 97e keer is verreden en in een fantastische zege voor Philippo Pozzato is geëindigd, is vandaag het hoofdgerecht van mijn bijdrage. Tussen 1935 en 1978 werd de Primavera, op een enkele uitzondering na, steevast op 19 maart gehouden. Op woensdag 19 maart 1975 won Eddy Merckx na 7 uur 40 minuten en 26 seconden de sprint van een grote groep voor de Italiaan Francesco Moser en de Fransman Guy Sibille. In die groep ook gekende sprintkanonnen als Maertens (9e), Planckaert (10e), Sercu (11e), Esclassan (15e), Karstens (17e) en Van Linden (18e). Kees Bal werd 27e, Hennie Kuiper 36e, Gerrie Knetemann 38e en Ben Koken 48e.

Vrijdag 19 maart 1976 won Eddy Merckx voor de zevende keer in zijn loopbaan Milaan-San Remo en hij had in de sprint weinig moeite met zijn landgenoot Jean-Luc Vandenbroucke. De latere Lotto-ploegleider zou echter gedeclasseerd worden ...

... waarna de Italiaan Wladimiro Panizza zijn plaats overnam. Het betekende voor Merckx de laatste overwinning in een grote klassieker.

Twee jaar later, op 19 maart 1977 verraste Jan Raas alle favorieten in Milaan-San Remo en won hij met twee seconden voorsprong op Roger De Vlaeminck en vijf op het peloton, waarvan Wilfried Wesemael de sprint won. Er zaten maar liefst zeven Belgen bij de eerste tien.
De Italianen schreven bewonderend over de bescheiden Raas. ‘De eerste gebrilde coureur die Milaan-San Remo heeft gewonnen. Een complete coureur, die een bril draagt omdat hij bijziend is, maar hij heeft het deze koers voortreffelijk kunnen bekijken.’

In deze trant zwaaiden de Italiaanse bladen lof toe aan de man die dan weliswaar Nederlands kampioen was, maar die in Italië nog volslagen onbekend was. ‘Het is niet de eerste keer dat die uitgekookte Tulipani (tulpenvreters) winst halen uit de onderlinge Vlaamse concurrentie’, schreven de kranten. Zijn overwinning werd verdiend genoemd. Ook door een vriendelijke Vittorio Adorni, de oud-coureur die in 1965 tweede werd achter de toen zegevierende Arie den Hartog. “Je kunt met alle andere Hollanders naar de duivel lopen”, had een teleurgestelde Adorni toen woedend uitgeroepen. Hij was graag bereid om die nederlaag voor de Italiaanse radio en televisie nog eens op te halen, maar zonder de woede van twaalf jaar daarvoor: “Raas is een waardig overwinnaar”, aldus Vittorio.

In 1979 won Roger De Vlaeminck Milaan-San Remo door de sprint van een groep van vijftien te winnen. Beppe Saronni was tweede en Knut Knudsen derde. Saillant detail was dat Jan Raas over het hoofd werd gezien in de kopgroep. In de officiële uitslag vond hij in eerste instantie zijn naam terug op de 63e plaats terwijl hij toch wel degelijk deel uitmaakte van de eerste groep. Een foto in La Gazetta dello Sport bracht uitsluitsel. Raas was op hun finishfoto duidelijk zichtbaar aan de uiterste linkerzijde. Uiteindelijk werd de twaalfde plaats zijn deel. Joop Zoetemelk en Gerrie Knetemann zaten ook in de kopgroep. Ze werden respectievelijk 13e en 14e.

In deze Milaan-San Remo special nu wat aandacht voor enige persoonlijke ervaringen met die wedstrijd. Samen met Wielerclub WTC De Eendracht uit het Belgische Melle heb ik op 18 september 1988 als toerfietser de 290 km. lange Milaan-San Remo gereden. Voor ons waren dit soort ritten Spartaans, omdat ons hotel 60 kilometer buiten Milaan lag en we al om kwart voor drie in de ochtend door de wekker werden gewekt. De start was om half zes. Het stuk tussen Milaan en Genua is niet spectaculair. Pas vlak voor Genua doemde de eerste heuvel op, de Passo de Turchino en op de top hadden we er 143 kilometer op zitten. Bijna op de helft.
Even later fietsten we heerlijk langs de Middellandse Zee, maar de laatste 135 kilometer zouden niet makkelijk worden met puisten als de Capo Mele, Capo Cervo, Capo Berta en natuurlijk de Poggio di SanRemo. Duidelijk werd wel dat de kustlijn een geliefde verblijfplaats is van de jetset met de daarbij behorende prijzen. Het gebruikelijke kopje koffie met appelgebak lieten we daarom maar achterwege. We zouden er een fouragezak vol met Lires voor nodig hebben gehad.

