De Burgerlijke stand van 9 juli.

Federico BAHAMONTES (1928, Spanje)

Het was 1955 en ik was in die tijd een lastige puber. Het was schoolvakantie en mijn moeder was me in al die zomerweken liever kwijt dan rijk. Ze had dan ook iets geregeld, want daar was mijn moeder goed in. Ik werd op de trein gezet met bestemming Hengelo. Ik werd daar van het station gehaald door een kennis van mijn moeder, die als Amsterdamse met een rasechte Hengeloër getrouwd was en die bracht mij naar een boerderij ergens tussen Hengelo en Enschede. Daar werd ik afgezet en het was de bedoeling dat ik zes weken lang op die boerderij zou gaan helpen met melken, voederen, hooien en alle andere werkzaamheden die zo al gedaan moeten worden op een veeteeltbedrijf. Dat vond ik best wel leuk en ik had overdag genoeg te doen om me niet te vervelen. De boerderij was eigendom van een oude weduwe die daar woonde met een zoon en een dochter, allebei in de dertig, schatte ik. Die twee hadden al jaren ruzie en ze spraken geen woord tegen elkaar. De stemming was dan ook vaak om te snijden en de communicatie verliep via die oude moeder. Die zoon zei tegen mij ook niet veel, maar die dochter vond ik wel interessant. Niet omdat het zo’n stuk was, type wilde boerendochter, maar omdat ze bij het melken zodanig onder de koe ging zitten dat ik steeds een wijds uitzicht had op haar directoire met aan weerszijden het rode vlees van haar dikke dijen. Als de werkdag er op zat en ik bij die drie aan tafel in de keuken moest zitten vond ik het vreselijk en ik verlangde hevig naar Amsterdam. Het enige dat me op de been ...

... hield was de krant. De Twentsche Courant of De Tubanter of zo iets lag elke morgen op tafel en als de drie bewoners die gelezen hadden, smokkelde ik hem mee naar mijn kamertje elders op het erf in een soort schuurtje. Daar spelde ik alles wat er over de Tour geschreven werd en dat was best veel. De verslaggever ter plaatse had kennelijk een voorliefde voor het klimfenomeen Federico Bahamontes en diens prestaties werden in alle toonaarden bezongen. De foto die erbij geplaatst werd, scheurde ik uit en die hing ik, geprikt door een daar aanwezige, spijker, boven het ouderwetse ledikant waarin ik moest slapen. Ik heb er in die vakantie elke avond uren naar liggen kijken, dromend van een carrière als wielrenner. Federico hield me in dat ellendige oord op de been. Ik las dat de Adelaar van Toledo eenzaam dansend ver voor de rest naar de Pyreneeën- en Alpentoppen klom om bovengekomen af te stappen en dan op zijn gemak een ijsje te eten in afwachting van de rest. Het ging hem puur om de bergtrui en dat vond ik wel mooi. Een ander laten winnen terwijl je van je zelf weet dat je de beste bent. Een beetje als Lord Lister uit die groezelige romannetjes uit de leesmap. In 1959 won Federico toch nog de Tour en toen zat ik ook in het oosten van het land, in militaire dienst. En dat was ook al niet leuk. (Foto: archief Sport-Express)

De andere op 9 juli geborenen zijn:

HENTEN, Jeffrey van (1986, Nederland)
HOPSTAKEN, Theo (1918, overleden 03.02.1999, Nederland)
O’DONNELL, Patrick (1976, Verenigde Staten)
VAN HECKE, Preben (1982, België)
VERDOORN, Dick (1937, Nederland)

Door Fred van Slogteren, 9 juli 2007 0:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web