Uit de wasserette van Henk …

Kees Haast was de Berry van Aarle van het wielrennen. In de Tour de France van 1965 ging hij van start als kopman van de Televizier-ploeg van Kees Pellenaars. Dat jaar als een van de vijf Nederlandse kopmannen.

In de Nederlandse pers werd namelijk geschreven dat ook Jan Janssen bij Pelforth-Lejeune, Peter Post bij Flandria-Romeo, Ab Geldermans bij Margnat-Paloma en Arie den Hartog bij Ford-Gitane kopmannen of in ieder geval beschermde renners bij hun ploegen waren. In de praktijk was alleen Jan Janssen dat.

Janssen maakte dat in zijn derde Tour ook waar, want hij eindigde als negende in Parijs, maar de andere vier haalden de eindstreep niet. Den Hartog en Post stapten in de negende etappe in de Pyreneeën af, Geldermans een dag later en Keesje Haast beleefde weer eens een van zijn zware valpartijen en moest in de zeventiende rit de pijp aan Maarten geven.

De kleine man uit Rijsbergen had natuurlijk wel het talent en de kwaliteiten om kopman te zijn, want als het op klimmen aankwam kon hij met de besten mee omhoog. Hij had echter niet het karakter dat een kopman nodig heeft en hij was een echte pechvogel.

Zijn valpartijen waren dramatisch als legendarisch en de beelden waarop hij zijn weg moest vervolgen met een met bloed doordrenkte tulband op zijn hoofd staat een ieder die het heeft meegemaakt nog helder op het netvlies.

Kees was een goede renner en zijn veertiende plaats in de Tour van 1967 bewijst dat. Toen Televizier ophield te bestaan werd hij opgenomen in de Bic-ploeg die na een fusie van Ford-France en Pelforth-Lejeune tot stand kwam. Een prachtige ploeg vol vedetten.

Daar kreeg Keesje weinig kansen om zijn kwaliteiten als knecht te tonen, want de ploeg zat vol met potentiële kopmannen. Bovendien miste hij bij die ploeg de vaderfiguur die Kees Pellenaars voor hem was. Onder diens leiding kwam hij tot zijn beste prestaties.

Bij andere ploegen miste hij het begrip en die arm om zijn schouder als hij na een valpartij weer eens moest terugkomen. Na zijn afscheid wilde hij lang niets meer van de wielersport weten. Hij vond een baan in de wegenbouw en met een compagnon zette hij een bescheiden drankenhandel op.

Nadat hij jarenlang niets meer met de wielersport te maken wilde hebben, is hij sinds een aantal jaren weer aanspreekbaar voor journalisten en vertelt hij graag dat zijn wielertijd toch een machtig mooie tijd is geweest.

Hij wordt op 22 december aanstaande tachtig jaar en het zou niet overdreven zijn om hem op die dag nog eens in het zonnetje te zetten. Dat verdient deze bescheiden man ten volle.

Foto 2: archief dewielersite.net

Door Henk Theuns, 26 september 2018 12:00

Kees Haast

In de zestiende etappe van de Tour van 1965 kwam Kees Haast als eerste boven op de Col de Vars. Hij was hiermee de eerste Nederlander ooit die in de Tour als eerste bovenkwam op een berg van de zwaarste categorie (in 1965 was dat de eerste categorie, toen was er nog geen hors categorie). In het algemeen klassement stond hij na deze etappe op de zesde plaats met naar mijn mening uitzicht op een podiumplaats. De volgende middag nam ik vrij om naar de radio te luisteren en vooral naar de prestaties van Kees Haast. Om 13.00 uur zette ik de BRT aan. De nieuwsberichten waren juist begonnen. Het eerste wat de nieuwslezer zei was dat de Nederlander Kaas Haast na een valpartij de Tour had verlaten. Hij was bij een onschuldig valpartijtje met zij dijbeen op het uiteinde van zijn stuur gevallen met als gevolg een niet te stoppen slagaderlijke bloeding. Op de foto’s zie je een huilende Kees Pellenaars en een huilende Kees Haast bij een ambulance staan.

Kees Haast heeft een aantal jaren geleden de racefiets weer opgepakt en met een tiental “krasse knarren” reed hij wekelijks een rondje van ca 60 km. Hij kreek echter last van zijn hart en na een pittige medische ingreep en een gedwongen rustperiode heeft hij onlangs zijn wekelijkse fietstocht weer kunnen hervatten.
Geplaatst door Piet van der Meer, 26 september 2018 20:46:20

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web