Om zes uur precies parkeerde ik mijn fiets voor een grote hal aan de Corso Garibaldi. Mijn teller wees uiteindelijk 296 kilometer aan met een gemiddelde van ruim 26 kilometer per uur.
In 1993 deed ik Milaan-San Remo nog eens dunnetjes over als onderdeel van de klassiekerweek van Le Champion. Vier klassiekers in één week. Milaan-San Remo, de Ronde van Lombardije, het Kampioenschap van Zürich en Rund um den Henninger Turm. Menig profrenner zou bij zo’n programma slapeloze nachten krijgen.

Dan nog even terug naar de professionele Milaan-San Remo. Een gedenkwaardige versie werd verreden op zaterdag 20 maart 1982. De Franse neoprof en volslagen onbekende Marc Gomez won. Reeds na 10 kilometer koers reed een groepje naamlozen weg uit het peloton. Twee ervan zijn niet meer teruggezien. Dat waren Marc Gomez en zijn landgenoot Alain Bondue. Op de Cipressa, 24 kilometer voor de finish, was de voorsprong nog maar twee minuten. De twee voorop waren echter nog tot veel in staat want op de top van de Poggio was het nog steeds twee minuten. Bondue wilde als eerste afdalen. De wereldkampioen achtervolging, die in 1981 in Parijs-Brussel ook al 240 kilometer voorop reed, gleed in de eerste bocht onderuit en Gomez was toen zeker van de overwinning. De 21-jarige Italiaanse belofte Moreno Argentin werd op ruim twee minuten derde.

Zaterdag 19 maart 1983 won wereldkampioen Giuseppe Saronni met 44 seconden voorsprong op Bontempi, Raas, Vanderaerden en Kelly. Het betekende voor Saronni de 154e zege in zijn loopbaan met als hoogtepunten de Ronde van Italië in 1979, het wereldkampioenschap en de Ronde van Lombardije in 1982 en nu dus Milaan-San Remo.

Ook op 19 maart, maar dan in 1988 werd Steven Rooks derde. Hij moest acht seconden toegeven op winnaar Laurent Fignon en de nummer twee Maurizio Fondriest. Tijdens deze editie kwam de volledige kopgroep van drie ten val in de afdaling van de Cipressa. De Fransen Thierry Marie en Bruno Cornillet en de Italiaan Enrico Gallechi vlogen uit de bocht en schoten onder de vangrail door. Marie kon zich net nog vasthouden maar Cornillet ging vijftien meter het ravijn in. Na onderzoek konden ze alle drie het ziekenhuis verlaten. Oorzaak was waarschijnlijk het druppelen van olijfolie uit olijfbomen. De valpartij vond precies plaats in de bocht waar Jan Raas drie jaar eerder in het ravijn belandde. Die val leidde het einde van zijn prachtige loopbaan in.

De internationale verjaardagskalender van vandaag:
In Frankrijk vieren de vroegere Peugeot-ploegleider Gaston Plaud (1920) en Stephane Heulot (1971) hun verjaardag; in Italië is het feest bij Alvaro Crespi (1955), en Leonardo Guidi (1974). In Denemarken hangt bij Johnny Weltz (1962) de vlag uit en bij onze zuiderburen mag Alfons de Bal (1939) de kaarsjes uitblazen. Als de taart tenminste niet te hoog staat want Fonske is zo’n klein manneke dat bij zijn afscheid als wielrenner het grapje de ronde deed dat zijn fiets als sleutelhanger verkocht zou worden.

Tot slot nog de wapenfeiten van Eddy Merckx op en rond 20 maart:

Overwinning nr. 90 behaalde hij op 19 maart 1966, nr. 114 op 18 maart 1967, nr. 177 op 19 maart 1969, nr. 271 op 19 maart 1971, nr. 320 op 19 maart 1972, nr. 461 op 19 maart 1975 en nr. 495 op 19 maart 1976. Geheel in stijl van deze Milaan-San Remo special betroffen alle genoemde overwinningen zijn zeges in de Primavera. Dat record staat nog steeds in de boeken!

Tot volgende week!”

Jan Houterman

© Cor Vos

Door Fred van Slogteren, 20 maart 2006 10:28

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web